Loterijen, en dan met name die ene rondom kerst: El Gordo. De Spanjaard waagt graag een gokje, en al helemaal als het El Gordo betreft. Als er iets is dat de kerst inluidt, dan is het deze loterij wel. Zingende kinderen en een prijzenpot waar je u tegen zegt: op 22 december is het weer zover.
Het is misschien niet het eerste waar je aan denkt bij Spanje, maar El Gordo is net zo Spaans als tapas en siësta. Elk jaar op 22 december om precies 09.00 uur begint in het Teatro Real in Madrid de trekking van de bekendste kerstloterij ter wereld. Het hele land staat dan even stil. Met een prijzenpot van miljarden euro’s en een hoofdprijs van vier miljoen euro is El Gordo precies wat zijn naam belooft: een dikke, vette winst…
En wie maakt er kans? Bijna iedereen, want er zijn maar weinig Spanjaarden die niet meespelen met deze kerstloterij in Spanje. In aanloop naar 22 december leeft de loterij al weken, zo niet maanden. In steden en dorpen verschijnen overal verkooppunten en bij beroemde kiosken staan lange rijen voor dat ene nummer. Loten zijn niet goedkoop; een décimo, een tiende van een volledig lot, kost twintig euro.
De kans op de hoofdprijs is klein (volgens de kansberekeningen 0,001 procent), maar toch doet bijna iedereen mee. Vaak niet alleen, maar samen: met collega’s, familie, vrienden, het barretje op de hoek of de vaste sportclub. Loten delen is hier een traditie pur sang; je deelt niet alleen de winst, maar ook het verlies.
Oorsprong van de Spaanse loterijliefde
De liefde voor loterijen in Spanje ontstond verrassend genoeg met een verbod. In 1763 besloot koning Karel III van Spanje paal en perk te stellen aan destijds populaire gokspelen zoals faraón en baceta. Dat waren van oorsprong Franse en Italiaanse spellen, voorlopers van moderne casinospelen.
De spellen veroorzaakten schulden, werden gezien als moreel twijfelachtig en leverden de staat niets op. Eén uitzondering bleef bestaan: de loterij. Die kende Karel uit Napels. Hij zag er een gecontroleerde manier in om geld op te halen voor de schatkist, zonder openlijk gokken aan te moedigen.
Officieel werd de loterij gepresenteerd als een deugdzaam alternatief, waarbij de opbrengst bestemd was voor ziekenhuizen, weeshuizen en andere liefdadige instellingen. In de praktijk paste het echter perfect binnen zijn beleid van staatsmonopolies: een praktische oplossing die langzaam uitgroeide tot een volksgebruik.
Van Lotería Primitiva naar nationale traditie
De eerste Spaanse loterij, de Lotería Primitiva, werkte anders dan nu. Spelers kozen zelf nummers en hoopten op het terno: drie juiste getallen. Ondanks kritiek van de katholieke kerk werd het spel al snel razend populair.
In 1812, tijdens de onafhankelijkheidsoorlog tegen Napoleon, introduceerden de Cortes van Cádiz de lotería nacional. Loten werden voortaan verkocht in biljetten, verdeeld in décimos, waarbij een décimo staat voor een tiende van een volledig lot. Daardoor werd meespelen betaalbaar voor een veel groter publiek. De eerste trekking vond plaats op 18 december 1812 in Cádiz. Een traditie was geboren.
Rituelen, rijen en beroemde loten
Wie El Gordo wil begrijpen, moet verder kijken dan de cijfers. De kerstloterij is doordrenkt van rituelen: van het kopen tot het trekken van de loten.
Wie in december door het centrum van Madrid loopt, herkent het meteen: de lange rij voor Doña Manolita, het beroemdste loterijkantoor van Spanje. Sinds 1879 verkopen ze hier hoop in de vorm van een décimo. De oprichtster, Manuela de Pablo, was haar tijd ver vooruit: een muze voor kunstenaars en een succesvolle zakenvrouw in een periode waarin ondernemende vrouwen een uitzondering waren. Dat tussen 1924 en 1928 meerdere grote prijzen in Madrid vielen, maakte haar naam definitief synoniem met geluk.
Door heel Spanje zijn er verkooppunten die bekendstaan als afortunados, omdat er vaker prijzen zouden vallen. Een opvallend voorbeeld is Manises, een kleine gemeente net buiten Valencia met krap 30.000 inwoners. El Gordo is daar al zeven keer gevallen, een uitzonderlijk hoog aantal naar verhouding.
Veel spelers zweren bij hun vaste kiosk, soms al generaties lang. Nummers worden gekozen op basis van geboortedata, jubilea, huisnummers of gebeurtenissen uit het nieuws. Anderen reizen speciaal naar een dorp of stad waar El Gordo eerder viel, in de hoop dat het geluk zich herhaalt. Ook het kiezen van de nummers is geen sinecure, al kan technologie daar tegenwoordig een handje bij helpen.
Het lotnummer dat volgens AI kans maakt op hoofdprijs ‘El Gordo’
De zingende kinderen van San Ildefonso
Tijdens de trekking is er een hoofdrol weggelegd voor de kinderen van het Colegio de San Ildefonso. Al sinds 1812 zingen zij de winnende nummers en prijzen. Deze school, ooit een weeshuis, inmiddels een van de oudste openbare scholen van Madrid en wordt bezocht door kinderen uit cultureel diverse en sociaal kwetsbare gezinnen.
Waarom juist deze school ooit werd gekozen voor de loterij, weet niemand precies. Vermoedelijk is het omdat de kinderen veel zangervaring hadden doordat ze regelmatig zongen bij officiële ceremonies. Ook hier weer een praktische keuze die het begin werd van een vaste traditie.
En wat voor een traditie. Maanden van tevoren beginnen de voorbereidingen. Tijdens de audities, volgens directrice Charo Rodríguez een serieuze aangelegenheid, let de jury op van alles: een heldere stem, perfecte uitspraak, geen podiumvrees en vooral handigheid met cijfers.
Twee aan twee halen de kinderen houten balletjes uit twee grote bronzen trommels: een met de nummers, een met de prijzen. Terwijl de zaal muisstil luistert, zingen ze de winnende combinaties in een karakteristieke, bijna hypnotiserende toon. De ceremonie wordt elk jaar live uitgezonden op televisie en radio en duurt uren. In die tijd zingen de kinderen meer dan 13.000 prijzen.
Kerst begint met El Gordo
Voor veel Spanjaarden begint de kerst pas echt als El Gordo op 22 december is gevallen. Naderhand kijkt iedereen samen of iemand “iets” heeft gewonnen. Zelfs een kleine prijs, de zogeheten pedrea, is reden genoeg voor een gezellig samenzijn, uiteraard met een drankje en een tapa.
De prijzenpot van El Gordo is enorm. In totaal wordt er meer dan 2,5 miljard euro uitgekeerd. Van de hoofdprijs van vier miljoen euro per biljet (oftewel 400.000 euro per décimo), tot talloze kleinere bedragen. Over prijzen boven een wettelijk vrijgesteld bedrag heft men in Spanje 20 procent belasting.
Toch draait de kerstloterij in Spanje niet alleen om geld. Vrijwel niemand speelt alleen en mensen delen de winst vaak met elkaar. Misschien is dat wel de kern van het succes van El Gordo.
In cijfers
Al dat gezang maakt El Gordo tot de langstdurende trekking van een Europese loterij.
Het laagste nummer dat ooit de hoofdprijs won was 00015, het hoogste 99715.
De meeste winnende nummers eindigen op 5.
De enige cijfers die nog nooit met El Gordo zijn geëindigd, zijn 09 en 10.
Veel Spanjaarden bewaren hun lot als souvenir of aandenken.
En al gelooft slechts een kleine minderheid echt dat ze zullen winnen, bijna iedereen doet toch mee. Want meespelen is meevieren; en ook dat is een Spaans cultureel gebruik.
Kans maken op El Gordo: zo kun je vanuit het buitenland meedoen aan de Lotería de Navidad