Merinowol is tegenwoordig opnieuw populair en in de mode. Steeds meer merken gebruiken het weer, omdat consumenten bewuster kiezen en op zoek zijn naar natuurlijke en duurzame materialen. Het merinoschaap speelt daarin een belangrijke rol, want haar wol is zacht, sterk en prettig om te dragen. Tegelijk staat het ras onder druk door goedkope synthetische vezels, leeglopende dorpen en veranderingen in de landbouw. Daarom werken verschillende organisaties aan herstel, zodat de Spaanse merino haar waarde en bekendheid kan behouden.
De oorsprong van de merino is niet helemaal duidelijk. Onderzoekers denken dat het ras is ontstaan uit een mengsel van Spaanse schapen en dieren uit Noord‑Afrika of het oostelijke Middellandse Zeegebied. Wel is zeker dat de merino het resultaat is van eeuwenlange selectie op wolkwaliteit en nauw verbonden is met de geschiedenis van de Spaanse veeteelt.
Van streng bewaakt geheim tot wereldsucces
Eeuwenlang mocht niemand merinoschapen uit Spanje meenemen. De kroon beschermde het ras streng, omdat de wol een belangrijke bron van rijkdom was. In de achttiende eeuw veranderde dat en werden de dieren naar andere landen gebracht. Nu leven er honderden miljoenen merinoschapen, vooral in Australië, Zuid‑Afrika, Argentinië, Uruguay en de Verenigde Staten. Veel van deze dieren stammen af van de oorspronkelijke Spaanse merino.
De crisis van de wol
Vanaf de jaren vijftig daalde de wolprijs sterk. Wol werd een bijproduct, terwijl de kosten voor boeren stegen. De merino bleef wel waardevol voor vlees en melk, maar de wol alleen levert te weinig op. Veel boeren stapten over op snelgroeiende vleesrassen en de traditionele seizoensmigratie van kuddes verdween langzaam door hogere kosten en gebrek aan opvolging.
Hoe Spanje de wolkwaliteit wil verbeteren
De nationale fokkersvereniging werkt samen met de Universiteit van Córdoba aan genetische verbetering. Ze richten zich op langere en fijnere vezels en op een betere kwaliteit van de kudde. Ook bestaat er een officieel label dat de herkomst van Spaanse merinowol garandeert. Dit moet consumenten helpen om wol van Spaanse oorsprong te herkennen en waarderen.
Luxeproducten als nieuwe kans
Sommige bedrijven richten zich op wol van topkwaliteit voor de luxemarkt. Het modehuis Oteyza is daarvan een voorbeeld. Het bedrijf wil de Spaanse merinowol opnieuw internationaal op de kaart zetten. Hun wol heeft een bijzondere elasticiteit en sterkte, waardoor ze stoffen van zeer hoge kwaliteit kunnen maken. Het bedrijf werkt direct met boeren en met het Museo del Traje in Madrid om oude technieken en tradities te herstellen en te gebruiken in moderne ontwerpen.
Duurzaamheid als motor voor verandering
Wereldwijd groeit de vraag naar duurzame materialen. Merinowol past goed bij deze trend, omdat het een natuurlijke en afbreekbare vezel is. De fokkersvereniging probeert grote modebedrijven te overtuigen om weer met Spaanse wol te werken. Ze benadrukken dat merinoschapen bijdragen aan het behoud van het landschap, de biodiversiteit en het leven op het platteland. De dieren helpen bovendien om bossen open te houden en graslanden gezond te houden.
Het belang van transhumance
Transhumance, de traditionele verplaatsing van kuddes, is volgens veel boeren een belangrijk cultureel erfgoed. Het helpt het landschap gezond te houden en voorkomt dat bossen dichtgroeien. De UNESCO erkent deze praktijk als immaterieel erfgoed. Boeren vinden dat deze traditie beter moet worden beschermd en dat de overheid meer steun moet bieden.
Een toekomst met nieuwe kansen
Het merinoschaap is niet alleen economisch belangrijk, maar ook een symbool van Spaanse geschiedenis en cultuur. In een tijd waarin mensen letten op kwaliteit, herkomst en duurzaamheid, heeft de Spaanse merino opnieuw veel potentie. De uitdaging is om traditie en moderne markt te verbinden, zodat het ras weer kan schitteren en zijn plaats in de wereldwijde mode behoudt.