La Linea is ook de eerste gemeente in Spanje waar het onderzoek naar de zogenoemde ‘gestolen baby’s voor de rechter is gekomen en waar de openbaar aanklager over voldoende bewijzen beschikt om te concluderen dat er sprake is van criminele feiten.
In de meeste gevallen, in heel Spanje werden 800 gelijksoortige zaken ingediend, is het onderzoek (nog) niet voor de rechter gekomen.
Binnenkort worden er gelijksoortige opgravingen verwacht van 2 baby’s in Cádiz en 1 in Málaga. Het doel van de opgravingen is te onderzoeken of het DNA van de betreffende baby’s oveenkomt met dat van hun vermeende ouders.
Is dat niet het geval dan kan ervan uitgegaan worden dat de gezonde kinderen illegaal ter adoptie zijn aangeboden en dus zeer waarschijnlijk nog in leven zijn.
Schandaal
De betrokken ouders in La Linea vermoeden dat hun baby die in de jaren zeventig werd geboren helemaal niet bij de bevalling is overleden en onderdeel uitmaakt van het grote ‘gestolen baby-schandaal’.
Vanaf de beginjaren na de Spaanse Burgeroorlog tot ver in de jaren 70 en soms wel 80 werden baby’s illegaal ter adoptie aangeboden. Eerst nog op basis van ideologische motieven, maar later vanwege het economische aspect: per baby ontvingen nonnen, artsen en andere betrokken personen omgerekend zo’n 1.000 euro.
Aantallen
Over de hoeveelheid gestolen baby’s lopen de schattingen uiteen van 30.000 tot zelfs 300.000. Emilio Silvo, directeur van de Stichting Anadir, die opkomt voor de belangen van slachtoffers van illegale adoptie, zegt dat er naar zijn ‘zorgvuldige’ schatting tegen de 300.000 kinderen van hun ouders werden ontvreemd.
DNA-databank
Vorige week werd bekend dat het Nationaal Toxicologisch Instituut (INT) een DNA-databank opent waar gratis alle genetische informatie kan worden opgeslagen en onderzocht van de bijna 800 betrokkenen die een zaak hebben ingediend onder vertegenwoordiging van Anadir.