Prinses Cristina hoeft niet voor te komen in zaak Noós

door Else BeekmanElse Beekman
Gepubliceerd: Laatst gewijzigd
Prinses Cristina hoeft niet voor te komen in zaak Noós

De rechtse groepering Manos Limpias had het Hof verzocht om een verklaring van de dochter van de Spaanse koning middels een document van zes pagina’s met vermeende aantijgingen tegen de prinses en echtgenote van Iñaki Urdangarín, een van de hoofdverdachten in de zaak.

Urdangarín wordt ervan verdacht zo’n 5,8 miljoen euro aan publiek geld te hebben weggesluisd via zijn Stichting Noós naar andere bedrijven onder zijn beheer, waaronder Aizoon.

Manos Limpias beweert dat prinses Cristina, als mede-aandeelhouder van Aizoon, wel degelijk op de hoogte moet zijn geweest van de zelfverrijking van haar echtgenoot. Tevens zou zij een renovatie van haar huis hebben bekostigd met geld dat Urdangarin op illegale wijze had verkregen.

Gebrek aan bewijs

De rechter, José Castro, die de zaak onder zijn hoede heeft, vindt dat er een gebrek aan bewijs tegen de prinses is. Geen enkele getuige of mede-verdachte heeft de Spaanse prinses betrokken bij de fraudezaak. Tevens sprak hij de woorden: ‘weten betekent niet per definitie deelnemen’. 

El País, El Mundo