Gaat Spanje door de knieën dan is het zo goed als gedaan met het Europese monetaire avontuur. De oplossing voor Spanje is de oplossing voor Europa en vice versa.
De financiële markten zijn terecht in rep en roer over de Spaanse begrotingsproblemen. Spanje maakt 10% van het bbp van de eurozone uit. De Spaanse economie is vijf keer zo groot als Griekenland en heeft zes keer de omvang van de Portugese economie.
Politieke hindernissen
Spanje is opgedeeld in 17 autonome regio’s, die grondrechtelijk elk afzonderlijk veel van de eigen uitgaven kunnen bepalen. Een groot aantal regio’s heeft de schulden behoorlijk laten oplopen. Dat geldt vooral voor Catalonië en Andalusië, regio’s waar de partij van de Spaanse president Mariano Rajoy het niet voor het zeggen heeft.
De Spaanse regering voelt de noodzaak nog eens €10 mrd extra te bezuinigen om Brussel niet opnieuw te moeten teleurstellen en eind dit jaar op een begrotingstekort van 5,3% uit te komen. Gezien het politieke bestel in het land is dat geen sinecure. Rajou wil vooral bezuinigen op onderwijs en zorg, uitgavenposten die decentraal bepaald worden. In Catalonië en Andalusië hebben ze dit al weggewuifd.
Een groot politiek opstakel dus en dat zien de financiële markten ook. Die ruiken dat de kredietwaardigheid van het Zuid-Europese land in het geding is gekomen. Door de stijgende Spaanse marktrente komt de begroting alleen maar verder onder druk.
Europa in het klein
De problemen in Spanje zijn in belangrijke mate van politieke aard. Goed, het land kampt met een torenhoge werkloosheid van circa 23% en de private sector (gezinnen, bedrijven en banken) dragen een enorme schuldenlast van bijna 230% van het bbp met zich mee, vooral door de vastgoedcrisis.
Maar toch zou je kunnen zeggen dat Spanje Europa in het klein is. Ook in Europa geldt dat het economische probleem alleen kans heeft opgelost te worden als de politiek zich achter dezelfde oplossing schaart.
Zou Spanje er in slagen de autonome regio’s weg te bezuinigen dan zou dit alleen al €48 mrd opleveren, puur vanwege minder bureaucratie en meer efficiency.
Noodfonds niet toereikend
Natuurlijk is er het Europese noodfonds, inmiddels €700 mrd groot, maar dat biedt onvoldoende soelaas. Alleen de schuld van Spanje bedraagt al dik €1.000 mrd. Eventuele besmetting naar Italië en Frankrijk maakt het probleem niet meer te overzien.
En dat het noodfonds de financiële markten ervan zou weerhouden de rente van een probleemland op te jagen mag nu gelijk naar het land der fabelen. Kapitaalinjecties van de ECB hebben alleen een tijdelijk effect.
Spaanse hervormingen
Wat moet er gebeuren? Natuurlijk moet Spanje snel alle noodzakelijke hervormingen doorvoeren om de economie krachtiger en meer concurrerend te maken.
Goede kans echter dat Spanje er niet op zichzelf in zal slagen de binnenlandse politieke structuur te wijzigen en de fiscale verantwoordelijkheid van de regio’s weet te centraliseren in Madrid.
Goede kans dus ook dat Europa zijn schuldenprobleem niet de baas kan en de unie alsnog uiteen zal spatten.
Europese politieke unie
Wat dat betreft is het eens te meer duidelijk dat Europa geen toekomst heeft zonder dat het zich ontpopt tot een fiscale en zelfs politieke unie. Alle begrotingen en grote politieke besluiten naar Brussel, waarvandaan de gelden worden verdeeld.
De regioproblematiek in Spanje zou dan ook van de baan zijn. Rajou kan zijn politieke vrienden in de te sociale gebieden gewoon op de regels van Brussel wijzen.
Het rijke Noord-Europa zal dan wel meer moeten delen met het Zuiden, maar ach, wij laten onze Limburgers toch ook niet zitten.