Drie strategieën van expert tegen klimaatrampen: “Spanje moet nú handelen”

Volgens landschapsarchitect Iñaki Alday zijn overstromingen onvermijdelijk, maar zijn catastrofes te voorkomen — mits we nú ingrijpen.

door Judith Goeree
Overstroming woonwijk

Het is niet eens nodig om te praten over het al dan niet bestaan van klimaatverandering in Spanje. Het volstaat om terug te kijken naar de gebeurtenissen van de afgelopen jaren: de extreme droogte tussen 2021 en 2025, de bosbranden, de hittegolven en hittedoden van deze zomer, en de verwoestende DANA’s in het voor- en najaar van 2024 en 2025. Spanje staat onder druk door een groeiend waterprobleem — of het nu te veel, te weinig of vervuild is — én met de steeds extremere zomertemperaturen.

De combinatie van extreme droogte en verwoestende regenval legt bloot hoe kwetsbaar Spanje is. En hoe dringend er maatregelen nodig zijn — niet alleen om de oorzaken van klimaatverandering te bestrijden, maar vooral om ons aan te passen aan de gevolgen.

Expert pleit voor dringende actie

Architect en landschapsontwerper Iñaki Alday, onder meer verantwoordelijk voor het Parque del Agua in Zaragoza — een stadspark dat ook dienstdoet als overloopgebied bij hoogwater van de Ebro — doet drie concrete voorstellen. In een opiniestuk in El País pleit hij voor actie, en snel.

De Spaanse overheid zet inmiddels grote stappen in het beperken van de oorzaken van klimaatverandering — met name door over te schakelen van fossiele naar hernieuwbare energie. Maar op het gebied van aanpassing aan extreme weersomstandigheden, zoals droogte, overstromingen en hitte, blijven de inspanningen versnipperd, kleinschalig en onvoldoende. Juist daar ligt nu de grootste urgentie.

De rivier als bondgenoot

Lang geleden leerden we rivieren te temmen. We goten ze in betonnen kanalen, versmalden hun bedding, en bouwden steden tot aan hun oevers. Maar bij extreme regenval verandert die controle in gevaar. Het water vindt geen uitweg en zoekt zijn eigen pad — vaak door woonwijken en over landbouwgrond.

Alday pleit voor een nationaal plan dat rivieren en droge beddingen opnieuw ruimte geeft. Niet uit nostalgie om de natuur te herstellen, maar als strategie, om waterveiligheid te garanderen. Hij verwijst daarbij nadrukkelijk naar Nederland, waar het programma Room for the River internationale erkenning kreeg. Ook Spanje heeft zulke maatregelen nodig: strategische verbreding van rivierbeddingen, opvangzones in landbouw- en natuurgebieden, en steden die regenwater opnemen in plaats van afvoeren. Zulke ingrepen maken overstromingen beheersbaar in plaats van catastrofaal.

De drie voorstellen van expert Iñaki Alday

In Pamplona werd het Aranzadi-park zo ontworpen dat het bij hoogwater van de rivier Arga als overloopgebied fungeert. In Zaragoza dempt het Parque del Agua de kracht van de Ebro. Zulke voorbeelden tonen dat steden en rivieren wel degelijk samen kunnen gaan, mits we het water de ruimte geven. Alday stelt drie strategieën voor die niet alleen rampen kunnen voorkomen, maar ook leven kunnen brengen. Drie ideeën om te voorkomen dat natuurgeweld levens blijft nemen en onherstelbare schade toebrengt.

Schaduw als bescherming

Terwijl de thermometer 38 graden aanwijst, is het op hoofdhoogte van een kleuter soms meer dan 50 graden. Dat verschil is niet abstract — het is het verschil tussen leven en dood. Tijdens de hittegolf van 2025 stierven 458 mensen in Madrid en Barcelona. En de hitte treft niet iedereen gelijk. In rijke wijken zorgen bomen voor verkoeling, in arme wijken is het asfalt genadeloos.

Daarom is stedelijke herbebossing geen luxe, maar noodzaak. Bomen verlagen de temperatuur, zuiveren de lucht en bieden psychologische rust. Ze maken een straat leefbaar. Alday pleit voor een systematische vergroening van steden en dorpen, met prioriteit voor de meest kwetsbare buurten. Want verkoeling is ook een kwestie van rechtvaardigheid.

Steden als bronnen van leven

We zijn gewend steden te zien als verbruikers van water — plekken waar water komt, vervuild wordt en verdwijnt. Maar volgens Alday moeten steden juist zélf water gaan produceren: niet afvalwater, maar schoon water dat rivieren voedt en grondwater aanvult. Rioolwaterzuiveringsinstallaties kunnen onderdeel worden van groene parken waar mensen recreëren. Stormwatertanks hoeven geen verborgen betonnen bakken te blijven, maar kunnen functioneren als openbare meren. Regenwater hoeft niet meer linea recta naar zee, maar kan de bodem in trekken en het grondwater aanvullen.

In India bestaan al eeuwenlang trapvormige reservoirs die als drinkwaterbron dienen. In New York is het meer in Central Park een icoon van stedelijke wateropslag. Waarom zouden Spaanse steden niet hetzelfde kunnen doen? Steden kunnen een bron van schoon water worden, in plaats van een eindstation.

Geen ideologie, maar urgentie

Deze drie strategieën — ruimte voor rivieren, bomen tegen hitte, en steden als waterbron — zijn geen droombeelden. Ze zijn technisch haalbaar, economisch verstandig en sociaal rechtvaardig. Wat ontbreekt is een nationaal plan, coördinatie en politieke wil.

De stormen komen toch wel. De vraag is: zijn we erop voorbereid?

Pedro Sánchez: “Klimaatverandering grootste uitdaging voor Spaanse landbouw- en voedingssector”