Spanje is een grote voorstander van een toekomst met volledig elektrische auto’s. Premier Sánchez roept daarom Brussel op om het geplande verbod op verbrandingsmotoren vanaf 2035 niet af te zwakken. Verder betekent dat ook geen hybride auto’s meer na 2050. Maar achter gesloten deuren groeit in de EU juist de twijfel.
Premier Pedro Sánchez heeft samen met Frankrijk een duidelijke oproep gedaan aan Ursula von der Leyen, voorzitter van de Europese Commissie: houd vast aan het besluit om vanaf 2035 geen nieuwe auto’s met een verbrandingsmotor meer toe te laten. En ga nog een stap verder: zorg dat ook hybride auto’s vanaf 2050 uit het straatbeeld verdwijnen.
Hiermee positioneert Spanje zich als een van de hardste voorvechters van de elektrische transitie, in tegenstelling tot andere landen die vragen om meer flexibiliteit. Zo zijn er binnen de Europese Commissie geluiden om ruimte te laten voor alternatieven als synthetische brandstoffen (e-fuels) en biobrandstoffen. Spanje ziet deze oplossingen echter niet als duurzaam genoeg.
EU zoekt balans tussen klimaat en industrie
Sinds het verbod op nieuwe benzine- en dieselauto’s vanaf 2035 werd aangekondigd, staat de Europese auto-industrie onder druk. Fabrikanten worstelen met de omschakeling. Volgens schattingen staan er bovendien ruim 100.000 banen op het spel.
Brussel kijkt daarom opnieuw naar de plannen. Mede ingegeven onder druk van landen waar de industrie nog niet klaar is voor volledige elektrificatie en waar hybride modellen nog populair zijn. In die context klinkt de Spaanse oproep extra gedurfd, vooral voor een land waar de auto-industrie goed is voor 11 procent van het bbp en werk biedt aan circa twee miljoen mensen.
Spanje kiest de elektrische weg
Opmerkelijk is dat het Spaanse standpunt niet alleen politiek is, maar ook wordt ondersteund door marktcijfers. In oktober 2025 was liefst 65,6% van alle nieuwe auto’s in Spanje hybride of volledig elektrisch, zo blijkt uit cijfers van brancheverenigingen Anfac, Faconauto en Ganvam.
Dat komt neer op 63.483 voertuigen in één maand, een groei van ruim 40 procent ten opzichte van vorig jaar. Vooral plug-in hybrides (+145,6%) en volledig elektrische auto’s (+90,1%) doen het goed. De Spaanse consument lijkt daarmee al volop in te stappen in de elektrische toekomst waar de regering op aanstuurt.
Beperkte laadinfra legt pijnpunt bloot
Toch wringt het Spaanse pleidooi voor een snellere overstap naar elektrisch juist wat de infrastructuur betreft. Spanje telt inmiddels zo’n 50.000 laadpunten. Dat klinkt als veel, maar uit Europese cijfers blijkt dat het land qua laadpunten per hoofd van de bevolking op de 19e plaats staat. Landen als Estland, Letland, Slovenië, Portugal en Oostenrijk hebben allemaal meer laadpunten. En als het gaat om snelladers, zakt Spanje zelfs naar plek 22. Deze cijfers komen uit een onderzoek uitgevoerd door Motointegrator samen met DataPulse Research op basis van gegevens van de Europese Commissie voor de EU27.
Vooral buiten de grote steden is het netwerk vaak dun bezaaid. Volgens een analyse van de Europese Commissie zijn er in het binnenland nog altijd lange trajecten waar de afstand tussen laadpunten groter is dan 40 kilometer. Dat is precies de drempel waarbij veel automobilisten zich onzeker gaan voelen. Het installeren van nieuwe laadpunten is extra problematisch door bureaucratische obstakels en de beperkte capaciteit van het Spaanse elektriciteitsnet.
Spanje steekt hiermee mager af tegen landen als Nederland, Duitsland en Frankrijk, waar het netwerk sneller uitbreidt én meer laadvermogen biedt. Critici stellen dan ook dat een snellere transitie alleen haalbaar is als de laadinfrastructuur daarmee gelijk op gaat.
Grote risico’s voor industrie
Ook zijn er zorgen over de industriële kant van de transitie. Spanje heeft wel plannen voor accufabrieken van Volkswagen en Stellantis, maar de productie is nog niet op gang. Zonder eigen batterijproductie dreigt de Europese industrie afhankelijker te worden van Aziatische leveranciers. Dat maakt de overgang risicovol, vooral in landen waar veel hybride modellen worden gebouwd, zoals in de fabrieken van Toyota, Renault en Peugeot in Spanje.
Ook in Nederland speelt een vergelijkbare discussie. De overheid mikt op volledig emissievrije verkoop vanaf 2030, maar hybrides blijven voorlopig populair bij zowel particulieren als bedrijven. Een algeheel verbod op hybrides, zoals Spanje voorstelt, zou die transitie nog ingewikkelder maken.
De Europese Commissie moet binnenkort beslissen of het oorspronkelijke plan voor 2035 blijft staan of dat er toch uitzonderingen komen. Wordt het een rechte weg naar elektrisch rijden, of komen er omwegen via e-fuels en plug-in hybrides?