Doñana terug in de tijd na uitzonderlijke regen: Tartessische Golf ‘zichtbaar’

door Else BeekmanElse Beekman
Volgestroomde moerasvlaktes in Doñana: Tartessische Golf lijkt te herleven

In het kort

  • Doñana staat uitzonderlijk vol water, zo tonen satellietbeelden.
  • Het waterbeeld lijkt sterk op de Tartessische Golf, een verdwenen baai uit de Oudheid.
  • Die oude binnenzee veranderde door dichtslibbing in moeras en overstromingsvlakte.
  • Deze natte winter is hoopgevend, maar zeldzaam in een regio met veel waterstress.
  • Bezoeken kan nog steeds: ga mee met een geautoriseerde 4×4-gidstocht.

Een uitzonderlijk natte winter heeft Doñana bijna volledig onder water gezet. Op recente satellietbeelden lijkt het landschap daardoor opvallend op wat ooit de Tartessische Golf was: een binnenzee‑achtig watergebied dat in de Oudheid de omgeving van Sevilla, Cádiz en de monding van de Guadalquivir met elkaar verbond.

Op 14 februari maakte een Sentinel‑2 satelliet van het Europese Copernicus‑programma een opname waarop de marisma (moerasvlakte) van Doñana vrijwel geheel blauw kleurt: alleen de hoogste zandruggen blijven als eilanden boven water. Dit hydraulogische jaar viel hier al rond de 580–600 liter regen per vierkante meter gevallen, een waarde die sinds 2009/2010 niet meer werd gehaald.

Tartessische Golf

Die hoeveelheid regen heeft de laaggelegen delen van de rivier Guadalquivir zo vol laten lopen dat de kaart haast één op één lijkt op reconstructies van de Tartessische Golf, in historische bronnen ook bekend als Lacus Ligustinus. Waar nu moerasvlaktes en natuurgebied liggen, strekte zich ooit een ondiepe binnenzee uit tussen het huidige Sevilla, Sanlúcar de Barrameda en de kust van Huelva met kreken, eilanden en getijdengeulen.

Volgens geologische studies bereikte dit mariene systeem zijn maximale uitbreiding in de periode na de laatste ijstijd, zo’n 6.000 jaar geleden, toen de zeespiegel hoger lag en de deltazone veel verder landinwaarts reikte. De rivier die wij nu als Guadalquivir kennen (Betis genoemd in de Romeinse tijd), mondde toen niet uit in de Atlantische Oceaan bij Sanlúcar, maar veel dichter bij de huidige stad Sevilla.

Van binnenzee naar marisma

Deze binnenzee vulde zich door de eeuwen heen geleidelijk met sediment uit de binnenlanden. Rivierslib, overstromingen en de vorming van kustbarrières van zand zorgden ervoor dat de open verbinding met de Atlantische Oceaan langzaam dichtslibde en de zee zich terugtrok.

Onderzoekers plaatsen de beslissende fase van ‘dichtslibbing’ tussen het late Romeinse tijdvak en de Middeleeuwen. Aardbevingen en tsunami’s in de Golf van Cádiz speelden vermoedelijk een rol bij de snelle herinrichting van het estuarium, Naast natuurlijke sedimentatie. R

Zo veranderde de oude Tartessische Golf in essentie in een  uitgestrekt moeras- en overstromingsgebied. De voorloper van de huidige marismas van Doñana en de monding van de Guadalquivir. De rivier heeft sindsdien zijn loop verder verlegd en mondt nu ten zuiden van Sanlúcar. Het zeer vlakke achterland loopt bij extreme regenval nog altijd vol.

Doñana: biodiversiteit op een oude zeebodem

Wat nu als Nationaal Park El Coto de Doñana beschermd wordt, rust letterlijk op de afzettingen van de verdwenen golf. De combinatie van oude zandduinen, kleiige moerasgrond en zoute of zoete plassen creëert een mozaïek aan unieke habitats. Deze zijn essentieel voor honderdduizenden trekvogels en soorten als de keizerarend en de Iberische lynx.

Die natuurlijke rijkdom staat in het licht van het vele water dat er nu is te zien paradoxaal genoeg al decennialang onder druk van langdurige droogte. Ook dammen stroomopwaarts en vooral illegale wateronttrekkingen voor intensieve landbouw in de omgeving spelen de natuur hier parten.

Een recente studie met satellietbeelden en algoritmen waarschuwde voor het verdwijnen van Doñana als wetland op termijn, als het huidige waterbeheer niet ingrijpend verandert.

De beelden van februari 2026 zijn daarom enerzijds hoopgevend: Doñana toont zich weer op zijn best, maar ze benadrukken tegelijk hoe uitzonderlijk zeldzaam zulke natte jaren zijn geworden.

De regen van nu als les uit het verleden

De bijna volledige overstroming van de marisma deze winter geeft een zeldzame “live” demonstratie van hoe het landschap er in het tijdperk van Tartessos ongeveer moet hebben uitgezien.

Dit is niet alleen een curiositeit voor geologen en historici, maar ook een waarschuwing en een kans. De regio ziet hoe snel het systeem kan herstellen als er voldoende water beschikbaar is, maar tegelijkertijd ook hoe kwetsbaar het is als de natuurlijke dynamiek structureel wordt beperkt door menselijk gebruik.

Praktische tips: Doñana bezoeken na een natte winter

Wie Doñana nu wil zien, hoeft zich in principe niet te laten afschrikken door het vele water. Juist in natte weken kan het park extra indrukwekkend zijn, met volle plassen en meer vogelactiviteit. Het belangrijkste om te weten: het hart van Doñana is streng beschermd en je komt er niet zomaar met je eigen auto. Bezoeken aan het nationale park verlopen vooral via officiële, geautoriseerde excursies met gesloten 4×4-voertuigen. Tours gaan gewoon door, al kan een route ter plekke zijn aangepast als gevolg van het vele water.

Handige vertrekpunten en tijden

Veel excursies vertrekken vanaf bezoekerscentra zoals El Acebuche (bij Matalascañas) en La Rocina. In het winterschema (globaal tot eind april) zijn er doorgaans twee vaste startmomenten, rond 08.30 uur en 15.00 uur. De rondritten duren vaak 4 uur met stops bij duinen, uitkijkpunten en observatieplekken. De prijzen beginnen rond 35 euro per persoon.