Valencia was op 29 december opnieuw het toneel van grootschalige protesten. Ruim 80.000 mensen trokken de straten van de stad in om het aftreden te eisen van Carlos Mazón, de president van de Generalitat Valenciana.
De protesten, georganiseerd door een coalitie van meer dan 60 organisaties, richtten zich op de gebrekkige hulpverlening na de vernietigende overstromingen van 29 oktober. Dit is de derde grote demonstratie sinds de ramp.
Een stad in beweging
Vanaf 18.15 uur vulde een colonne van bijna een kilometer de hoofdstraten van Valencia, onderweg naar de Plaza de América. Aan het hoofd van de stoet reden zeven tractors, symbool voor de boeren die sinds de ramp actief zijn met het opruimen van puin. Volgens de organisatoren staan deze tractors symbool voor de solidariteit van het platteland.
De demonstranten eisen allereerst het aftreden van Mazón. Verder willen ze snellere financiële hulp voor de getroffen inwoners en aandacht voor basisvoorzieningen zoals huisvesting. Twee maanden na de ramp zijn veel mensen nog steeds dakloos, kampen getroffen gebieden met gezondheidsrisico’s en staan garages en liften nog altijd onder water.
Persoonlijke verhalen van pijn en frustratie
De demonstratie stond bol van persoonlijke getuigenissen. Zo liep Aitana Martínez (21) mee ter nagedachtenis aan haar grootvader, een van de slachtoffers van de overstromingen. “Hij verdronk in zijn eigen huis. Tot op de dag van vandaag hebben we nog geen hulp ontvangen,” vertelde ze.
Alex Carabal (46), brandweerman en zelf slachtoffer, beschreef de aanhoudende problemen in zijn dorp. “Er zijn nog steeds geen oplossingen voor de meest urgente situaties,” aldus Carabal. Toni Dalmau (69), die door zijn dochter in een rolstoel werd voortgeduwd, benadrukte hoe rampzalig de situatie is voor mensen met beperkte mobiliteit. “Voor ons is de impact twintig keer groter,” zei hij. De lift in zijn gebouw werkt niet, waardoor hij moeilijk zijn huis kan verlaten.
Een collectieve roep om gerechtigheid
Naast individuele verhalen was er ook een sterke collectieve boodschap. Demonstranten zoals Augusto Epam (48) spraken hun schaamte uit over de situatie. Hij vergeleek de tragere reactie van de autoriteiten in Valencia met de efficiëntere hulpverlening bij rampen elders. “Onze doden verdienen rechtvaardigheid, maar zolang Mazón aan de macht blijft, lijkt dat onmogelijk,” zei hij.
Manifest en telefoonalarmen
De demonstratie eindigde op de Plaza de América, waar een manifest werd voorgelezen. Het leek sterk op dat van de twee voorgaande protesten. Gevraagd werd om het ontslag van Mazón en een verandering in het economisch beleid met het oog op de wederopbouw van de getroffen gebieden. Ook werd de traagheid van de hulp genoemd. “We blijven aan de kaak stellen dat de getroffenen worden ondergedompeld in een bureaucratische maalstroom en eindeloze wachtrijen die echte toegang tot hulp verhinderen”.
“Maanden gaan voorbij en we rouwen nog steeds om de meer dan 200 mensen die zijn omgekomen en degenen die nog steeds vermist worden. Ook zijn we nog steeds boos omdat we weten wie verantwoordelijk is voor de tragedie: Carlos Mazón en zijn Consell”, aldus het manifest. Om 20.11 uur, het tijdstip waarop op 29 oktober de autoriteiten de eerste waarschuwingsberichten verstuurden, lieten de aanwezigen hun telefoonalarmen afgaan.