Wat gebeurde er met de Europese miljoenen voor de Madrid-Sevilla-lijn?

door Else BeekmanElse Beekman
Hoe heeft Spanje Europese mijloenen voor hogesnelheidslijn Madrid-Sevilla besteed?

In het kort

  • Spanje ontving miljoenen van Europa voor verbeteringen van spoortraject Sevilla-Madrid
  • De Europese Commissie wil nu weten hoe dat geld is besteed
  • Vragen naar aanleiding van treinramp bij Adamuz door Spaanse regering nog niet beantwoord

De Europese Commissie wil weten hoe Europese miljoenen zijn besteed die waren bestemd voor de verouderde hogesnelheidslijn Madrid – Sevilla. Na de treinramp bij Adamuz kwam de vraag op, maar is door de Spaanse regering nog steeds niet beantwoord.

De Europese Commissie wilde na het treinongeluk op 18 januari nabij Adamuz (Córdoba) waarbij 46 mensen omkwamen en honderden gewond raakten, weten hoe Spanje de Europese fondsen voor vernieuwing van de hogesnelheidstrein MAdrid-Sevilla heeft ingezet. Hiervoor werd in 2023 nog 111 miljoen euro aan Spanje overgemaakt. Ondanks herhaalde verzoeken heeft Brussel nog geen antwoord op deze vraag gekregen van de Spaanse autoriteiten.

Lijn uit 1992 volgens EU ‘verouderd’

Het traject tussen Madrid en Sevilla is al sinds 1992 in gebruik. Destijds gold het als toonbeeld van moderne infrastructuur. Nu wordt het door de Europese Commissie als verouderd beschouwd, zeker in vergelijking met andere trajecten binnen het Spaanse hogesnelheidsnetwerk. Volgens de Commissie is de lijn ontworpen voor snelheden tot 300 km/u en draait op maximaal vermogen. Echter om aan de Europese normen voor veiligheid en betrouwbaarheid te voldoen, is modernisering hard nodig.

Project loopt tot 2030

De 111 miljoen euro aan fondsen voor het verbeterproject dat tot 2030 mag worden uitgevoerd, vormde onderdeel van twee EU-financieringsrondes (2014-2020 en 2021-2027). De recente treinramp roept vragen op over de voortgang en de besteding van deze Europese miljoenen.

De geplande modernisering betrof niet alleen de rails, maar ook de vervanging van dwarsliggers, structurele versterking van bruggen en tunnels, stabilisatie van taluds, verbetering van afwatering, renovatie van dienstgebouwen, toegangswegen en het aanbrengen van nieuwe hekwerken.

Politieke druk vanuit het Europees Parlement

Ook de Spaanse tak van de Europese Volkspartij (EVP), waar de Partido Popular (PP) deel van uitmaakt, heeft in Brussel alarm geslagen over het uitblijvende antwoord van de Spaanse regering. Volgens de PP signaleerde de Europese Investeringsbank (EIB) in 2022 al dat de lijn aan het einde van haar levensduur was.

Toch kreeg ADIF Alta Velocidad dat jaar een lening van 90 miljoen euro van de EIB, met als doel het moderniseren van de infrastructuur, inclusief spoor, bovenleidingen, seininstallaties, telecommunicatie en de uitrol van het Europese systeem voor treinverkeersbeheer (ERTMS). De totale renovatie werd geraamd op 640 miljoen euro.

De Partido Popular vraagt zich openlijk af of de Spaanse regering het EIB en de Europese Commissie vooraf correct heeft geïnformeerd over het slechte onderhoud van de lijn. Europarlementariër Juan Ignacio Zoido heeft hierover begin februari een schriftelijke vraag ingediend bij de Commissie. Hij wil weten hoe het technisch mogelijk was om deze lijn veilig te blijven gebruiken terwijl al erkend werd dat de systemen en installaties verouderd waren. Daarnaast vraagt hij of Spanje vooraf melding heeft gemaakt van mogelijke tekortkomingen ten aanzien van de Europese veiligheids- en kwaliteitsnormen.

Volgens de PP is de ontvangen financiering noodzakelijk om de hoge standaarden van ‘beschikbaarheid, betrouwbaarheid en veiligheid’ voor deze kritieke verbinding te behouden. De partij dringt erop aan dat zowel het EIB-krediet van 90 miljoen euro als de Europese miljoenen uit 2023 zorgvuldig gecontroleerd worden.