Dénia wil campertoerisme reguleren met nieuwe app

door Judith Goeree
Denia wil campers aan de kust reguleren met app

Dénia ziet het aantal campers langs de kust al jaren toenemen. Vooral in het hoogseizoen staan parkeerplaatsen en strandzones snel vol. De gemeente zoekt nu naar een digitale oplossing om het parkeren beter te controleren en de druk op de openbare ruimte te beperken.

In het kort

  • Dénia onderzoekt een app om het parkeren van campers te registreren.
  • De maatregel moet de maximale verblijfsduur van 24 of 48 uur bewaken.
  • Drie nieuwe serviceplaatsen met lozingspunt zijn gepland.
  • Het plan leidt tot discussie over concurrentie met campings.

Volgens lokale media en uitspraken van wethouder Javier Scotto in het radioprogramma El Debat van COPE Dénia Marina Alta werkt het stadsbestuur aan een app die moet bijhouden hoe lang een camper geparkeerd staat.

Digitale controle op verblijfsduur

De app registreert het moment waarop een camper parkeert. Zo kan de gemeente controleren of de maximale verblijfsduur wordt overschreden.

In Dénia geldt:

  • maximaal 48 uur parkeren in de gemeente,
  • maximaal 24 uur aan de eerste strandlijn.

De regels zijn vastgelegd in de gemeentelijke verordening. Volgens Scotto is handmatige controle langs de hele kust inefficiënt en kostbaar. Met een digitaal register kan de lokale politie sneller zien of een voertuig te lang blijft staan en zo nodig een boete opleggen.

Parkeren mag, kamperen niet

De discussie raakt aan een breder juridisch punt. Het Spaanse verkeersreglement (Reglamento General de Circulación) staat toe dat campers parkeren, maar niet kamperen op openbare weg.

Dénia probeerde eerder strengere beperkingen in te voeren. Die werden echter teruggefloten na een klacht bij de regionale ombudsman van de Comunidad Valenciana. De kern van die uitspraak was dat je één type voertuig niet anders kan behandelen dan andere voertuigen als het om parkeren gaat.

Daarom kiest de gemeente nu voor reguleren in plaats van verbieden.

Drie nieuwe serviceplaatsen

Parallel aan de app wil Dénia drie percelen inrichten met basisvoorzieningen voor campers. Daar kunnen reizigers:

  • zwart en grijs water lozen,
  • schoon water innemen.

Voor de diensten moet waarschijnlijk worden betaald. Zo wil de gemeente de exploitatie financieel houdbaar maken. Het beheer kan in gemeentelijke handen blijven of worden uitbesteed.

Politieke discussie over concurrentie

Niet iedereen is enthousiast. Alfonso Rossy (VOX), zelf ondernemer in de campingsector, noemt het plan een vorm van “institutionele ontrouw” tegenover campings. Volgens hem geeft de gemeente campers ruimte en faciliteiten, terwijl campings aan strengere regels en hogere kosten moeten voldoen.

Rossy uit ook kritiek op het straatbeeld dat volgens hem ontstaat bij grote concentraties campers. In het radiodebat zei hij: “Als je bijvoorbeeld langs El Fernando rijdt, zie je de achterkant van 300 caravans.” Daarmee doelt hij op de visuele impact van rijen geparkeerde voertuigen aan de kust.

Voor andere partijen weegt juist het economische belang van het campertoerisme mee. Zij pleiten voor duidelijke regels die zowel ondernemers als bewoners bescherming bieden.

Groeiende trend in Spanje

Het debat in Dénia past in een bredere trend. In heel Spanje groeit het campertoerisme snel. Vooral kustplaatsen worstelen met vragen over parkeerdruk, afvalwater, concurrentie met campings en de bescherming van natuurgebieden.

Gemeenten zoeken daarom naar een balans tussen economische kansen en leefbaarheid.

Wat betekent dit voor camperaars?

Reis je met een camper door Spanje, dan krijg je in steeds meer gemeenten te maken met digitale registratie en strengere controles op verblijfsduur. Tegelijk ontstaan er meer officiële servicepunten en betaalde parkeerplaatsen.

Voor wie in een kustplaats woont, kan dit betekenen dat langdurig ‘wildparkeren’ wordt teruggedrongen. Maar de discussie over ruimte, toerisme en concurrentie is daarmee nog niet voorbij.