Raul Fernández Jódar, met jarenlange ervaring in het Spaanse taalonderwijs en op dit moment werkzaam op een universiteit in Polen, weet het wel. Hij wijt het slechte Engels van de Spanjaarden aan het onderwijssysteem van kleuterschool tot universiteit.
Nadruk opleiding verkeerd
Fernández’ begint zijn analyse aan wat volgens hem de basis is: de docentenopleiding Engels aan de Spaanse universiteiten. Hier wordt meer nadruk gelegd op hoe te onderwijzen (de methodologie, psychologie en didaktiek) dan op de te onderwijzen materie zelf.
Studenten Engels weten vaak meer van de Engelstalige literatuur dan menig Engelsman zelf. Echter een Engelse tekst begrijpend lezen, blijft moeilijk. Dat komt volgens Fernández omdat een studie Engels gebaseerd is op twee pijlers: literatuur en taalwetenschap.
Spreekvaardigheid
Engels in de praktijk, zoals luister- en spreekvaardigheid wordt amper geleerd. En als het bij de docenten al misgaat, hoe kunnen zij dan ooit hun leerlingen fatsoenlijk Engels bijbrengen. Naar blijkt heeft de gemiddelde afstudeerde van een opleiding Engels niveau B2, terwijl deze minstens C1 of C2 zou moeten hebben.
Tweetalige scholen
Tweetalige scholen (zowel lagere- als middelbare scholen) schieten de laatste jaren als paddestoelen uit de grond. Schoolbesturen springen daarmee fanatiek in op de behoefte van ouders hun kinderen fatsoenlijk Engels bij te brengen. Maar dat gaat ook niet helpen als de docenten van die tweetalige opleiding de taal zelf gebrekkig beheersen.
Fernández vindt dat de studie Engels op de schop moet en volledig anders moet worden ingericht. Ook studenten van andere studierichtingen zouden verplicht moeten worden minstens één vreemde taal op niveau B2 te beheersen. Aspirant-docenten moeten gaan voor de hoogste niveau’s van taalbeheersing en -vaardigheid.
Politici
De journalist heeft er echter en hard hoofd in dat het zal veranderen. Zolang de politiek op dit gebied de belangrijkste beslissingen neemt en er enkel bezuinigd wordt op onderwijs, zal er niet veel veranderen.