Momenteel staat de Spaanse overheid toe dat slechts 10.000 euro van dergelijke schulden worden kwijtgescholden. De advocaat-generaal stelde dat lidstaten het recht hebben om publieke kredieten uit te sluiten van schuldkwijtschelding, zolang de uitsluitingen gerechtvaardigd zijn. Daarmee heeft hij een voorlopige positie ingenomen over de vraag of Spanje de kwijtschelding van publieke schulden kan beperken. Hoewel zijn standpunt niet bindend is voor het Hof van Justitie van de Europese Unie, wordt er vaak wel in overeenstemming gehandeld.
Context van de beslissing
De kwestie kwam voor het Hof na een verzoek van het provinciale Hooggerechtshof in Alicante. De vraag was of particuliere debiteuren(natuurlijke personen) al dan niet konden worden vrijgesteld van openbaar krediet, aangezien de Europese richtlijn hierover onduidelijk was. Vanwege die onduidelijkheid kan de regering de kwijtschelding van deze schuld afwijzen.
De rechter vroeg of het niet vergeven van dit krediet in strijd is met de tweede kans. Bovendien wees hij erop dat de richtlijn vereist dat als een staat een soort schuld uitsluit van de vrijstelling, hij deze naar behoren moet rechtvaardigen, iets wat volgens de magistraat de huidige faillissementswet, die in september 2022 in werking is getreden, niet doet.
Interpretatie van de insolventierichtlijn
De Advocaat-Generaal stelt dat de insolventierichtlijn een ‘minimumharmonisatienorm’ is. Dat betekent dat lidstaten een aanzienlijke beoordelingsvrijheid hebben over welke schulden uitgesloten kunnen worden van kwijtschelding, mits goed gerechtvaardigd.
Standpunt over Spaanse wetgeving
De Spaanse Faillissementswet rechtvaardigt de beperking van de kwijtschelding van staatsschulden kortweg, maar volgens de Advocaat-Generaal doet dit geen ernstige afbreuk aan de doelstellingen van de Europese richtlijn. Deze kwestie is niet uniek voor Spanje; vergelijkbare zaken zijn ook in Barcelona en Portugal aan de orde gesteld.