Israel Arroyo, staatssecretaris van Werkgelegenheid gaf aan dat bovendien dat de tijdelijke ontslagregelingen (ERTE) 3,4 miljoen personen betreft en die zijn niet in bovenstaand getal meegerekend. 3 miljoen mensen zijn vanwege overmacht tijdelijk ontslagen en 386.000 vanwege economische, technische, organisatorische oorzaken of oorzaken gerelateerd aan gewijzigde productie.
In april ontvingen 5,2 miljoen Spanjaarden een werkloosheidsuitkering (SEPE). Dat is een record. Waar de cijfers over geregistreerde werkloosheid de tijdelijk ontslagen mensen als gevolg van de coronacrisis niet meerekenen, doet SEPE dat wel. Tijdelijk ontslagen arbeidskrachten hebben in dit opzicht namelijk wel recht op een werkloosheidsuitkering.
Ten opzichte van april 2019 gingen er 771.696 banen verloren, dat komt overeen met een daling van 4 procent. Het gaat om de eerste daling op jaarbasis in een maand april sinds 2013 en de grootste daling in april ooit gezien sinds de gegevens worden bijgehouden. De grootste daling in april tot nu toe was in 2009, midden in de economische crisis, met 40.000 nieuwe werklozen.
Op 30 april droegen 18.396.362 mensen bij aan de Spaanse Sociale Zekerheid. Dat betekent een daling met 49.074 personen ten opzichte van de eerste van de maand. In maart daalde de bezetting met bijna 834.000 personen. Uit de cijfers van het Ministerie van Werkgelegenheid blijkt dat in maart en april samen 950.000 banen verloren zijn gegaan.
Sectoren met de meeste tijdelijk ontslagen personen zijn de deinstverlening in levensmiddelen (726.137), detailhandel (448.243), groothandel (210.959) en dienstverlening op het gebied van accommodatie (206.959). De regio’s waar de meeste mensen tijdelijk op basis van een ERTE-regeling zijn ontslagen zijn Catalonië met 678.684 personen, Madrid met 566.307 personen, Andalusië met 477.392 personen en de regio Valencia met 349.634 personen.