Zijn oude gebouwen in Spanje aardbevingsbestendig? Experts twijfelen

door Else BeekmanElse Beekman
scheur in muur na aardbevingenreeks Granada

Spanje heeft al 140 jaar geen echt zware aardbeving gehad. De laatste grote klap kwam in 1884, toen een beving van naar schatting 6,5 op de schaal van Richter Arenas del Rey trof. Ruim 800 mensen kwamen om, 4.400 gebouwen werden verwoest. Sindsdien bleef het relatief rustig, ook al voelde Granada deze week weer de grond schudden.

In het kort

  • Spanje kende de laatste echt zware aardbeving in 1884, bij Arenas del Rey.
  • Seismoloog Amadeo Benavent noemt een nieuwe zware beving ‘bijna onvermijdelijk’.
  • Andere experts nuanceren die voorspelling en waarschuwen dat een vaste cyclus niet bestaat.
  • De huidige bevingenreeks in Granada leidde al tot meer dan 12.500 schadeclaims.
  • De geschatte schade in Granada grotendeels bij gewone wonningen is 35 miljoen euro.
  • 30 tot 35 procent van de Spaanse gebouwen dateert van vóór moderne aardbevingsnormen.
  • Spanje bouwt volgens de eigen NCSE-02 en die norm geldt alleen voor nieuwbouw.
  • Veelvoorkomende zwakke plekken: te stijve kolommen, open begane grondverdiepingen en losse gevelelementen die bij een schok kunnen vallen.

Voor seismoloog Amadeo Benavent, hoogleraar Constructies aan de Universidad Politécnica de Madrid, is die lange stilte geen geruststelling. In de Spaanse geschiedenis komen zware, verwoestende bevingen gemiddeld twee keer per eeuw voor, vertelt hij aan 20minutos. “Wanneer weten we niet, laten we hopen dat het nog lang duurt, maar dat het gaat gebeuren is bijna onvermijdelijk.”

Voor Granada houdt hij rekening met bevingen richting magnitude 7. Dat klinkt als een kleine stap vanaf de 4,8 die de regio deze week voelde, maar de schaal werkt niet lineair. Elke stap omhoog staat voor ongeveer dertig keer meer energie. Een magnitude 7 zou daardoor zo’n 900 keer meer energie vrijmaken dan de beving van deze week.

Niet iedereen is even somber

Carlos González van de Nationale Seismische Dienst van het Spaanse geografische instituut IGN nuanceert dat beeld. Een beving richting magnitude 7 acht hij mogelijk, maar veel zwaarder verwacht hij niet op basis van de bekende breuklijnen. Voorspellen wanneer en waar kan sowieso niemand, benadrukt hij: “Waar een beving is geweest, komt er weer een. Maar voorspellen kan niet.”

Ook geoloog Manuel Regueiro, destijds voorzitter van het beroepscollege van geologen, zette in 2021 al vraagtekens bij het idee van een vaste cyclus van honderd jaar. De energie die zich opbouwt in de aardkorst hangt van te veel factoren af,onder meer de beweging van de Afrikaanse plaat, om er een voorspelbaar ritme in te zien.

Het Instituto Volcanológico de Canarias rekende in 2023 wel met kansen. Op basis van duizend jaar aan Spaanse seismische data, met minstens 27 bevingen van intensiteit VII of hoger, komt het instituut op 74 procent kans op zo’n zware beving in het Spaanse vasteland in de komende vijftig jaar. Over honderd jaar loopt dat op tot 92 procent.

De rekening in Granada loopt al op

De huidige reeks in Granada, aan de gang sinds 14 augustus, laat inmiddels ook in euro’s zien wat er op het spel staat. De Spaanse staatsverzekeraar voor buitengewone risico’s, ontving tot vrijdagochtend al meer dan 12.500 schadeclaims, meldt El Debate. De geschatte schade komt voorlopig uit op 35 miljoen euro. Volgens verzekeringsmakelaars kan dat bedrag nog oplopen zodra experts alle panden hebben beoordeeld.

Meer dan negen op de tien meldingen komt van gewone woningen en flatgebouwen, niet van bedrijven of kantoren. Granada stad alleen al telt ruim 6.000 aanvragen. Ook in tientallen andere gemeenten in de provincie, en zelfs in delen van Málaga en Jaén, kwamen meldingen binnen. Het laat zien hoe wijd de scheuren en verzakkingen zich hebben verspreid. Zelfs bij bevingen die niet in de buurt komen van de magnitude 7 waar Benavent voor waarschuwt.

De echte vraag: houden de gebouwen het?

zonneschermen hangen uit hun sponningen na derde zware beving in paar dagen tijd
screenshot El Mundo

Los van wanneer de volgende grote beving komt, is het de vraag of Spaanse gebouwen zo’n schok aan kunnen? Onderzoekers wijzen er al jaren op dat het niet de beving zelf is die slachtoffers maakt, maar het gebouw dat instort, schrijft El País. In risicogebieden als Andalusië, Murcia en de regio Valencia is dat geen theoretische kwestie.

Peter Tanner van het Instituto Eduardo Torroja, onderdeel van de Spaanse onderzoeksraad CSIC, is er duidelijk over. Spanje beschikt over alle kennis en techniek om aardbevingsbestendig te bouwen. Nieuwe gebouwen kunnen dat aan. Het probleem zit in het bestaande woningbestand. María José Peñalver, algemeen secretaris van de architectenkoepel CSCAE, schat dat 30 tot 35 procent van de Spaanse gebouwen dateert uit de jaren zestig en zeventig. Toen bestond het huidige concept van aardbevingsbestendig bouwen nog niet. De huidige norm, de NCSE-02, komt pas uit 2002.

Peñalver waarschuwt wel voor te snelle conclusies, want ouderdom alleen zegt weinig. Achterstallig onderhoud en verweerde materialen spelen minstens zo’n grote rol. Toch komen bepaalde zwakke plekken telkens terug in oudere Spaanse gebouwen. Dat zijn onder meer te stijve, kortere kolommen die breken in plaats van meebewegen. Ook open begane grondverdiepingen zonder tussenwanden, vaak winkelruimtes, vormen een zwakke plek waar het gebouw bij een schok het eerst bezwijkt. Peñalver noemt die combinatie, samen met slecht verankerde gevels, “zonder overdrijving typerend voor veel Spaanse volkshuisvesting van na de burgeroorlog tot in de jaren tachtig.”

Vallende gevelstukken als grootste risico

Ignacio Arto, bouwkundig ingenieur en verbonden aan het CGATE, wijst op loss gevelstukken, balkons en kroonlijsten die van grote hoogte vallen als een probleem. Precies dat kostte in 2011 mensenlevens bij de beving van Lorca, waarbij negen mensen omkwamen en ruim driehonderd gewond raakten.

Een volledige renovatie om een oud gebouw aardbevingsbestendig te maken, hoeft niet onbetaalbaar te zijn. Voor een typisch flatgebouw uit de jaren zeventig of tachtig, zonder lift en van ongeveer 1.500 vierkante meter, rekent Peñalver op 350 tot 450 euro per vierkante meter voor een integrale aanpak. Het verstevigen van kritieke kolommen samen met het beter verankeren van de gevel is al effectief en vereist geen ontruiming.

Een gebouw dat een reguliere inspectie doorstaat, is daarmee overigens niet automatisch veilig bij een beving, benadrukt Peñalver. Zo’n keuring test de bouwkundige staat, niet het gedrag bij een aardschok. Daarvoor is apart onderzoek nodig.

Spanje loopt achter op Europese norm

Ramiro Aurín van de vereniging van wegenbouwingenieurs wijst op een structureel probleem. Spanje past de Europese seismische bouwnorm Eurocode 8 nog altijd niet toe. Andere landen met een vergelijkbaar of zelfs lager risico, zoals Italië, Griekenland en Portugal, doen dat al wel.

Nieuwe gebouwen moeten in Spanje voldoen aan de NCSE-02, niet aan Eurocode 8. Bestaande gebouwen hoeven van de wet niet gecontroleerd of versterkt te worden. Ook niet in gebieden met verhoogd risico zoals de Vega de Granada.

Eurocodes zijn Europese normen met een vrijwillig karakter. Dat wil zeggen dat elk land ze zelf in nationale wetgeving moet omzetten. Dat traject heeft Spanje nooit afgerond. Wel ligt er een vervangende norm klaar die de tekst van Eurocode 8 grotendeels zou overnemen. Die norm, opgesteld door de Comisión Permanente de Normas Sismorresistentes, is echter nog altijd niet formeel goedgekeurd. In de praktijk wordt er dus nog steeds gebouwd volgens parameters uit 2002.

Het uitgangspunt is ook anders in de Spaanse norm. De Eurocode verplicht tot stevigheid van een gebouw én tot het gecontroleerd meebewegen bij een schok, zodat het niet plotseling instort. Aurín stelt dat de slachtoffers in Lorca er hoogstwaarschijnlijk niet waren geweest als de Eurocode toen al gold. Hij pleit voor een grondige controle van gebouwen in de risicogebieden, te beginnen bij ziekenhuizen en scholen.

Voor wie in Spanje woont of een huis overweegt, is de conclusie niet dat er acuut gevaar dreigt. Wel heeft de vraag of een gebouw een zware beving overleeft minder met het noodlot te maken dan met onderhoud, normen en de leeftijd van het pand.