Dat de hoge woningprijzen een enorme rem zetten op de mobiliteit op de Spaanse woningmarkt is al geen nieuws meer. Maar dat steeds meer mensen daardoor letterlijk worden stilgezet, heeft een verder reikende invloed. Volgens nieuwe cijfers van het Spaanse Bureau voor de Statistiek (INE) zagen vorig jaar meer dan twee miljoen mensen zich gedwongen om van een verhuizing af te zien. Vooral jongeren ondervinden de gevolgen: twee op de drie wonen nog thuis.
In 2025 probeerden zo’n 3,2 miljoen Spanjaarden actief een andere woning te vinden. Dat is 7,6% van de bevolking ouder dan 16 jaar. Voor 2,14 miljoen van hen, ruim twee derde, liep die zoektocht op niets uit. De belangrijkste reden hiervoor waren de prijzen.
Volgens het INE is voor 67,2% van de woningzoekers de hoge prijs een doorslaggevende factor om niet te verhuizen. Andere redenen, zoals het niet voldoen aan eisen van verhuurders of het niet vinden van een geschikte woning, spelen een veel kleinere rol.
Opmerkelijk is dat dit probleem zich in alle inkomensgroepen voordoet. Zelfs onder de hoogste inkomens geeft nog altijd 65% aan dat de prijzen hen tegenhouden. Daarmee maakt van de betaalbaarheid van wonen een zorg voor velen in plaats van een marginaal probleem.
Dertigers en veertigers het hardst geraakt
De groep van 30 tot 44 jaar blijkt het meest getroffen. In deze categorie zochten 1,4 miljoen mensen tevergeefs naar een woning. Bijna 71% van hen wijst de prijs als hoofdreden aan.
Ook onder jongvolwassenen is de druk zichtbaar. In de groep van 16 tot 29 jaar zochten ruim 700.000 mensen zonder succes naar een woning. Voor hen vormt de prijs eveneens de grootste hindernis.
Jongeren blijven noodgedwongen thuis
Die vastgelopen zoektocht werkt direct door in de emancipatiecijfers. Van alle 18- tot 34-jarigen woont ongeveer twee derde nog bij hun ouders, goed voor zo’n 6,3 miljoen mensen.
Bij de jongste groep (18-25 jaar) speelt mee dat velen simpelweg nog niet bezig zijn met zelfstandigheid. Maar financiële drempels worden snel belangrijker naarmate de leeftijd stijgt. Onder 26- tot 34-jarigen noemt bijna de helft economische redenen als belangrijkste oorzaak om niet uit huis te gaan.
Vooral huren blijkt lastig:
- 34,6% kan de huur niet betalen
- 12,7% kan geen woning kopen
- 13% spaart nog om later te kunnen huren of kopen
Bij lage inkomens is de situatie het meest nijpend. Van de jongeren met minder dan 6.000 euro bruto per jaar zegt 41% geen huur te kunnen betalen. Aan de andere kant sparen hogere inkomens juist vaker met het oog op aankoop.
Regionale verschillen, zelfde probleem
De druk op de woningmarkt verschilt per regio, maar het onderliggende probleem is overal hetzelfde. In regio’s als Madrid en de Balearen lukte het meer dan 10% van de woningzoekers niet om een nieuwe woning te vinden. In Extremadura lag dat percentage onder de 4%.
Toch wijst in alle regio’s een meerderheid naar dezelfde oorzaak: de prijs. In Madrid en Galicië noemt meer dan 70% dit als hoofdreden, op de Balearen zelfs meer dan 75%. In Melilla loopt dat op tot ruim 80%.
Alleen in regio’s als Navarra en Asturië ligt dit aandeel lager (rond 53%), maar daar speelt juist een tekort aan geschikte woningen een grotere rol.
Structureel probleem
De cijfers tonen aan hoe diep de woningcrisis in Spanje inmiddels is. Of het nu gaat om jongeren die niet kunnen uitvliegen, gezinnen die willen verhuizen of hogere inkomens die vastlopen: de betaalbaarheid van wonen vormt overal de grootste barrière. Zo wordt de Spaanse woningmarkt voor een groeiende groep simpelweg onbereikbaar.