Wie deze zomer in een Spaans hotel sliep, betaalde meer dan ooit. De hotelprijzen in Spanje bereikten in augustus een nieuw record: gemiddeld 166,90 euro per bezette kamer per nacht. Dat blijkt uit cijfers van het Spaanse statistiekbureau INE. Tien jaar geleden betaalde je in augustus nog zo’n 99 euro.
Ten opzichte van augustus vorig jaar gingen de prijzen met 7,3 procent omhoog. Het vorige record stond pas sinds juli, toen een nacht gemiddeld 156,90 euro kostte. De prijsindex voor hotels steeg in augustus met 6,3 procent. Dat is de grootste stijging in vijftien maanden. Sectorexperts wijzen erop dat de massale belangstelling voor de zonsverduistering van 12 augustus de hotelprijzen extra heeft opgedreven.
Grote verschillen per regio
Hoeveel een nachtje hotel in Spanje kost, hangt veel af van waar je het boekt. In Extremadura kost een hotelnacht rond de 64 euro. Op de Balearen is dat ruim 230 euro. Tien provincies zitten boven het landelijk gemiddelde.
Verder is het aantal sterren van invloed op de prijs. Een vijfsterrenhotel rekende in augustus gemiddeld 357,80 euro per nacht. Bij vier sterren was dat 176,70 euro en bij drie sterren 145 euro. De duurste plek van het land was Estepona aan de Costa del Sol. Daar kostte een hotelkamer gemiddeld 418 euro per nacht.
Hoe groot de sprong precies is
Ten opzichte van 2019, het laatste jaar voor de coronapandemie, zijn de hotelprijzen in Spanje met 53 procent gestegen. De gemiddelde prijs voor een hotelovernachting was toen 109,30 euro. De stijging over tien jaar ligt met 67 procent een stuk hoger.
Een hotelovernachting steeg in prijs harder dan het leven zelf. Sinds 2016 steeg het algemene prijspeil in Spanje met 28 procent. Voedsel werd 39,2 procent duurder. De hotelprijzen gingen daar behoorlijk overheen.
Minder budgethotels, meer sterren
Het aantal hotels is ongeveer gelijk aan dat van tien jaar geleden. Het soort hotel is wel flink veranderd. Er kwamen 150 vijfsterrenhotels bij, tot 440 in totaal. Het aantal viersterrenhotels groeide met 684 tot 3.173.
Aan de onderkant ging het de andere kant op. Er verdwenen 130 driesterrenhotels, waardoor er nog 2.900 over zijn. Bij de hotels met twee sterren gaat het om 25 minder, bij één ster om 80 minder.
In de sector heet dit ‘herpositionering’, denk aan verbouwingen, het hotel krijgt een nieuwe uitbater of een internationaal merk neemt een hotel op in zijn keten. Vaak met meer rendement en een waardevoller pand als doel en daarbij horen ook hogere tarieven.
Meer luxe, meer personeel
Die luxere hotels hebben ook meer mensen nodig. In tien jaar tijd kwamen er 80.821 hotelmedewerkers bij. Bijna allemaal werken ze in vier- of vijfsterrenhotels. Óscar Perelli van toerismeorganisatie Exceltur rekende het voor. Een hotel met een tot drie sterren heeft vijf medewerkers nodig per honderd bedden. Bij vier of vijf sterren zijn dat er twintig.
Hoteleigenaren verdienen meer dan ooit
Voor de hoteleigenaren pakt deze verandering goed uit met een hogere opbrengst per beschikbare kamer. Die lag in augustus op een recordbedrag van 133,10 euro en in 2016 was dat nog 78,80 euro. Het aantal hotelovernachtingen groeide in augsutus amper met 1,4 procent. De extra omzet komt dus vooral uit de prijs en niet uit meer gasten.