In het noordwesten van Spanje, waar de heuvels vaak in nevel zijn gehuld en de dorpen nog naar houtvuur ruiken, ligt een textielgeschiedenis die bijna niemand meer kent. Het is het verhaal van Galicisch linnen, ooit het hart van het plattelandsleven.
In het kort
- Galicisch linnen was eeuwenlang essentieel in het dagelijks leven op het platteland.
- Het ambacht verdween snel door industrialisatie en de trek naar de stad.
- Veel families gooiden oud linnengoed weg uit schaamte voor armoede.
- Lilia Méndez verzamelt en restaureert historische linnen stukken.
- Ze geeft het textiel een tweede leven in kunst, kleding en interieur.
Linnen bepaalde dagelijks ritme Galicië
Het linnen van Galicië bepaalde eeuwenlang het dagelijks ritme van het platteland. Achter gesloten deuren, in donkere keukens en houten schuren, maakten vrouwen linnen van een kwaliteit die je tegenwoordig bijna niet meer vindt. Het was werk dat een heel jaar duurde, van het zaaien van het vlas tot het weven van de laatste draad. Een ambacht dat echter in enkele decennia is verdwenen.
De architecte Lilia Méndez, geboren in Ourense, probeert dat waardevolle erfgoed terug te halen uit de vergetelheid.
Een traditie die bijna niemand zich nog herinnert
Tot ver in de twintigste eeuw was linnen hét materiaal van het Galicische huishouden. Geen luxe materiaal, maar textiel voor alledaags gebruik: kleding, lakens, dekens, zakken, matrassen – alles kwam van het land en werd gemaakt door vrouwenhanden. Dit textielambacht was een volledig vrouwelijke economie, waarin sommige families zaaiden en verwerkten, terwijl anderen weefden op grote houten getouwen die vaak het hart van het huis vormden.
Maar met de opkomst van goedkope fabriekskleding en de massale trek naar de stad herinnerde het linnen voor veel mensen nog slechts aan armoede en zware arbeid. Méndez vertelt hoe haar eigen familie, zoals zovelen, letterlijk het verleden in het vuur gooide: meubels, dekens, oude linnen matrasovertrekken. Alles wat herinnerde aan de harde plattelandsjeugd moest weg.
Daarmee werd een traditie die eeuwenlang vanzelfsprekend was, in één generatie bijna volledig uitgewist.
De zoektocht van Lilia Méndez
Wat anderen weggooiden, probeert Méndez nu te redden. In haar galerie Ao Domini in Ourense verzamelt ze oude linnenstukken die families toch bewaard hebben – soms bewust, soms vergeten in een kist op zolder. Het zijn objecten die minstens vijftig jaar oud zijn, vaak veel ouder. Het oudste stuk dat ze vond, draagt het jaartal 1865.
Ze noemt ze “tijdcapsules”. Veel stoffen zitten nog vol sporen van een vroegere leven. Van roestvlekken van oude spijkers en grassporen, tot bloedvlekjes die vroeger niet uit te wassen waren en zaadjes die tussen de vezels zijn blijven steken. Ze wast ze, droogt ze in de zon en laat beschadigde stukken herstellen door een netwerk van borduursters en naaisters uit de regio. Ironisch genoeg zijn die vrouwen niet de erfgenamen van het oude ambacht – de kennisoverdracht werd immers abrupt onderbroken. De techniek die nu gebruikt wordt is modern, maar met respect voor het oude materiaal.
Een ambacht dat een jaar duurde
Het maken van linnen was een langdurig en zwaar proces. Na de oogst werd het vlas wekenlang in de rivier gelegd en daarna in het veld gedroogd. Vervolgens begon het intensieve werk van breken, pletten en kammen om de houtige delen van de plant te verwijderen. Wat overbleef, werd gesorteerd in vier kwaliteiten: van de grofste resten tot de lange, fijne vezels waar het mooiste linnen van werd gemaakt.
De winter was voor het spinnen, de lente voor het bleken, en pas daarna kon het weven beginnen. Eén cyclus duurde bijna een jaar. Geen wonder dat sommige dekens en doeken nu als kunstwerken worden beschouwd.
Van erfstuk tot mode-item
De meest waardevolle stukken, vaak kleurrijke dekens met ingewikkelde patronen, gebruikt Méndez tegenwoordig als wandtapijten. Ze zijn te fragiel en te kostbaar om nog als beddengoed te dienen.
Maar ze laat het linnen niet in vitrines liggen. Uit stukken die niet volledig te redden zijn, maakt ze nieuwe kleding en woontextiel: kimono´s, blouses, mantels, kussens, plaids. Zo krijgen de vezels een tweede leven, zonder hun rijke geschiedenis te verliezen.
Het is een vorm van circulaire mode. Mode die niet zozeer hip probeert te zijn, maar vanzelfsprekend voortkomt uit respect voor arbeid, materiaal en verleden.
Waarom dit ambacht nu weer relevant is
De herwaardering van het Galicische linnen past bij het toenemende verlangen naar authentieke verhalen, naar materialen die ademen en naar producten die niet door machines maar door mensenhanden zijn gemaakt. Voor veel Galiciërs is het bovendien een manier om opnieuw verbinding te maken met een verleden dat te snel werd afgedaan als “arm” of “ouderwets”.
Het werk van Lilia Méndez laat zien dat erfgoed vaak niet verdwijnt omdat het betekenisloos is geworden, maar vooral omdat het wordt vergeten en uit het leven van alledag verdwijnt. Soms liggen de meest waardevolle spullen gewoon in een kist op zolder, wachtend tot iemand het opnieuw herkent als iets van waarde.