Motieven voor afscheiding niet altijd gebaseerd op realiteit

door Else BeekmanElse Beekman
Gepubliceerd: Laatst gewijzigd
Motieven voor afscheiding niet altijd gebaseerd op realiteit

Het dertien pagina’s tellende rapport bestaat uit onwaarheden, waarheden en gedeeltelijke (o)nwaarheden. Zo zou het bbp van Catalonië hetzelfde zijn als het bbp van Denemarken. Volgens Eurostat was dit in 2015 maar voor 75% het geval.  

Enkele onwaarheden

In het rapport staat de tekst: “Het is een misleidende voorstelling dat de regering van Catalonië een grote mate van autonomie zou hebben”. In werkelijkheid heeft Catalonië de hoogste mate van autonomie ter wereld, meer dus dan de federale deelstaten van Duitsland en de Verenigde Staten. Catalonië en alle andere Spaanse autonome regio’s hebben een vergelijkbaar decentralisatiesysteem als dat van de belangrijkste federale naties van de wereld.  

“Catalonië heeft een concurrerende economie die in open verbinding staat met de rest van de wereld. Dat zal niet veranderen. […] Voor de economische en politieke belangen van de EU is het overduidelijk dat Catalonië een plaats binnen de gemeenschap en de eurozone zal behouden”, zo luidt het rapport.  

In de EU-verdragen is echter niets opgenomen over de gevolgen van een eventuele afscheiding van een deel van een lidstaat. In 2004 zei de toenmalige voorzitter van de Europese Commissie Romano Prodi: “Als een grondgebied geen deel meer uitmaakt van zijn natie en een onafhankelijke staat wordt, zullen de EU-verdragen niet langer van toepassing zijn op de nieuwe onafhankelijke staat die daarna een derde land wordt.” Dit is sindsdien ongewijzigd gebleven. In de afgelopen dagen hebben de Europese regeringsleiders kenbaar gemaakt de deur niet open te houden voor een onafhankelijk Catalonië.

70% van de Caixa-winst is afkomstig uit Catalonië”, meldt het rapport.

In werkelijkheid heeft Catalonië 39% van de Caixa-leningen en 37,8% van het deposito. Met deze percentages is het zeer onwaarschijnlijk dat 70% van de gehele winst afkomstig is uit Catalonië. Sabadell, de andere grote Catalaanse bank, zegt dat slechts 15% van hun omzet afkomstig is uit Catalonië.

Bij navraag door de Spaanse krant El País erkende het ministerie van Junqueras deze fout die gecorrigeerd in een nieuwe versie van het rapport werd opgenomen.

Enkele halve waarheden

“De Catalaanse export wordt steeds groter. In 2016 was dit zelfs 62,7% van het totaal”, volgens het rapport.

Dat is waar, maar wat de Catalaanse regering hier weglaat is het feit dat de import nog groter is. Het tekort dat hiervan het gevolg is, is landelijk gezien voor twee derde deel afkomstig uit Catalonië. Dat Catalonië dit negatieve saldo voor de eigen regio kan corrigeren is te danken aan hun handel met de rest van Spanje.

“Catalaanse bedrijven hebben geen enkele reden de regio te verlaten. […] Verplaatsing van het hoofdkantoor van deze ondernemingen zal geen economische gevolgen hebben”, aldus het rapport.

Afgezien van het feit dat de afgelopen dagen al meer dan 1.300 bedrijven uit Catalonië vertrokken, is het inderdaad waar dat een verhuizing van het hoofdkantoor geen grote korte termijngevolgen zal hebben als het gaat om aantal werknemers of belastinginkomsten. Maar voor de economie zal het vertrek van de bedrijven zeker belangrijke gevolgen hebben. Door de veranderde reputatie zullen buitenlandse investeringen hoogstwaarschijnlijk moeizamer verlopen. Uit het verleden is gebleken, zoals in Quebec in de jaren tachtig, dat het vertrek van bedrijven uit een regio zelden tot een terugkomst leidt.

Enkele verdraaide feiten

“De transitie naar onafhankelijkheid zal geordend en geleidelijk gebeuren, met volledige wettelijke zekerheid”, staat in het rapport.

Wat de deelregering hierbij over het hoofd ziet, is de onzekerheid over hun plaats in de eurozone. Bedrijven verlaten de regio, juist omdat hierover niets zeker is. Bedrijven staan direct bloot aan het risico van deze wettelijke onzekerheid en toegenomen regelgeving.

“De Catalaanse belastingdienst zal 24 miljard extra innen […], hetgeen ruimschoots de ruim 10 miljard euro zal compenseren voor het aanstellen van nieuwe functies”.  

Bij deze uitspraak is geen rekening gehouden met de kosten van een ‘ex novo’ staat of de voordelen die worden verkregen uit een schaaleconomie. De kosten van een nieuwe staat zullen in werkelijkheid veel hoger zijn dan de genoemde 10 miljard euro. Alleen al de sociale uitkeringen zullen rond de 7 miljard gaan bedragen. Ook de rekening voor defensie, infrastructuur, subsidies, dienstverlening en nog veel meer zaken zal vele malen hoger zijn dan nu wordt voorgesteld.