Verhalen langs de N-340, de langste nationale weg van Spanje

door Judith Goeree
In het kort
  • De N‑340 is de langste nationale weg van Spanje, van Barcelona tot Cádiz.
  • Langs de route liggen Romeinse monumenten, stranden, dorpen en tragische sporen van de geschiedenis.
  • De weg vertelt over oorlog, rampen en het alledaagse leven.
  • Wil je weten wat je achter de snelwegen en resorts ontdekt? Lees verder.

Wie aan de oost- of zuidkust van Spanje woont, of er op vakantie gaat, komt vroeg of laat uit bij de N‑340: de nationale route die Barcelona met Cádiz verbindt. Onderweg passeert de weg bekende plaatsen als Tarragona, Valencia, Alicante en Málaga. Soms verschijnt ze als een rustige parallelweg langs de zee, soms als een chaotische stadsader vol rotondes, stoplichten en lokale afritten. En af en toe ontpopt de route zich tot een weg die verrassend veel prijsgeeft over het landschap dat ze doorkruist. Van de ordelijke verkeerslogica die de Romeinen achterlieten tot gruwelijke sporen van de Spaanse burgeroorlog, en de uitwaaierende kustgroei van de twintigste eeuw.

N-340: het Spanje langs de Middellandse Zee

De N-340 behoort tot de langste nationale wegen van Spanje. Over ongeveer 1.248 kilometer volgt de route de Middellandse Zeekust, al ligt hij op veel plekken net landinwaarts. De weg is meer dan een verbinding tussen twee steden. Hij vormt een langgerekte kustroute die in grote lijnen aansluit op de historische noord-zuidverbinding tussen Frankrijk en Portugal, langs de mediterrane boog van het Iberisch schiereiland.

Wie vandaag de dag op de N-340 rijdt, merkt dat de route niet meer overal de vanzelfsprekende hoofdroute is. Op veel trajecten gaat het verkeer nu via de A-7 of de AP-7, snellere opties voor wie vooral kilometers wil maken.

Toch blijft de oude kustweg bestaan, omdat oude hoofdwegen zelden echt verdwijnen. Zo is deze nationale route uitgegroeid tot een stille ooggetuige van de recente Spaanse geschiedenis. Een drager van herinneringen, van het ritme van het land, en van een route die generaties Spanjaarden heeft gevormd.

Arc de Berà: Romeinse ereboog langs de N-340

Wie de lange geschiedenis van deze kustroute wil zien, hoeft niet ver te zoeken. In Catalonië, bij Roda de Berà, zo’n twintig kilometer ten noorden van Tarragona, staat de Arc de Berà (Arco de Bará), een Romeinse ereboog, opgedragen aan keizer Augustus.

De boog dateert uit de late eerste eeuw vóór Christus en stond oorspronkelijk aan de Via Augusta, de lange Romeinse route langs de kust. Het monument is sober: één doorgang, gebouwd van lokaal kalksteen, met Korinthische details.

Op het fries staat een inscriptie met verwijzing naar Augustus. De boog werd opgericht op basis van een testamentaire beschikking van Lucius Licinius Sura, die woonde in Tarraco, het huidige Tarragona.

Arco de Barà
Arco de Barà – Wikipedia

Voor reizigers markeerde de boog een belangrijk traject van de Via Augusta. Het was een monument dat de route herkenbaar maakte en tegelijk liet zien dat hier een weg lag die hoorde bij het Romeinse rijk, en dat de macht van Rome reikte tot ver in het huidige Spaanse landschap.

Van Romeinse kustroute naar Bourbon-netwerk

De N-340 kreeg zijn moderne vorm in de achttiende eeuw, en volgt deels het tracé van de Romeinse Via Augusta, dat het hoofdspoor vormde van het wegennet in Hispania en eeuwenlang een referentie was in het landschap.

Onder de eerste Bourbon-koningen begon Spanje zich opnieuw te ordenen. Een rijk dat eeuwenlang uit losse koninkrijken had bestaan, werd langzaam in één bestuurlijke en economische richting getrokken. Daarbij hoorde een modern wegennet, een infrastructuur die belangrijke punten in het land met elkaar verbond. Vanaf het midden van de achttiende eeuw tot aan 1860 verschenen geplaveide trajecten, met Madrid als centrale as, en enkele hoofdroutes naar de belangrijkste Spaanse kustplaatsen en havens.

Die centralisatie is nog altijd zichtbaar. Langs de oost- en zuidkust ontstond tegelijkertijd echter een andere routecultuur. Daar draaide mobiliteit minder om één centrum en meer om een aaneenschakeling van havens, handelsplaatsen en groeiende steden. In dat netwerk werd de N-340 een verbindende lijn: een moderne weg aangelegd langs een eeuwenoude kustroute.

De kust als economische motor van Spanje

Vanaf de jaren zestig veranderde de mediterrane kust in een krachtige economische motor voor Spanje. Zon en zee waren de lokmiddelen, maar het succes zat ook in bereikbaarheid: wie een kustplaats kon bereiken, kon er ook investeren. Toerisme trok geld aan, geld trok bouw aan, en in veel plaatsen groeide het leven letterlijk richting het asfalt. De N-340, die er al lag, werd de logische ader die alles met elkaar verbond.

De N-340 kreeg in die periode een veelzijdige rol. Wie de kust wilde volgen, reed via deze weg van plaats naar plaats, langs stranden, markten, havens en boulevardhotels. Tegelijk bleef het een route van het dagelijkse kustleven: scholieren op brommers, lokale vrachtwagens met bevoorrading, gezinnen die net buiten de bebouwing afslaan richting zee.

Die variatie zie je als je de kustroute volgt. Op sommige trajecten loopt de weg dicht langs bebouwing en winkelstroken, op andere stukken opent het uitzicht zich weer, met palmen, rotsstroken of de glinstering van de zee net achter de bebouwing. De N-340 is allang niet meer louter een kustroute, als een mooie ansichtkaart. De route is geworden tot leefgebied: een plek waar werken, wonen en vakantie al decennia door elkaar lopen.

Een route door het hedendaagse Spanje

Juist omdat de N-340 zo lang de hoofdroute was, liggen langs de weg talloze plekken waar het oude ritme van reizen nog herkenbaar is. Toegangswegen naar stranden en campings, hotels die ooit pal aan de route lagen, dorpskernen waar het verkeer dwars doorheen loopt… Het maakt de weg tot een tijdlijn van de veranderende kuststrook. Een route die in eerste instantie was gericht op handel, later steeds belangrijker werd voor het toerisme en uiteindelijk ook voor het dagelijkse woon-werkverkeer.

Op sommige stukken voelt het alsof je even terug stapt in het Spanje van weleer. Even verderop kom je echter weer midden in het toeristische heden terecht. Wie snel van A naar B wil, kiest inmiddels de snelweg. Maar wie onderweg wil zien hoe het leeft aan de kust, neemt de oude route, met haar rotondes, stoplichten en onverwachte afritten die je bijna vanzelf laten vertragen.

En precies die nabijheid, van weg, dorpen en vakantieplekken, is ook wat de N-340 zo bijzonder maakt. De route loopt dwars door het hedendaagse Spanje. Dat leverde decennialang levendigheid op, maar soms ook momenten waarop de kwetsbaarheid van zo’n drukke kustroute pijnlijk zichtbaar werd.

Los Alfaques (1978): een waarschuwing langs de kust

Een van de meest tragische gebeurtenissen die met de N-340 wordt geassocieerd, is het ongeluk bij camping Los Alfaques. De ramp vond plaats op 11 juli 1978 op een strandcamping in de gemeente Alcanar (comarca Montsià), in de provincie Tarragona, op ongeveer drie kilometer van de kern van Sant Carles de la Ràpita. Een tankwagen die vloeibaar propyleen vervoerde, explodeerde. Daarbij kwamen 215 mensen om het leven en raakten meer dan 300 anderen zwaargewond. Een groot deel van de camping werd verwoest.

Los Alfaques maakte pijnlijk duidelijk hoe kwetsbaar een kustroute kan zijn wanneer recreatie, doorgaand verkeer en transport vrijwel naast elkaar liggen. De N-340 loopt op veel plaatsen dwars door de bebouwing heen. In zo’n setting kan één incident gevolgen hebben die ver voorbij de weg zelf reiken.

Amposta en de Ebro: één oversteek, grote impact

Ook de geografische ligging van sommige gebieden heeft de N-340 mede gevormd. Dat zie je goed bij Amposta, in de Ebro-delta. Hier kan de route niet “vrij” door het landschap lopen. De rivier vormt een duidelijke barrière. Wie langs de kust reist, moet op dit punt simpelweg de Ebro over. Daardoor werd de oversteek bij Amposta al vroeg een vaste schakel in de verbindingen in dit deel van Catalonië.

De hangbrug van Amposta, in gebruik genomen in 1921, is daarbij een concreet knooppunt. Het is de plek waar het verkeer samenkomt, van en naar Tortosa, richting de kustplaatsen van Montsià en verder langs de mediterrane route. Wie de Ebro wil passeren, moet hier over de hangbrug. Dat maakte het al jarenlang tot een onmisbare doorgang op de kustroute.

De weg als podium voor Catalaanse onafhankelijkheid

Omdat de N-340 door dichtbevolkte zones loopt en zoveel plaatsen met elkaar verbindt, wordt hij ook af en toe een decor voor publieke gebeurtenissen. Op 11 september 2013 vormden voorstanders van Catalaanse onafhankelijkheid een menselijke ketting van ongeveer 400 kilometer: de Via Catalana.

De actie volgde grotendeels het tracé van de oude Via Augusta, van Le Perthus aan de Franse grens tot Vinaròs in de provincie Castellón, net over de grens met de regio Valencia. Organisator Assemblea Nacional Catalana (ANC) noemde deze route de ‘ruggengraat’ van het gebied en wilde zo ook deelname stimuleren van buiten Catalonië, onder meer uit Frans-Catalonië en Valencia. Voor de mobilisatie werden circa 1.500 bussen ingezet en bijna 30.000 vrijwilligers, terwijl tientallen luchtmiddelen en honderden fotografen het evenement vastlegden.

De weg was voor even een langgerekte publieke ruimte, een praktische keuze met een symbolische betekenis. In het landschap verscheen een lijn van mensen langs een kustroute die al eeuwenlang als verbindingslijn wordt gezien.

La Desbandá: de route als herinnering

De zwaarste historische laag langs de N-340 ligt in Andalusië, tijdens de Spaanse Burgeroorlog. Begin februari 1937, na de overwinning van de troepen van de opstandelingen in de Slag om Málaga, sloegen burgers en milities massaal op de vlucht richting Almería via de kustweg Málaga–Almería. Tussen 6 en 8 februari werd die vluchtkolonne vanuit de lucht en vanaf zee aangevallen. De episode staat bekend als La Desbandá (ook: La Desbandada), en geldt als het bloedigste hoofdstuk van de oorlog in de provincie Málaga. In een karavaan van naar schatting 100.000 tot 150.000 mensen vielen volgens bronnen 3.000 tot 5.000 doden onder burgers.

De gebeurtenis kreeg destijds ook internationaal aandacht, onder meer door de getuigenissen van de Canadese arts Norman Bethune en door beelden van fotograaf Robert Capa. Vandaag loopt het oude tracé van deze kustroute grotendeels samen met de N-340A, die door het centrum van verschillende kustplaatsen in Málaga en Granada voert.

road to hell: La Desbandá

In 2025 kreeg de route officiële erkenning als plek van democratische herinnering. Voor de N-340 betekent dit dat de weg niet alleen over infrastructuur gaat, maar ook veel herinneringen in zich meedraagt. Dezelfde kuststrook die zou gaan gelden als toeristische route bij uitstek, was ooit de ondergrond van angst en geweld.

Het ruige Spanje langs de N-340

Wie nog iets wil ervaren van de oorspronkelijke kustlijn waarlangs de N‑340 ooit leidde, moet het zoeken in de schaarse stukken waar de weg nog dicht langs zee loopt en de bebouwing even wijkt. Zoals bijvoorbeeld in Andalusië. Tussen Nerja en La Rábita slingert de oude route hoog boven de kliffen, met uitzicht op kleine baaien en een kust die nog altijd ruig en open oogt.

Ook rond Castell de Ferro en delen van de oude weg bij Adra duiken nog stukken op waar de Middellandse Zee direct naast je ligt en het landschap nauwelijks is volgebouwd. Het zijn restanten van een tijd waarin de N‑340 niet alleen een verbindingsweg was, maar bovenal een echte kustweg, een lang lint dat je langs het schitterende water, de rotsen en het stille Spanje voerde.

Ooggetuige van de Spaanse geschiedenis

De N‑340 slingert als een stille getuige van eeuwen menselijke aanwezigheid door het Spaanse landschap. Niet alleen als weg van een plek naar de volgende, maar ook als een historische route. Een route die stadjes, landschappen en verhalen aaneen rijgt tot een cultureel mozaïek van gebeurtenissen.

Verspreid over de kust liggen de sporen van beschavingen die elkaar opvolgden. Een ommuurde stadskern, een verlaten fabrieksterrein, een delta vol vogels, een brug die ooit strategisch was, een fort dat de horizon bewaakt. Losse fragmenten, met de N‑340 als draad die ze verbindt. Eeuwenlang was deze weg een route voor handelaren, migranten, ambachtslieden en reizigers. Een ooggetuige van het veranderende Spanje, een route langs lokale culturen en dialecten. Natuur, dorpen, techniek en landbouw bestaan hier bovendien niet los van elkaar, maar vormen samen het landschap dat de N-340 doorkruist.

Wat je ziet als je de N‑340 volgt

Wie de N‑340 volgt, reist door een gelaagd Spanje. Onder het asfalt liggen de resten van een Romeinse kustroute, in de dorpen en infrastructuur zie je de negentiende‑ en twintigste‑eeuwse drang naar modernisering, en langs de kust ontvouwt zich het recente verhaal van een kuststreek die in korte tijd ingrijpend veranderde.

Daartussen liggen nog altijd de kleine, tastbare details die het landschap karakter geven. Van een brug die de rivier oversteekt, een haven waar vissersboten aan de kade liggen, een oude Romeinse boog en de sporen van een bijna vergeten vlucht naar veiligheid. Zo is de N‑340 verworden tot een levend archief dat de geschiedenis vertelt van een kust die voortdurend in beweging is.