In helft van de Spaanse gemeenten ligt nitraat in drinkwater boven voorgestelde risicogrens

door Else BeekmanElse Beekman
Hand in plastic handschoen voert watertest uit: nitraat in drinkwater

In meer dan de helft van de Spaanse gemeenten waar nitraatmetingen plaatsvinden, lag het gehalte in 2024 op enig moment boven 6 milligram per liter. Dat stelt Greenpeace op basis van een nieuwe wetenschappelijke beoordeling en cijfers uit het Spaanse drinkwaterregister SINAC. De huidige wettelijke norm ligt nog altijd op 50 milligram per liter.

In het kort

  • In veel Spaanse gemeenten lag nitraat in drinkwater in 2024 boven 6 mg/l.
  • De wettelijke norm blijft 50 mg/l, ondanks nieuwe gezondheidszorgen.
  • In 332 gemeenten was kraanwater in 2024 tijdelijk niet veilig te gebruiken.
  • Vooral landbouw- en veeteeltregio’s springen eruit.
  • Greenpeace slaat alarm en eist dringende actie van overheden.

 

Wetenschappers willen veel lagere norm

De aanleiding voor de waarschuwing is een internationale wetenschappelijke evaluatie die werd uitgevoerd in opdracht van het Deense ministerie van Milieu. Volgens de onderzoekers kunnen nitraten in drinkwater al bij veel lagere concentraties gezondheidsrisico’s opleveren dan waar de huidige wetgeving van uitgaat.

Zij adviseren daarom om de huidige wettelijke bovengrens van 50 milligram per liter te verlagen naar 6 milligram per liter. Dat is bijna negen keer lager. De bestaande norm werd destijds ingevoerd om vooral baby’s tegen acute gezondheidsproblemen te beschermen, maar inmiddels is er veel meer onderzoek beschikbaar naar de mogelijke gevolgen van langdurige blootstelling, ook voor volwassenen.

Wat de cijfers in Spanje laten zien

Greenpeace legt die nieuwe wetenschappelijke inzichten naast cijfers uit het Spaanse drinkwaterregister SINAC van het ministerie van Volksgezondheid. Daaruit blijkt dat in 332 gemeenten het kraanwater in 2024 op enig moment niet drinkbaar was doordat de wettelijke grens van 50 milligram per liter werd overschreden.

Onderzoeksplatform DATADISTA plaatste die cijfers in een bredere context. Volgens hun analyse konden in 2024 minstens 257.000 mensen in die 332 gemeenten het kraanwater tijdelijk niet gebruiken om te drinken, te koken of hun tanden te poetsen.

DATADISTA wijst er ook op dat het aantal getroffen gemeenten flink is gestegen. In 2024 lag dat aantal 29 procent hoger dan een jaar eerder en zelfs 94 procent hoger dan twee jaar geleden. Een deel van die stijging hangt samen met betere rapportage: meer gemeenten geven inmiddels meetgegevens door. Daardoor worden problemen zichtbaarder. Tegelijk laat dat zien dat de monitoring nog altijd niet overal op orde is.

Houdt men niet de huidige wettelijke norm aan, maar de veel lagere wetenschappelijk voorgestelde grens van 6 milligram per liter, dan verandert het beeld ingrijpend. Volgens Greenpeace ging het dan om 3.192 gemeenten, oftewel 51,17 procent van alle gemeenten waar nitraatmetingen beschikbaar zijn. Daarnaast is in bijna een kwart van de Spaanse gemeenten niet duidelijk hoe hoog het nitraatgehalte precies is, doordat voldoende meetgegevens ontbreken.

Kritieke zones

Naast gemeenten waar de wettelijke grens wordt overschreden, is er nog een tussencategorie die minder aandacht krijgt maar wel veel zegt over de omvang van het probleem. Sinds 2023 moeten waterbeheerders in Spanje al ingrijpen wanneer een voorziening langdurig boven 30 milligram per liter uitkomt. Zulke gebieden gelden als kritieke zones: het water is er formeel nog drinkbaar, maar de vervuiling is structureel hoog genoeg om maatregelen te vereisen.

Volgens een analyse van DATADISTA over de afgelopen drie jaar wonen meer dan een miljoen mensen in zulke kritieke zones. Daarmee wordt zichtbaar dat het probleem veel groter is dan alleen de gemeenten waar de wettelijke grens al is overschreden.

Waar de problemen het grootst zijn

De hoogste aantallen worden volgens Greenpeace gemeld in Castilië en León, waar in 987 gemeenten de grens van 6 milligram per liter werd gehaald of overschreden. In 198 van die gemeenten lag de concentratie zelfs boven de huidige wettelijke norm van 50 milligram per liter. Daarna volgen Catalonië met 413 gemeenten, Andalusië met 370, de regio Valencia met 330, Castilië-La Mancha met 309, Aragón met 305 en Galicië met 111.

Die regionale spreiding past volgens Greenpeace bij gebieden waar intensieve landbouw en grootschalige veehouderij sterk vertegenwoordigd zijn. Nitraten komen vooral in grond- en oppervlaktewater terecht door het gebruik van kunstmest en door mestoverschotten uit de veehouderij. Als de bodem die hoeveelheden niet meer kan opnemen, sijpelt het overschot door naar het grondwater, dat voor veel dorpen juist een belangrijke bron van drinkwater is.

Volgens Europese schattingen hangt 81 procent van de stikstof uit de landbouw die in watersystemen terechtkomt, direct of indirect samen met de veehouderij. Greenpeace wijst erop dat nitraatvervuiling daardoor niet alleen gevolgen heeft voor de volksgezondheid, maar ook voor kwetsbare natuur en watergebieden, zoals de Mar Menor in Murcia en het Galicische stuwmeer As Conchas in de provincie Ourense.

Een concreet voorbeeld uit Burgos

Hoe tastbaar dat probleem is, blijkt uit een burgerwetenschapsproject van de Universiteit van Burgos. Onderzoekers analyseerden begin 2024 meer dan 300 watermonsters die door inwoners uit de provincie waren aangeleverd. In 39 van de 146 onderzochte plaatsen bleek het kraanwater boven de wettelijke nitraatgrens van 50 milligram per liter uit te komen.

Volgens de onderzoekers kunnen daardoor minstens 53.341 inwoners van de provincie zijn blootgesteld aan water dat niet geschikt is voor consumptie. Opvallend was bovendien dat ook veel natuurlijke bronnen onveilig bleken: van de 83 onderzochte bronnen overschreed 41 procent de norm. De universiteit waarschuwde dat bewoners soms zonder het te weten kraanwater of bronwater gebruikten dat volgens de geldende norm niet drinkbaar was.

Waarom de aanpak onder druk staat

De discussie over nitraatvervuiling, drinkwaternormen en de verantwoordelijkheid van landbouw en veeteelt speelt in Spanje al langer. Het ministerie voor Ecologische Transitie beschouwt nitraatvervuiling als het belangrijkste probleem voor de kwaliteit van Spaanse watermassa’s. In 2024 kreeg Spanje bovendien een veroordeling van het Hof van Justitie van de Europese Unie, omdat het land onvoldoende deed om watervervuiling door nitraten aan te pakken. Die uitspraak leidde niet direct tot een nieuwe drinkwaternorm, maar vergrootte wel de druk op Spanje en de regio’s om kwetsbare gebieden beter aan te wijzen en maatregelen aan te scherpen.

Druk op overheid neemt toe

Met deze cijfers probeert Greenpeace de druk op de Spaanse overheid verder op te voeren. De milieuorganisatie vraagt de Spaanse minister van Volksgezondheid om het voorzorgsbeginsel toe te passen en de maximaal toegestane hoeveelheid nitraten in drinkwater zo snel mogelijk te verlagen.

Greenpeace koppelt het probleem nadrukkelijk aan het grootschalige gebruik van kunstmest en aan de omvang van de intensieve veehouderij in Spanje. Daarbij wijst de organisatie erop dat in 2025 opnieuw een record werd bereikt in het aantal dieren dat voor menselijke consumptie werd geslacht: bijna 1 miljard.

Ook aan de kant van waterbedrijven en gemeenten groeit de onrust. Volgens DATADISTA hebben vooral kleine gemeenten en lokale beheerders vaak onvoldoende technische capaciteit om de verplichte waterveiligheidsplannen op te stellen die nodig zijn in kritieke gebieden. Daardoor ontstaat een wrange situatie: de vervuiling wordt elders veroorzaakt, maar de rekening voor monitoring, extra controles en zuivering komt vaak terecht bij de drinkwatersector en de gemeenten.

Brancheorganisatie AEOPAS waarschuwt daarom dat het probleem niet alleen met duurdere zuiveringstechnieken kan worden opgelost. Volgens de organisatie moet de bescherming van waterwinningen veel serieuzer worden aangepakt, zodat vervuiling al bij de bron wordt voorkomen.