Deze dorpen worden ‘het Toscane van Málaga’ genoemd

door admin
Deze dorpen worden 'het Toscane van Málaga' genoemd

Tijdens de Moorse overheersing vormde een vijftal witte dorpen een 'taha', een gewest, in het achterland van Málaga. De dorpen in deze landstreek worden door de Spaanse krant El País omschreven als het Toscane van Málaga.

De bijzondere verzameling witte dorpen, bestaande uit El Borge, Almáchar, Cútar, Comares en Benamargosa, bieden natuur, geschiedenis, zoete wijn en rozijnen als alternatief voor de Costa del Sol. Er zijn veel overeenkomsten tussen deze dorpen, maar elk dorp is bijzonder en heeft zijn eigen charme. Samen doen ze denken aan de Italiaanse regio Toscane met schitterende plaatsen als Florence, Pisa of Siena.

In de zestiende en zeventiende eeuw waren veel ‘bandoleros’, door armoede gedreven struikrovers, actief in dit deel van Málaga. Het was een manier van leven in dit gebied, dat bekend staat als ‘la Toscana malagueña’. Door het landschap, de zoete wijn en de natuurlijke omgeving doet de streek denken aan Toscane. El Pais spreekt vol lof over het vijftal witte dorpen in dit ´kleine Toscane´ en belicht in enkele zinnen de historische waarde en bekoring van de verschillende plaatsjes.

Bandietengalerij in El Borge

El Borge wordt geroemd om zijn “prachtige subtropische gewassen en oude wijngaarden”. Ook wordt de zestiende-eeuwse kerk Nuestra Señora del Rosario genoemd, evenals de fontein ‘Fuente de la Vendimia’, een horecastop bij bar Casa Paco, en de onlangs geopende toeristische trekpleister ‘Galería del Bandelero, de bandietengalerij.

Rozijnen en Moorse rebellen

In Almáchar, de volgende stop, valt vooral de straat Eugenia Ríos op, voornamelijk vanwege de foto’s die de verschillende stadia van de rozijnenproductie laten zien. Ook de moeite waard zijn de parochie van San Mateo, de wijk Las Cabras of een stop bij de Santo Cristo-coöperatie om olijfolie, wijn of vermout te kopen. Het lokale rozijnenmuseum is geopend op zaterdag en zondag.

In het piepkleine dorp Cútar, dat tegen de heuvels ligt, wordt het informatiecentrum van de ‘Alquería de Cútar’ aanbevolen. Het is een poort naar het verleden en de geschiedenis van het dorp en de regio, vooral met betrekking tot de Monfíes, de gevluchte islamitische Moren en rebellen in de zestiende en zeventiende eeuw, die te vergelijken zijn met de bandoleros.

Een onverwachte verrassing

Over de laatste twee dorpen, Comares en Benamargosa, is El País kort. Hoewel de krant een stop aanraadt bij restaurant Atalaya in Comares om het overheerlijke geitenvlees of de verfrissende Salmorejo te proeven. Het landelijke dagblad geeft ook informatie over de geografische ligging van het Toscane van Málaga en van enkele buitengebieden in de streek, zoals de gehuchten Triana en La Zorrilla.

Bovendien wordt een bezoekje aan het hoger gelegen boeddhistische centrum ‘la estupa de Kalachakra genoemd: “Een onverwachte verrassing in de regio Axarquía, nabij de Arabische verdedigingstoren die het gebied domineert, met uitzicht op het stuwmeer van La Viñuela, de berg La Maroma, de Middellandse Zee en een oneindige reeks heuvels.”

Lees ook: Hoe de zoon van een klein dorpje een grote naam werd in Amerika

Dit vind je misschien ook leuk