Ontdek Medina Azahara, het vergeten voorbeeld voor het Alhambra

door Else BeekmanElse Beekman
Hoe Medina Azahara diende ter inspiratie voor het Alhambra

Vlakbij Córdoba liggen de resten van wat in de tiende eeuw een weelderige en imponerende paleisstad was. Medina Azahara is voor velen nog onbekend, maar vormde de blauwdruk voor de latere pracht van het Alhambra in Granada. Wie meer wil weten van de Moorse geschiedenis van Spanje ontdekt hier een vergeten hoofdstuk uit Al-Andalus vol luister en overblijfselen van verbluffende architectuur en technisch vernuft.

Wij waren benieuwd en togen naar de zuidflank van de Sierra Morena in Andalusië en troffen tussen talloze stenen, half overeind staande muren en ruïnes ook een paar oogverblindende getuigenissen aan van wat ooit het centrum van de beschaafde wereld was. Duizend jaar geleden schitterde op deze plek, acht kilometer van Córdoba vandaan, de hoofdstad van het kalifaat van Al-Andalus, Medina Azahara of Madinat al-Zahra. Sinds 2018 staat het complex op UNESCO’s werelderfgoedlijst.

Eeuwen later zijn de overheersende kleuren hier zijn grijs en lichtbruin, net zoals de kleur van het ribfluwelen pak van onze gids en de lucht op deze mistige dag van ons bezoek. Dat doet echter niets af aan de cultuurhistorische waarde die we hier aantreffen. Die blijkt minstens zo belangrijk te zijn als die van de Mezquita in Córdoba en het Alhambra in Granada. Sterker nog, veel elementen uit deze paleisstad dienden als inspiratiebron voor de bouw van het Alhambra.

Toch zijn veel mensen amper op de hoogte van het bestaan van deze plek, waar we, dankzij het gestage en onvermoeibare werk van archeologen, steeds meer over kunnen leren. Na ons bezoek hebben we een goed beeld van de sprookjesstad van weleer waar ooit de kaliefen Abd al- Rahman III, Al-Hakam II en Al-Mansur hof hielden.

Abd al-Rahman III

Salon Abd Al-Rahman III
Salon Abd Al-Rahman III

Córdoba vormde toen Medina Azahara werd gebouwd (vanaf 936 tot 947) het centrum van de beschaafde wereld. Met vermoedelijk zo’n 450.000 inwoners was het de hoofdstad van islamitisch Spanje. Kunst, wetenschap, industrie en handel floreerden op niveaus die nergens anders ter wereld werden bereikt.

De toenmalige kalief, Abd al-Rahman III besloot buiten het drukke Córdoba te gaan wonen en koos deze locatie vanwege de gunstige ligging. Bij het ontwerp van zijn paleisstad, met een oppervlakte van 112 hectaren, liet hij zich inspireren door de grote moskee van Damascus, op dit moment de oudste nog bestaande moskee ter wereld. In 947 verhuisde de kalief met zijn complete hofhouding van meer dan 20.000 personen naar zijn nieuwe residentie, waar nog tientallen jaren aan doorgebouwd zou worden.

Na de dood van Abd al-Rahman III erfde Al-Hakam II op 45-jarige leeftijd de titel van kalief. Hij legde de laatste, uiterst overdadige, hand aan de bouw en was hier zo druk mee dat hij amper tijd overhield om zijn kalifaat te besturen. Vijftien jaar na zijn aantreden stierf ook hij, om opgevolgd te worden door zijn elfjarige zoon Hisjam II. Omdat deze nog niet in staat was Al-Andalus te besturen, rook de op macht beluste eerste minister Ibn Abi Amir zijn kans. Hij had dankzij de veelal afwezige Al-Hakam II al veel bestuurservaring, noemde zichzelf Al-Mansur (de overwinnaar) en wierp zich op als regent van de jonge kalief – en zette deze uiteindelijk gevangen in zijn eigen paleis.

Oogverblindende weelde

MEdina AZahara detail

Buitenlandse ambassadeurs die op audiëntie kwamen bij Abd al-Rahman III in zijn beroemde salon, werden letterlijk verblind zodra ze de machtige kalief naderden. Slaven roerden met houten stokken door het kwikzilver waarmee de fontein in het midden van de ruimte was gevuld. Met het felle zonlicht dat naar binnen scheen, weerkaatsten de stralen uit de fontein tegen de goud- en zilverkleurige plafonds en in de ogen van de bezoekers. Alles in de troonzaal was bedoeld om te imponeren.

De hele stad Medina Azahara, zoals deze er in de korte tijd van haar bestaan uit moet hebben gezien, was een architectonisch hoogstandje. Al deze luxe had vanzelfsprekend ook een prijs. De kalief spendeerde jaarlijks maar liefst een derde van de rijksbegroting aan de bouw van zijn exuberante residentie. Dagelijks spanden duizenden arbeiders en slaven met honderden kamelen en muilezels zich in om de vele marmeren zuilen uit Afrika op hun plek te krijgen, de waterwerken en het rioolstelsel aan te leggen, de marmeren vijvers vorm te geven en de honderden fonteinen te voorzien van de prachtigste dierenbeelden.

Met 1.200 broden per dag werden alle vissen in Medina Azahara gevoerd. De stad had ook een eigen dierentuin, gevuld met dieren uit Afrika. De feeërieke tuinen stonden symbool voor de tuinen uit de Koran. Tussen de paleizen waar de kalief woonde en de lagergelegen wijken voor het ‘gewone volk’ bevond zich de hoofdmoskee, die voor iedereen toegankelijk was, al had de kalief zijn eigen toegangsweg en gebedsruimte. Volgens overlevering was deze moskee van alle moskeeën uit die tijd het meest accuraat naar Mekka gericht.

De rondleiding

Gran Portico
Gran Portico

Van de bezoeker van Medina Azahara wordt enige fantasie gevergd. De uitleg die langs de route door de resten op verschillende bordjes wordt gegeven is nogal summier. Onze gids vertelt dat alle delen hoger dan twee meter gedeeltelijk zijn gerenoveerd. De opnieuw opgebouwde stukken betreffen veelal de typische hoefijzerbogen die ons doen denken aan de Mezquita-Catedral in Córdoba en waar rode en zandkleurige stenen elkaar afwisselen, steunend op roze, witte en grijze marmeren zuilen.

Camino de los Nogales

Sinds de eerste opgraving in 1910 is het gelukt om slechts tien procent van de oorspronkelijke paleisstad bloot te leggen. De rest ligt nog onder de in dit jaargetijde groene akkers verborgen. Links van de ingang, de noordelijke stadspoort op het hoogste deel van het terrein, is een gedeelte van de Camino de los Nogales te zien. Het was ooit de snelste verbinding naar Córdoba en leidde de reiziger de stad in over de Romeinse brug over de Guadalquivir.

Woonvertrekken en ontvangstzaal van de kalief

Rechts van de poort liggen de wegens restauratie ontoegankelijke woonvertrekken van de kalief en links die van de ministers en andere hoogwaardigheidsbekleders. Op het tweede terras liggen de resten van regeringsgebouwen en de beroemde ontvangstzaal van de kalief. Hopen steen worden nu afgewisseld door eentonige tuinen die in niets meer lijken op hoe ze er eens uitzagen. Alle paden in de tuinen om de waterbekkens heen liggen bezaaid met brokstukjes waarop de in Al-Andalus veelgebruikte plantendecoraties nog goed te zien zijn.

Eindeloze puzzel van stenen

De stukken steen maakten onderdeel uit van panelen waarmee de stad rijkelijk versierd was. In de loop der jaren zorgvuldig door archeologen gerangschikt, liggen ze nu als een grote puzzel op hun eindbestemming te wachten: de plek waar ze ooit hun bestaan begonnen. Via een indrukwekkend hoofdportaal, dat uit een zuilengang met veertien booggewelven bestaat, komen we uit op het Plaza de Armas (plein van de wapens). Bij deze ‘Gran Port’ ontving de kalief zijn troepen, sprak ze toe en werden indrukwekkende parades gehouden.

Troonzaal van Abd al-Rahman III

2507459391

Het beste staaltje werk dat de archeologen in Medina Azahara tot nu toe afleverden, is de kunstig opnieuw opgebouwde troonzaal van Abd al-Rahman III. Dit is de enige plek waar nog iets van de vroegere luister te zien is. Het gebouw heeft een voorportaal gevolgd door een middels zuilen en booggewelven in drieën verdeelde ontvangstzaal. Enkele zuilen zijn oorspronkelijk, compleet met authentieke, rijkelijk bewerkte kapitelen en basissen. De zaal kijkt uit over de tuinen en het groene dal richting Córdoba.

Moors riool

Onze gids wijst ons bij elke ruïne enthousiast de goed bewaard gebleven latrines aan. Het uiterst simpele, doch doeltreffende model dat de Moren gebruikten om hun behoeften te doen, doet ons denken aan de gaten in de grond langs de snelwegen in Frankrijk. Onder de hele stad liep een buizenstelsel van lood en zilver. Hierlangs voerde men gebruikt water af en daar kwam schoon water uit de bergen voor terug.

Vernieling en wederopbouw

Medina Azahara bruiste, alle fysieke en materiële investeringen ten spijt, amper tachtig jaar. Met het uitbreken van volksopstanden en een burgeroorlog kwam er in het jaar 1010 een abrupt einde aan de politieke stabiliteit van de islamitische provincie in middeleeuws Europa. Fundamentele Berbers zagen het luisterrijke vertoon van macht en werden woedend over zoveel buitensporige weelde. Ze vernielden de stad en vanaf dat moment diende Medina Azahara nog slechts als stenenleverancier voor het nabijgelegen Córdoba. De Berbers vernietigden ook de ingenieuze watervoorziening van de Moren zodat de vruchtbare omgeving nog sneller ten prooi viel aan verval.

Fernandinos

Verder smolten ze zilver en lood uit het buizenstelsel om voor hergebruik. De christenen begonnen vanuit het noorden langzaam maar zeker terrein op de Moren terug te winnen en toen de Katholieke Koningen in 1236 Córdoba veroverden, gebruikten ook zij resten uit Medina Azahara. Alle kerken in de nabije omgeving die met stenen uit Medina Azahara gebouwd zijn, worden Fernandinos genoemd, naar de katholieke koning Fernando III.

Herontdekking en restauratie

Duizend lange jaren bleef de paleisstad onder de zoden liggen en raakte in vergetelheid, tot in 1911 de eerste opgravingen een feit waren. In de jaren zeventig legden onderzoekers het centrale deel van de stad, het alcázar, bloot en begonnen ze met de restauratie van de salon van Abd al-Rahman III. Doordat de Junta de Andalucía in 1885 Medina Azahara overnam, kwam er meer geld vrij om de stad te beschermen en verder op te graven en te restaureren.

In 2007 legden ze het oostelijke deel van de zuidmuur bloot en in december 2008 stuitte men op resten van een moskee die in een buitenwijk van de stad lag. Een paar jaar geleden wijzigde men de koers van de restauratie. Waar archeologen in het begin zoveel mogelijk onderdelen namaakten, restaureren ze nu alleen nog maar. Originele resten bevestigen ze op hun oorspronkelijke plek zodat ontbrekende delen duidelijk van de echte te onderscheiden zijn. In de salon van Abd al-Rahman ziet een stuk muur er zodoende uit als een onafgemaakte puzzel.

De hoogtepunten

Met context van de gids is vrijwel alles wat we zien de moeite waard. Zoals de overblijfselen van het Alcázar-paleis met de rijk gedecoreerde zalen, de symmetrisch aangelegde tuinen en de hun tijd ver vooruit zijnde watersystemen. Ook het uitzicht vanaf de terrassen is erg fraai. Andere attracties zijn:

  • Salón Rico (Rijke Zaal): Een van de best bewaarde representatiezalen waar restanten van marmeren vloeren te zien zijn en een aantal bogen die de weelde van het kalifaat vertegenwoordigen.
  • Dar al-Wuzara (Huis van de Viziers): Hier huisde het administratieve centrum van het kalifaat met zuilengangen en eveneens een fantastisch uitzichtspunt voor wie panoramische foto’s wil maken.
  • Gran Pórtico: Monumentale oostelijke ingang met drie bogen (van de oorspronkelijke 15), bedoeld om de bezoekers die de stad naderden te imponeren.
  • De Salón van Abd ar-Rahman III: met zijn halve koepel en fonteinen
  • Plaza de Armas: De enige bekende Omajjijnse paradeplaats van deze omvang (15.000 m²). Aangelegd door massale terrassenbouw met tienduizenden kubieke meters aarde. Deze diende als symbolische entree tot het Alcázar voor militaire parades en diplomatieke ceremonies.

Het is aan te raden je bezoek aan Medina Azahara altijd te beginnen in het Museo de Sitio. Daar draait een 15-minuten durende 3D-reconstructie waarin je de stad kunt zien zoals deze er echt uit heeft gezien rond 950-976, met 20.000 inwoners, hydraulische systemen en de Alcázar in volle glorie. Dat biedt veel context voor je verdere bezoek.

Een bezoek met gids kost voor volwassenen 22 euro, 11 euro voor kinderen van 5 tot 12 jaar.

Hoe het Alhambra al in de 14e eeuw centrale verwarming had