Deze bijzondere moeraswandeling bij Cádiz laat een totaal ander Andalusië zien

door Else BeekmanElse Beekman
wandelen tussen zee en moeras

San Fernando, gelegen tussen de Atlantische kust en de baai van Cádiz, staat niet direct bekend als de mooiste plaats van Andalusië. Dicht op elkaar gebouwde flats en drukke wegen bepalen het eerste beeld. Maar we hadden er iets te doen en ontdekten nog een hele andere wereld. Geen campo, geen strand, maar een heus uitgestrekt en verrassend mooi landschap van kreken, slikvelden, vogels en zoutwatermoerassen.

Wij vinden de Sendero El Carrascón, aan de rand van het Parque Natural Bahía de Cádiz, een erg leuke manier om dat gebied te ontdekken. Zodra we het pad oplopen, verdwijnt de stad verrassend snel naar de achtergrond. Het wandelpad strekt zich kronkelend door de marismas voor ons uit en op veel plekken zijn we volledig omringd door water.

Het landschap voelt hier heel on-Andalusisch open aan. De lucht lijkt er weidser dan elders aan deze kust. Lage eilandjes met struikachtige begroeiing steken boven het water uit, terwijl de kreken zich alle kanten op vertakken. Zelfs op een zonnige dag met helderblauwe lucht en een behoorlijk frissen wind, hangt er een zachte zilte geur van zeewater, slik en zout.

Sendero el Carrascón bij San Fernando
eigen beeld ©inspanje.nl

Onderweg passeren we kleine uitkijkpunten met bankjes onder houten overkappingen waar we stoppen om over het water uit te kijken. Af en toe dobbert ergens een klein bootje tussen de kreken, terwijl op de achtergrond de bebouwing van San Fernando bijna onwerkelijk ver weg lijkt.

Paarse bloemen en vogels boven het water

In mei staat langs de oevers de salado ((Limoniastrum monopetalum) in bloei, met opvallende paarse bloemen die prachtig afsteken tegen het groenblauwe water en de felblauwe lucht. Vooral rond het middaguur lijken de kleuren bijna overdreven helder: het turquoise water, de witte wolken en de paarse bloei van de limonium vormen samen een landschap dat voortdurend verandert met het licht.

Onderweg liggen verschillende uitkijkpunten waar we vogels kunt spotten. Lepelaars (we zagen er twee), flamingo’s, reigers (zagen we ook) en allerlei steltlopers voelen zich thuis in dit getijdengebied van de Baai van Cádiz. Af en toen zien we een witte vogel boven het water wegscheren en soms horen we alleen het geroep van vogels ergens verderop tussen de kreken.

Goed te combineren met strand en duinen

Wij combineren de route met een bezoek aan Playa de Camposoto, een mooi wit zandstrand achter een duinenrij. Dat kun je helemaal zuidwaarts lopen tot aan de Caño de Sancti Petro, het kanaal dat San Fernando van Chiclana de la Frontera scheidt. Ook de kleinere Playa de Urrutia ligt vlakbij, maar dan richting Cádiz. Wie nog verder wil wandelen, kan hier de Sendero Punta del Boquerón lopen, die richting duinen, Atlantische stranden en oude kustforten loopt.

Hoe de moerassen ontstonden

De moerassen van de Baai van Cádiz zijn ontstaan door eeuwenlange wisselwerking tussen zee, rivieren en getijden. Zandbanken en duinen sloten delen van de kust langzaam af van de open oceaan, waarna ondiepe lagunes ontstonden waar slib en zout zich ophoopten. Door het ritme van eb en vloed vormde zich uiteindelijk een netwerk van kreken, slikvelden en zoutwatermoerassen.

Dat landschap verandert nog altijd voortdurend. Bij vloed stroomt zeewater diep de marismas binnen, terwijl bij eb modderbanken en kleine eilandjes zichtbaar worden. Juist die dynamiek maakt het gebied zo aantrekkelijk voor vogels en zoutminnende planten.

Zoutwinning en visserij

Vroeger omvatten de marismas veel meer dan alleen natuurgebied. Als sinds de Feniciërs en Romeinen werd hier zout gewonnen in zoutpannen die belangrijk waren voor de visserij en conservering van voedsel. De sector kende zijn absolute hoogtepunt in de 19e en vroege 20e eeuw. De Baai van Cádiz was toen de grootste zeezoutproducent van Spanje, met San Fernando als commercieel centrum. Het hier gewonnen zeezout werd ‘virgen’ genoemd. Het werd gebruikt voor het conserveren van voedsel aan boord van schepen die naar Amerika voeren. Het belangrijkste stadsfeest van San Fernando heet niet voor niets Fiestas del Carmen y de la Sal.

In de omgeving lagen kleine havens, opslagplaatsen en visverwerkende bedrijven. Achter Camposoto zien we nog resten van oude installaties en vervallen gebouwen die aan die periode herinneren. Hier en daar geven verlaten bootjes in het water, half weggezakt in het slik met die ruïnes op de achtergrond het landschap iets rauws en melancholisch.

Toen de traditionele zoutwinning en visserij in de twintigste eeuw steeds minder rendabel werden, raakten die activiteiten in verval. De natuur won weer aan terrein en werd daarbij geholpen doordat autoriteiten het gebied een beschermde status toekenden. Daarom spelen nu vogels, wandelaars en fietsers er weer de hoofdrol.

Praktische informatie

plattegrond van San Fernando en omgeving

De Sendero El Carrascón is een eenvoudige wandeling die geschikt is voor vrijwel iedereen. Het pad bestaat grotendeels uit vlakke grind- en zandpaden en is ongeveer 6 kilometer lang als je een deel heen en terug loopt. Ook fietsers gebruiken de route regelmatig.

De beste momenten om te wandelen zijn ’s ochtends vroeg of later in de middag, zeker in de warmere maanden. Onderweg is geen schaduw, alleen onder de overkapping van de uitkijkpunten, dus water, zonnebrand en hoofdbedekking zijn geen overbodige luxe. Voor vogelspotters is een verrekijker handig, al zie je ook zonder moeite regelmatig vogels boven het water of in de slikvelden.

Parkeren kan onder meer bij Playa de Camposoto of aan de rand van de route bij San Fernando. De wandeling laat zich goed combineren met een stranddag, een bezoek aan Punta del Boquerón of een lunch aan zee. Eten kan bijvoorbeeld bij het populaire Casa Pepe, op de weg tussen San Fernando en Playa de Camposoto.