In Nederland speelt zich opnieuw een juridisch hoofdstuk af in het slepende conflict tussen Spanje en investeerders in hernieuwbare energie. De rechtbank in Den Haag gaf op 19 maart toestemming om beslag te leggen op een gebouw dat verbonden is aan het Instituto Cervantes in Utrecht.
Het pand gaat tijdelijk over naar het fonds Blasket Renewable Investments. Dat fonds probeert een deel van de openstaande schuld te innen die voortkomt uit het Eurus‑arbitragegeschil met Toyota, nadat Spanje weigerde de toegekende schadevergoeding te betalen. De beslaglegging werd op 20 april aan Spanje gemeld en vier dagen later uitgevoerd. Volgens de brief die de Spaanse regering ontving, staat het pand geregistreerd op naam van het Instituto Español de Emigración. Schuldeisers onderzoeken of een openbare veiling mogelijk wordt als Spanje blijft weigeren te betalen.
Herkenbare plek in Utrecht
Het gebouw dat nu onderwerp is van beslag, staat op een iconische plek: recht tegenover de Dom en de Domtoren. Het monumentale pand werd in 1913 gebouwd als Gereformeerde Kerk, naar een ontwerp van architect M.E. Kuiler. De Spaanse staat kocht het in 1972 en liet het grondig verbouwen. Het werd een ontmoetingscentrum voor Spaanse gastarbeiders: Casa de España. In 1992 kreeg het Instituto Cervantes de sleutel en vestigde het er zijn Nederlandse centrum voor taal en cultuur.
Het pand telt vier verdiepingen en biedt ruimte aan uiteenlopende activiteiten. Het centrum beschikt over zes leslokalen, een grote zaal voor 110 bezoekers en een bibliotheek van 150 vierkante meter. Al meer dan dertig jaar vormt het gebouw een vaste ontmoetingsplek voor Spanjaarden, studenten en liefhebbers van de Spaanse taal. De geschatte waarde van het pand ligt rond de tien miljoen euro.
Hoe deze schuld ontstond
Het conflict vindt zijn oorsprong in het besluit van Spanje om de subsidies voor hernieuwbare energie terug te draaien. Buitenlandse investeerders die eerder in Spaanse wind- en zonneparken stapten, claimden daardoor forse verliezen. Een van hen is Eurus Energy, een Japans bedrijf dat verbonden is aan Toyota Tsusho. Eurus investeerde vanaf 2007 in Spaanse windparken, gebaseerd op royale steunregelingen die het rendement moesten garanderen.
Toen Spanje tussen 2012 en 2014 deze steun afbouwde, stelde Eurus dat de nieuwe regels hun investeringen zwaar schaadden. Het bedrijf stapte in 2016 naar het internationale arbitragehof ICSID. Dat hof gaf Eurus in maart 2021 gelijk en kende ruim honderd miljoen dollar schadevergoeding toe. Spanje ging niet over tot betaling. Daardoor kregen schuldeisers in meerdere landen toestemming om Spaanse bezittingen op te eisen. Nederland sluit zich nu aan bij eerdere stappen in het Verenigd Koninkrijk, België, Australië, Singapore en de Verenigde Staten. Het beslag op het Cervantes‑gebouw in Utrecht vormt een directe uitwerking van het definitieve ICSID‑vonnis.
Druk vanuit buitenland neemt toe
Nederland staat niet alleen. In het Verenigd Koninkrijk werd al eerder beslag gelegd op meerdere Spaanse bezittingen, waaronder een ander Cervantes‑gebouw. Een Londense rechtbank speelde drie jaar geleden een sleutelrol. Die rechter legde als eerste beslag op de Londense vestiging van het Instituto Cervantes en blokkeerde de bankrekeningen van de instelling. Ook nam de rechtbank het gebouw van de Escuela Internacional Vicente Cañadas in beslag en gaf zij toestemming om een pand van de Generalitat de Cataluña te incasseren. Deze stappen volgden nadat een fonds dat gelieerd is aan HSBC betaling eiste van de 92 miljoen euro die het ICSID in 2019 had toegekend.
Ook in België ligt 482 miljoen euro vast, terwijl de Verenigde Staten beslag toestonden op bedragen die samen richting de 700 miljoen euro gaan. In totaal erkende het ICSID inmiddels 27 van de 52 claims tegen Spanje, goed voor meer dan 2,3 miljard euro.
Wat betekent dit voor Spanje?
De kwestie raakt Spanje financieel én symbolisch. Het Cervantes‑instituut geldt wereldwijd als cultureel visitekaartje. Dat juist een van deze gebouwen onderwerp wordt van beslag, maakt de zaak extra gevoelig. Tegelijkertijd groeit de druk op Madrid om de arbitragevergoedingen alsnog te betalen. Volgens het artikel in The Objective verliest Spanje “207.000 euro per dag” door rente en bijkomende kosten. Toch houdt de regering vol dat de arbitragevonnissen in strijd zijn met het Europese recht.
Deze zaak laat zien hoe ver de gevolgen reiken van beleidswijzigingen rond duurzame energie. Wat begon als een nationale subsidieaanpassing, mondt jaren later uit in internationale rechtszaken, beslagleggingen en diplomatieke spanningen. De komende maanden wordt duidelijk of Spanje alsnog tot betaling overgaat of dat meer buitenlandse bezittingen risico lopen.