Tegenstanders noemen vergroend Sidi Saler “het Valenciaanse Algarrobico” en eisen sloop

door Else BeekmanElse Beekman
Hotel Sidi Saler zoals het nu is

Het al vijftien jaar verlaten luxehotel Sidi Saler in Valencia krijgt opnieuw een nieuw plan. Een Valenciaans bedrijf wil het complex, midden in het beschermde natuurpark van l’Albufera, ombouwen tot een vijfsterrenhotel dat bijna wegvalt tussen duinen en bomen van twintig meter hoog. Het is alweer de zoveelste bestemming die het gebouw krijgt toebedeeld sinds het dichtging, en dat schiet critici in het verkeerde keelgat.

In het kort

  • Luxehotel Sidi Saler in Valencia staat al 15 jaar leeg, maar wordt nu een vijfsterrenhotel met uitgebreid duurzaamheidsprofiel.
  • Eerdere plannen als ouderenresidentie of seniorenresort zijn inmiddels losgelaten.
  • Het hotel staat op de smalle duinenstrook die natuurpark l’Albufera van zee scheidt en officieel als erosiegevoelig geldt.
  • Milieuorganisatie Acció Ecologista-Agró noemt groen jasje en duinenherstelbelofte greenwashing.
  • Politieke partij Compromís noemt Sidi Saler “het Valenciaanse Algarrobico” en eist sloop in plaats van heropening.
  • De toekomst van het gebouw hangt af van drie bestuurslagen: gemeente, Generalitat Valenciana en de landelijke Kustwet.

Het Sidi Saler was ooit het eerste vijfsterrenhotel van Valencia, met 276 kamers direct aan zee. Sinds de sluiting, vijftien jaar geleden, wisselden de plannen voor het gebouw elkaar in hoog tempo af. Buurtvereniging La Dehesa-Saler pleitte jarenlang voor een ouderenresidentie in het pand. Ook de huidige burgemeester van Valencia, María José Catalá, koos aanvankelijk voor die richting. In 2024 overlegde ze nog met de regionale minister van Milieu over een “duurzaam” hotel voor senioren.

Dat plan is inmiddels van tafel. Het gebouw is recent door Lukeson Management gekocht, onderdeel van Grupo Safadi, dat al dertig jaar actief is in Valencia. Dat bedrijf wil er nu een regulier luxehotel van maken en verpakt het in een uitgebreid duurzaamheidsverhaal. Het dak wordt bedekt met planten, regen- en grijswater wordt hergebruikt, geen fossiele energie en een landschapsplan voorziet in herstel van de originele duinvegetatie.

Een kwetsbare strook tussen meer en zee

Het Sidi Saler ligt op de Devesa del Saler, de smalle duinenstrook die l’Albufera, een van de belangrijkste kustlagunes van Spanje, scheidt van de Middellandse Zee. Het hele gebied is sinds 1986 beschermd als Natuurpark l’Albufera en valt ook onder het Europese Natura 2000-netwerk.

Die ligging maakt de plek extra gevoelig. Het ministerie voor Ecologische Transitie heeft juist in de zone rond Saler en de Garrofera kusterosie vastgesteld. Die erosie kan op termijn de duinenstrook aantasten die de Albufera van de zee scheidt. Inmiddels zijn er ook twee projecten opgezet om de kust in dit gebied te herstellen.

Een smalle duinbarrière als deze vormt de enige natuurlijke buffer tussen open zee en het achterliggende merengebied, en is daardoor extra kwetsbaar voor stormvloeden en golfoverslag. Dat plaatst de plannen voor duinherstel van de nieuwe eigenaar in een ander licht: het gaat niet alleen om landschappelijke inpassing, maar om een gebied waar de overheid zelf al erkent dat de kust achteruitgaat.

Sidi Saler zoals het eruit moet komen te zien
Sidi Saler zoals het moet worden

“Onzichtbaar” hotel, maar kritiek op de schaal

Volgens de architecten zal het hotel vanaf het strand straks nauwelijks te zien zijn. De herstelde duinen en dichte begroeiing rond het gebouw gaan dat tegen. De nieuwe eigenaar zegt daarbij een centrum voor onderzoek naar zeefauna toe te willen voegen. Via natuureducatie hoopt het het publiek daarbij te betrekken.

Milieuorganisatie Acció Ecologista-Agró trekt dat verhaal in twijfel. Bij een eerder hotelplan voor het pand becijferde de organisatie dat het complex in totaal tot ruim 3.600 mensen tegelijk zou kunnen ontvangen. Van een klein en onzichtbaar hotel is dan volgens de organisatie geen sprake, eerder van een grootschalig complex met een groen jasje. De term greenwashing valt in deze discussie dan ook regelmatig. Critici vrezen dat de nadruk op duurzaamheid vooral dient om vergunningen los te krijgen voor een project dat qua omvang weinig verandert.

“Dit is het Valenciaanse Algarrobico”

De partij Compromís gaat nog een stap verder en eist dat de regering van Pedro Sánchez het gebouw gewoon laat slopen. De partij noemt het Sidi Saler inmiddels “het Valenciaanse Algarrobico”. Daarmee verwijst men naar het beruchte hotel in het natuurpark Cabo de Gata-Níjar, dat na jarenlange juridische strijd alsnog onteigend en gesloopt wordt. Compromís wil dat het ministerie voor Ecologische Transitie de concessie van het Sidi Saler laat vervallen en de sloop in gang zet.

Drie overheden, één ingewikkeld dossier

De toekomst van het Sidi Saler hangt af van drie bestuurslagen tegelijk. De gemeente Valencia moet een nieuwe vergunning verlenen voor een gebouw dat juridisch gezien “buiten de regels” valt omdat de milieuvergunning in 2022 werd ingetrokken. De Generalitat Valenciana bepaalt via een herziening van het beheerplan van het natuurgebied welk gebruik verenigbaar is met de natuurwaarden, al ligt de uiteindelijke beslissing bij de landelijke overheid, via de kustendienst van het ministerie voor Ecologische Transitie in Madrid.

Diezelfde Generalitat heeft bovendien, op basis van een wet uit 1994 over beschermde natuurgebieden, het recht om als eerste een bod te doen bij de verkoop van het pand. Of die procedure bij de recente verkoop wel is gevolgd, is nog niet duidelijk.

De concessie op het terrein zelf loopt nog altijd, tot 2067, mits de eigenaar de bestaande constructie intact houdt. Zolang gemeente, regio en rijksoverheid het niet eens worden, blijft het Sidi Saler dus vooralsnog precies wat het al vijftien jaar is: een leegstaand gebouw waarover iedereen een andere toekomst voor ogen heeft.