Een recent weekrapport van Morgan Stanley, geschreven door de analisten Sun Woen Kang en Joachim Fels, baarde dezer dagen onverwacht nogal opzien. Daarin staat onder meer: ‘Als gevolg van de recessie, hervormingen en een sterke export sector is Spanje hard op weg het volgende ‘Duitsland’ in de eurozone te worden’.
Volgens de analisten zal Duitsland haar binnenlandse vraag zien stijgen, maar exporten zien afnemen. Binnen 3 tot 5 jaar zou daardoor Spanje mogelijk zelfs de plaats van Duitsland kunnen overnemen.
Bij het zien van een Spaanse regering die bijkans omvalt door corruptie-schandalen en na een blik over straat kun je je afvragen of de raadgevingen van beleggingsfirma’s wel zoveel waarde hebben?
Wat weegt zwaarder? De sociale cohesie van een land of de financiële toestand van de staat en haar insolvente banken? Deze tegenstelling houdt desondanks steek.
Op tijd?
Het gaat niet goed met Spanje, maar president Rajoy heeft ondanks alles de steven kunnen wenden en gaat daarmee nog verder door om een totale ineenstorting van de Spaanse economie en samenleving te voorkomen. Welzeker al met enig succes!
Of dit in het licht van internationale ontwikkelingen nog op tijd komt, blijft echter de grote vraag. Of dit nog veel langer door kan gaan net zo goed.
De werkwijze die de Spaanse regering kennelijk volgt, berust erop eerst het uit het roer gelopen banken-systeem weer op de been te helpen, om zodoende ruimte te krijgen voor private kredietverlening. Daarmee kunnen productiebedrijven en exporteurs aan het werk gaan om wat meer banen te scheppen. Dat is dringend nodig bij een werkloosheid van circa 26 procent en het wegvloeien van hoger geschoolden uit Spanje naar andere landen.
Klassiek type van hervorming
Dit klassieke type van hervorming heeft echter haken en ogen. Professor Moorad Choudhry, vroeger ondermeer financieel directeur van de Europees-Arabische Bank, denkt daarom dat de optimistische uitspraken over Spanje tamelijk voorbarig zijn.
Hij zegt: ‘Er is meer van belang dan productiviteit en de positie van exporten bij lage loonkosten. In dat verband kan men gerust beweren dat Bangladesh binnenkort Duitsland als globale exporteur zal voorbijstreven! Spanje moet nog zeker een achttal problemen overwinnen voor er zicht komt op een werkelijke verbetering. Dat gaat heel wat jaren duren.
Op te lossen problemen
Onder de problemen die professor Choudhry ziet, bevinden zich de verlammende bureaucratie, de zware verliezen die door de bouwsector werden gemaakt en door banken niet kunnen worden opgevangen. Maar ook de zeer hoge sociale uitgaven. Iets dat bij de huidige veroudering van de bevolking en de catastrofale werkloosheid onder jongeren niet verwonderlijk is.
Het gaat nog niet goed met Spanje
Bij de beoordeling van in media rondwarende berichten over Spanje zou je propaganda moeten scheiden van speculaties, maar ook van feiten. Het gaat ondanks alle optimisme niet goed met Spanje.
In het vierde kwartaal van 2012 liep de algehele bedrijvigheid met bijna 2 procent terug. Dat Ford en Renault elders fabrieken sluiten om hun werk naar Spanje te verplaatsen is niet meer dan een paar druppels op een gloeiende plaat. We kijken –mijns inziens- terdege aan tegen een “jobless recovery”, een herstel van de economie zonder meer werkgelegenheid.
Meer consumptie nodig
Iets waarvoor professor Josef Stiglitz, econoom en Nobelprijs-winnaar, reeds lang waarschuwt. ‘Machines zijn goedkoop, maar mensen juist niet’, zegt hij, ‘technologie dreigt de mens in deze situatie bij voorbaat uit te sluiten.
Denk er tegelijk om, dat te optimistische gedachten over de economie altijd zullen leiden tot bevooroordeelde beslissingen over te nemen maatregelen. Men denkt nog teveel aan het weghalen van geld bij lonen, terwijl juist meer consumptie nodig zal zijn om reserves aan te leggen en investeringen zinvol te maken.
Zonder vraag naar producten en diensten is elke investering. In dat licht is het trekken van vergelijkingen met het bruto nationale product even betekenisloos’.
Bergafwaarts
De economen bij Eurostat bevestigden vorige week, dat het met de hele eurozone bergafwaarts gaat. Ook met Duitsland. Met dit land relatief zelfs meer dan het reeds boven de afgrond bungelende Frankrijk. Alleen Estland en Slovenië staken er wat positiever bovenuit.
De economische output van de eurolanden daalde het laatste kwartaal van 2012 volgens Eurostat met 0.6 procent. Dat brengt met zich mee, dat er weer heel wat werklozen zijn bijgekomen in euro-landen. Van gemeend optimisme is in Brussel allang geen sprake meer, al wil het propaganda-offensief met het oog op allerlei verkiezingen dit anders doen voorkomen.
‘Europese lente’
Schijn, schijnheiligheid en werkelijkheid lopen in deze dagen kris-kras door elkaar als het over de eurozone gaat. Bureaucratisch geleide euro-regeringen (al dan niet corrupt) ondervinden in toenemende mate weerstand van de bevolking. Een “europese lente” ligt in het verschiet.
Staatsgeweld dreigt, ook al blijft dit vooralsnog verbaal. Kunstmatige deflatie, of beter verarming van de bevolking, wordt als middel gezien om in het zadel te blijven. De enigen die daarvan profiteren zijn de weinige rijken. Hoelang blijft dit nog goed gaan?
Opmars
Spanje is desondanks welzeker in opmars! Financiële cijfers bewijzen dat. Dat gewone mensen daarbij massief en voor langere tijd onder de wielen raken kan politici en bankiers een zorg zijn. Zij weten maar al te goed dat alternatieven schaars zijn, als die al gevonden kunnen worden. De rest is historie, met als overblijvende de vraag die over de bekende kip en het ei…