Spanje heeft niet alleen een wooncrisis, maar ook een emancipatiecrisis

door Judith Goeree
Thuiswonende jongere Spanje

Driekwart van de Spaanse twintigers woont nog bij de ouders. Dat is geen cultuurkwestie — het is een structureel probleem met grote gevolgen voor werk, demografie en sociale mobiliteit.

In het kort

  • 76 procent van de Spaanse twintigers woont nog thuis.
  • Ook 61 procent van de universitaire studenten verlaat het ouderlijk huis niet.
  • Het is geen cultuurkwestie: de cijfers verslechteren al jaren.
  • Gevolg: minder arbeidsmobiliteit, minder kinderen, minder vermogensopbouw.
  • Meer studentencomplexen bouwen kan sneller helpen dan de hele woningmarkt hervormen.

Wie in Spanje opgroeit, verlaat het ouderlijk huis steeds later. Volgens cijfers van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) woont 76 procent van de Spaanse 20- tot 29-jarigen nog bij de ouders — alleen Zuid-Korea (82%) en Italië (79%) scoren hoger. Het Europese gemiddelde ligt op 54 procent; in Denemarken is dat slechts 12 procent. Ter vergelijking: in Nederland verlaten jongeren het huis gemiddeld op hun 23e, in België op hun 26e. In Spanje zijn velen op die leeftijd nog lang niet vertrokken.

De Spaanse journalist en datawetenschapper Kiko Llaneras analyseerde de cijfers en trekt een heldere conclusie: dit is geen cultureel fenomeen, maar een structureel probleem.

Ook studenten blijven thuis

Opvallend is dat zelfs universitair studenten massaal thuis blijven wonen. Van hen woont 61 procent nog bij de ouders — een van de hoogste percentages in Europa. Llaneras wijst op drie oorzaken.

Ten eerste is er een acuut tekort aan studentenhuisvesting. Slechts 5 procent van de Spaanse studenten woont in een studentencomplex, een van de laagste percentages van Europa. Ten tweede heeft Spanje bewust gekozen voor een gespreide universitaire infrastructuur: Spanje heeft bewust gekozen voor een gespreide universitaire infrastructuur: er zijn universiteiten in vrijwel elke provincie, waardoor studenten vaak dicht bij huis kunnen studeren. De universiteit komt naar de student toe, niet andersom. Dat vergroot de toegankelijkheid, maar vermindert tegelijk de noodzaak om het huis te verlaten. Ten derde zijn de woonkosten hoog. Een kamer huren in een andere Spaanse stad is voor veel studenten financieel niet haalbaar.

Geen kwestie van cultuur

Lange tijd werd de late zelfstandigheid van Spaanse jongeren verklaard aan de hand van familiewaarden of de mediterrane cultuur. Llaneras weerlegt die redenering met een simpel argument: de situatie verslechtert. Het aandeel 25- tot 34-jarigen dat nog thuis woont, steeg van 35 procent in 2013 naar 48 procent nu. Cultuur verandert niet zo snel. De oorzaken liggen elders: op de arbeidsmarkt, op de woningmarkt en in de onderwijsinfrastructuur.

Bredere gevolgen

Late emancipatie heeft volgens Llaneras concrete maatschappelijke consequenties. Wie langer thuis woont, verhuist minder snel voor werk en draagt bij aan een minder flexibele arbeidsmarkt. Samenwonen en gezinsvorming worden uitgesteld, wat mede verklaart waarom Spanje een van de laagste geboortecijfers van Europa heeft. En wie nooit zelfstandig heeft gewoond, bouwt later en trager vermogen op.

Zijn meest persoonlijke argument is tegelijk het meest fundamentele: uit huis gaan is een cruciale stap in de overgang naar volwassenheid. Dat klinkt vanzelfsprekend, maar voor een groeiende groep Spaanse jongeren is die stap simpelweg financieel niet haalbaar.

Een gerichte oplossing

Het debat in Spanje draait doorgaans om de bouw van meer sociale huurwoningen. Llaneras suggereert een aanvullende, meer gerichte aanpak: investeer specifiek in studentenhuisvesting. Dat is een afgebakend probleem met een afgebakende oplossing, die sneller effect kan hebben dan een algehele hervorming van de woningmarkt.

Het is een bescheiden voorstel voor een groot probleem. Maar de kern is helder: zolang jongeren niet zelfstandig kunnen wonen, kunnen ze ook niet zelfstandig worden. En dat raakt niet alleen de woningmarkt — het raakt de toekomst van een hele generatie Spanjaarden.