Ceuta, de Spaanse enclave op de Noord-Afrikaanse kust, kampt sinds donderdag 30 juli 2026 met de grootste toestroom van migranten sinds de crisis van mei 2021. Duizenden jonge mannen zwemmen, lopen langs de havendam of springen over hekken om vanuit het Marokkaanse Fnideq (Castillejos) de grens bij Tarajal over te steken. Zeven van hen verdronken. De Spaanse regering heeft het leger ingezet om de overbelaste Guardia Civil bij te staan, terwijl Brussel steun via Frontex heeft aangeboden. Hieronder een chronologisch overzicht van hoe de dag zich ontvouwde.
Aanleiding: een uitspraak van het Hooggerechtshof
De crisis van deze week volgt drie weken op een uitspraak van het Spaanse Hooggerechtshof. Die bepaalde dat de zogeheten “devoluciones en caliente”, de directe terugzetting van migranten aan de grens, zonder procedure, niet mogen worden toegepast op mensen die zwemmend Spaans grondgebied proberen te bereiken. De uitspraak verandert niets aan de vreemdelingenwet zelf, maar legt uit dat de bepaling die directe terugzetting in Ceuta en Melilla toestaat, niet geldt voor wie op zee wordt onderschept tijdens een zwemtocht.
De bepaling waarop de rechtbank zich baseert werd niet in de oorspronkelijke vreemdelingenwet opgenomen. Die werd in 2015 onder kabinet Rajoy (PP) via een parlementair amendement ingevoegd in de Spaanse wet op de openbare veiligheid, ook wel ‘ley mordaza’ (muilkorfwet) genoemd.
‘Dreigende operationele instorting’
Agenten van politie en Guardia Civil in Ceuta melden al sinds ongeveer een week de gevolgen hiervan te voelen. Tegenover EL PAÍS spraken zij van een dreigende operationele instorting: “We zijn overbelast en ik ben bang dat dit niet in twee dagen voorbij is”, “we staan op een haar van operationeel ineenstorten” en “het is erger dan de migratiecrisis van mei 2021.” Het ministerie van Binnenlandse Zaken liet weten “met meer middelen, mensen en materieel” te werken, maar de agenten zelf stellen dat de situatie “niet meer op te lossen is met alleen meer agenten.”
Donderdagmiddag: de toestroom raakt niet meer onder controle
Sinds de vroege ochtend van donderdag 30 juli bereikten duizenden migranten Ceuta zwemmend en vooral, lopend langs de havendam die de stad van Marokko scheidt. Rond 18.20 uur constateerde persbureau Europa Press dat de stroom mensen die middag ongecontroleerd bleef binnenkomen. Vanwege de massale toeloop werd het politiecordon dat eerder die middag aan Spaanse zijde was opgezet, teruggetrokken.
Kort daarna, rond 18.26 uur, verzamelde zich een honderdtal mensen op het centrale plein van Ceuta. Ze protesteerden tegen de regering en de migratiecrisis. De aanwezigen droegen Spaanse vlaggen en Vox-stickers. Leuzen als “Yo soy español” klonken en de demonstranten uitten beledigingen aan het adres van premier Pedro Sánchez.
Politieke reacties stapelen zich op
Terwijl de situatie escaleerde, reageerden partijen over de hele breedte van het politieke spectrum.
Vox
Vox eiste om 18.13 uur de sluiting van de grens met Marokko en de inzet van het leger. De partij van Santiago Abascal noemde de gebeurtenissen “een invasie”. Hij riep minister van Binnenlandse Zaken Fernando Grande-Marlaska, minister van Defensie Margarita Robles en de directeur Nationale Veiligheid, Loreto Gutiérrez Hurtado, op om spoedig verantwoording af te leggen in het parlement. Dat is met verlof vanwege het zomerreces. Alleen als de regering daarom vraagt, keren ze terug.
Podemos
Ook Podemos liet van zich horen. Partijwoordvoerder Pablo Fernández zei het onbegrijpelijk te vinden dat de regering geen nationale noodtoestand afkondigt. Hij eiste het aftreden van minister Grande-Marlaska als die niet met een antwoord komt. “Ceuta kan al deze mensen onmogelijk opvangen”, aldus Fernández. Hij pleitte tevens voor meer medisch en humanitair personeel voor wie “levensgevaar loopt”.
Partido Popular
Om 17.28 uur richtte de Partido Popular zich in felle bewoordingen tot de regering-Sánchez. Europarlementariër en PP-vicevoorzitter Dolors Montserrat schreef op X dat Ceuta “de prijs betaalt voor de massale regularisatie door de Spaanse regering, de niet-naleving van de EU-terugkeerregels en de herhaalde vertraging bij de uitvoering van het Migratiepact.” Sánchez heeft volgens haar “de controle over de buitengrens van Spanje verloren” en dat is “nu een Europees probleem.” De PP verwees daarbij naar een twee weken eerder ingediend wetsvoorstel dat toestaat om vreemdelingen die bij Ceuta of Melilla worden onderschept direct te weigeren.
Sumar
Sumar koos een andere invalshoek. De partij wil dat de crisis “met humanitaire criteria en respect voor mensenrechten” aangepakt wordt. Ze waarschuwde tegen het terugsturen van minderjarigen of mensen die asiel zouden kunnen aanvragen. Volgens Sumar is het beschermen van levens het belangrijkst “met alle juridische en humanitaire waarborgen”. Ook moet de opvangcapaciteit in Ceuta versterkt worden en moeten verschillende overheden gecoördineerd samenwerken.
Compromís
Om 19.07 uur eiste Alberto Ibáñez van Compromís (aangesloten bij Sumar) dat de regering de Marokkaanse ambassadeur in Spanje, Karima Benyaich, zou ontbieden. Hij vermoedt achter de crisis “chantage” van Marokko vanwege de toenadering tussen Spanje en Algerije. “Het Marokkaanse antwoord op de verbetering van de diplomatieke en handelsbetrekkingen met Algerije is chantage, intimidatie en het afsturen van honderden mensen met een verlangen naar een beter leven op Ceuta.” Ibáñez verweet PP en Vox daarnaast steun aan koning Mohammed VI. Verder beschuldigde hij hen ervan de crisis te gebruiken om “haat en racisme te verspreiden.”
Het kabinet grijpt in: leger naar Ceuta
Om 19.27 uur maakte La Moncloa bekend dat de regering de Landmacht die al in Ceuta gestationeerd is, inzet om de Guardia Civil te ondersteunen. “De Strijdkrachten zullen de Guardia Civil versterken bij de uitoefening van haar bevoegdheden en bij die taken die nodig kunnen zijn om de veiligheid in de stad Ceuta te handhaven. De ingezette eenheden zullen de Guardia Civil ondersteunen”, aldus de verklaring.
Concreet komt er, naast de 60 vaste militairen van de Agrupación de Reserva y Seguridad (ARS) die permanent belast zijn met grensbewaking, een extra peloton van 20 militairen bij. In de uren daarna volgen nog twee pelotons van in totaal 40 militairen. Het is niet voor het eerst dat het leger hiervoor wordt ingezet. Hetzelfde gebeurde tijdens de crisis van mei 2021. Toen kwamen ongeveer 10.000 Marokkanen Ceuta binnen, terwijl de Marokkaanse autoriteiten niet ingrepen.
Brussel biedt steun aan via Frontex
Om 19.44 uur liet Eurocommissaris voor Binnenlandse Zaken en Migratie Magnus Brunner aan minister Grande-Marlaska weten dat de Europese Unie bereid is haar steun aan Spanje te versterken. Dat doet het onder meer via het Europese grens- en kustwachtagentschap Frontex. Brunner voegde toe dat de Europese Commissie in contact staat met de Marokkaanse autoriteiten. Zo wil men ervoor te zorgen dat “alle nodige inspanningen” worden geleverd om deze “gevaarlijke reizen” te voorkomen.
Een colonne van vijf kilometer aan de grens
Rond 19.51 uur meldde persbureau EFE dat de mensenmassa in Fnideq bleef groeien. Uren na het begin van wat wordt omschreven als een lawine die chaos veroorzaakte in de Marokkaanse grensstad, sloten duizenden mensen, vooral jongeren, zich aan bij een colonne die inmiddels vijf kilometer lang was. Deze liep van het centrum van Fnideq tot aan de grens met Ceuta.
Marokko bevestigde intussen dat het met Spanje een akkoord heeft bereikt om mensen die illegaal Ceuta zijn binnengekomen zo snel mogelijk te repatriëren. Dat weerhield de toestroom niet. Volgens EFE nam het aanzuigende effect juist toe en raakte ook de Marokkaanse politie in de grenszone overbelast.
Oproep uit Ceuta zelf: nationale noodtoestand
Temidden van deze ontwikkelingen heeft de voorzitter van Ceuta, Juan Jesús Vivas, de Spaanse regering opgeroepen de nationale noodtoestand af te kondigen. Ook wil hij dat Spanje het volledige bevel over de crisisaanpak op zich neemt. Deze oproep wordt inmiddels gedeeld door Podemos. Ondertussen pleit Vox voor grenssluiting en legerinzet. Sumar en Compromís dringen aan op een humanitaire en rechtsstatelijke benadering.
Tot dusver heeft de regering nog geen nationale noodtoestand afgekondigd; wel is, zoals hierboven beschreven, besloten extra militaire eenheden in te zetten ter ondersteuning van de Guardia Civil. De situatie in en rond Ceuta ontwikkelt zich met het uur en wordt nauwlettend gevolgd, zowel door de Spaanse autoriteiten als door de Europese Commissie.
Bronnen: berichtgeving van EL PAÍS, EFE, Europa Press, El Mundo)