Een video op X toond beelden die je niet snel vergeet: tientallen, zo niet een paar honderd aasgieren die rondjes vliegen boven een compleet zwartgeblakerd landschap. De plek is de Valle de Iruelas bij El Tiemblo, waar de bosbrand bij Ávila een van de belangrijkste natuurgebieden van Spanje in de as heeft gelegd.
De grootste gierenkolonie van de regio
Dit dal huisvest normaal gesproken de grootste kolonie aasgieren van heel Castilla y León, en geldt als een van de belangrijkste broedplaatsen van Europa. Nu hun leefgebied grotendeels is verwoest, weet niemand precies hoe het verder moet met de in het wild levende vogels. Omwonenden hebben inmiddels een oproep gedaan: er is dringend hulp nodig om de dieren aan water en voedsel te helpen, nu hun natuurlijke jachtgebied is verdwenen.
Ver esta publicación en Instagram
Laatste toevluchtsoord van de monniksgier
Het dal ligt in het zuidoosten van Ávila, tegen het stuwmeer El Burguillo aan, en beslaat zo’n 8.800 hectare. Sinds 1996 is het officieel natuurreservaat, met extra Europese bescherming als vogelrichtlijngebied binnen Natura 2000.
De reden dat mensen hier speciaal voor komen, is de monniksgier. Iruelas huisvest zo’n 120 broedparen. Ook de Spaanse keizerarend, een zwaar bedreigde soort, broedt hier elk jaar. Verder leven er meer dan 250 diersoorten in het gebied, van edelherten en reeën tot otters en wilde katten, en groeien er meer dan 600 plantensoorten. Die diversiteit is deels te danken aan het enorme hoogteverschil, van 730 meter bij het meer tot bijna 1.950 meter op de top van de Cerro de la Escusa.
Wat er nu in de as ligt
Voor wandelaars was Iruelas tot voor kort een verborgen parel. Vanaf het uitkijkpunt Puerto de Casillas had je zicht over het hele dal. Bij het stuwmeer lag Las Cruceras, ooit een dorpje van hars- en houtwerkers, later omgebouwd tot plattelandstoerisme. Niet ver daarvandaan stond de Casa del Parque, het bezoekerscentrum waar je meer leerde over de bosbouwgeschiedenis van de streek. Volgens de burgemeester van El Tiemblo, Arturo Varas, trok het vuur in slechts enkele uren dwars door een groot deel van het reservaat.
Het is niet de eerste keer dat het gebied brandt: in 1995 verwoestte een blikseminslag al zo’n 1.500 hectare, in 2019 nog eens 150 hectare. Maar wat er nu gebeurt, is van een heel andere orde.
Voedsel voor de overlevenden
Wat er precies rest van het leefgebied, is nog onduidelijk. Zeker is wel dat de aasgieren die de brand overleefden, weinig hebben om op te jagen. Omwonenden vragen daarom dringend om hulp: er moet voedsel en water komen voor de dieren, nu hun natuurlijke jachtterrein grotendeels is verdwenen.
De brand woedt intussen nog altijd door, en blusploegen werken hard om het vuur onder controle te krijgen. Hoeveel schade het ecosysteem uiteindelijk oploopt, is nog niet vast te stellen. Een gebied als dit herstelt echter niet in een paar seizoenen.
De beelden van de gieren boven het verwoeste dal vormen in elk geval een zeer aangrijpend symbool van wat het vuur deze zomer al aan schade heeft toegebracht aan de natuur in Spanje.