Het aantal sterfgevallen door hitte in Spaanse steden is de afgelopen tien jaar flink toegenomen. Waar je een opvallende stijging zou verwachten in steden als Madrid of Sevilla, was deze juist het meest extreem in Castellón de la Plana, aan de oostkust. Alleen al deze zomer vielen er in Spanje 5.434 hittedoden sinds mei, blijkt uit cijfers van het nationale sterftemonitoringssysteem MoMo.
In het kort
- Hittesterfte in Spaanse steden steeg gemiddeld 95,4% (2015-2024 t.o.v. jaren ’90).
- Castellón spant de kroon met +563,5%.
- Deze zomer vielen alleen al sinds mei 5.434 hittedoden, al is dat een statistische schatting, geen vastgestelde doodsoorzaak
- Jaén heeft nu de hoogste hittesterfte van Spanje, het noordwesten van het land de laagste
- Steden warmen extra op door te weinig bomen en het hitte-eiland-effect, terwijl de infrastructuur nog achterloopt
Dat blijkt uit het nieuwe rapport van Lancet Countdown Europe, vandaag gepresenteerd in Barcelona. Het rapport werd opgesteld door 58 onderzoekers van onder meer het Barcelona Supercomputing Center en ISGlobal en werd gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift The Lancet Public Health. Het analyseert 28 indicatoren in meer dan 850 Europese steden. Gemiddeld steeg de hittesterfte in Spaanse steden met 95,4 procent in de periode 2015-2024 vergeleken met de jaren negentig. In Castellón de la Plana ging het veel harder: daar steeg het aantal sterfgevallen door hitte met 563,5 procent, van 25,7 naar 168,1 per miljoen inwoners. Torrevieja en Barcelona volgen met vergelijkbaar sterke stijgingen, van respectievelijk 529,3 en 482,6 procent. Jaén voert de lijst aan met 371 hittedoden per miljoen inwoners, tegen 129 in de jaren negentig. Linares, Talavera de la Reina, Salamanca en Ciudad Real volgen. De laagste hittesterfte van Spanje is te vinden in het noordwesten: A Coruña, Ferrol, Vigo, Pontevedra en Irún.
Wat betekent “hittedode” eigenlijk
Overlijdens worden niet individueel als ‘hittedoden’ aangemerkt op een overlijdensakte. Het monitoringssysteem van MoMo van Instituto de Salud Carlos III (ISCIII) vergelijkt hoeveel mensen er op een bepaalde dag landelijk overlijden met hoeveel dat er normaal gesproken zouden zijn voor die tijd van het jaar. Overlijden er op een hete dag meer mensen dan verwacht, dan schrijft het model dat verschil toe aan de temperatuur. Het gaat dus niet om vastgestelde doodsoorzaken, maar om een statistische inschatting. Bovendien doodt hitte zelden rechtstreeks: meestal verergert ze bestaande hart- of longproblemen bij mensen die toch al kwetsbaar waren.
Steden warmen sneller op dan het platteland
Steden hebben last van het zogeheten stedelijk hitte-eiland-effect. Door beton, asfalt en weinig groen wordt het er warmer dan in het omliggende platteland. Granada is daar een sprekend voorbeeld van. Tussen 2003 en 2020 lag de temperatuur in deze stad op 300 dagen per jaar minstens 1,5 graad hoger dan in de omgeving.
Van de 48,1 miljoen Spanjaarden woonden er in 2023 zo’n 2,8 miljoen in de 98 onderzochte steden. Ouderen boven de 65 en kinderen onder de 15 zijn het kwetsbaarst voor hitte en die groepen vormen samen ongeveer een derde van de stedelijke bevolking.
Extreme hitte veroorzaakt niet alleen hitteberoertes. Het verergert ook bestaande hart- en ademhalingsproblemen, waardoor kwetsbare groepen extra risico lopen.
Te weinig bomen in de meeste steden
Meer groen in de stad zou verlichting kunnen bieden omdat bomen de omgeving afkoelen. Toch had de gemiddelde Spaanse stad in 2020 maar 13,2 procent van haar oppervlakte bedekt met bomen. Slechts 12 procent van de steden haalde de door de VN en Europese Commissie aanbevolen 30 procent. Cuenca is met bijna 48.500 hectare bos, ruim de helft van het stadsoppervlak, de groenste stad van het land, terwijl Cádiz niet eens aan één hectare komt.
Het effect van bomen is meetbaar: in 88 procent van de Europese steden waar de boombedekking toenam, daalde de temperatuur met minstens 0,7 graad. Naast meer groen noemen onderzoekers ook beter openbaar vervoer als manier om de opwarming van steden te beperken, een gebied waarop Spanje volgens het rapport nog achterloopt.
Terwijl hittesterfte stijgt, daalt uitstoot
De uitstoot van broeikasgassen in Spaanse steden daalde tussen 2000 en 2024 met 17,2 procent, en sterfte door fijnstof uit de elektriciteitsopwekking nam tussen 2000 en 2023 zelfs met 93,9 procent af. De infrastructuur houdt echter geen gelijke tred met de stijgende temperaturen: van de Spaanse fiets- en gedeelde paden had tussen 2018 en 2020 slechts 9,4 procent boomschaduw. Volgens de onderzoekers is juist die schaduw essentieel om fietsers en voetgangers te beschermen tijdens hittegolven.
Buiten Spanje stijgt Europees gezien de hittesterfte in 99,6 procent van de regio’s, met de sterkste toename in het zuiden van het continent: daar liep het aantal hittedoden de afgelopen dertig jaar met 160,6 procent op.