Het gaat om ‘vele maanden eerder dan de start van de liberalisering van het spoorwegverkeer voor reizigers staat gepland, waarmee de concurrentie op het Spaanse spoor wordt opgengegooid’, zei Isaías Táboas van Renfe. Dat zal in december 2020 het geval zijn.
Het overheidsbedrijf biedt met de low cost-dienst kaartjes aan voor prijzen die 40 procent lager liggen dan nu het geval is met een gemiddelde prijs van 52 euro per kaartje. Met deze en andere maatregelen wil Renfe zijn omzet vergroten en blijven groeien. Verder zal Renfe nieuwe producten op de markt brengen, ook internationaal operatief worden en verder gaan met de digitalisering van het bedrijf.
Renfe heeft nog niet bekend gemaakt op welke trajecten er de Low Cost dienst zal gaan rijden. Op dit moment zijn de belangrijkste trajecten die tussen Madrid en Barcelona, Madrid en Sevilla, Madrid en Málaga en Madrid en Valencia. Volgens Táboas gaat het om een commercieel product en zal het ingezet worden ‘daar waar het commercieel gezien het meest aantrekkelijk is’.
Met de goedkopere kaartjes wil Renfe die klanten aantrekken die nu geen gebruik maken van de hogesnelheidstreinen omdat ze kaartjes hiervoor te duur vinden. Volgens gegevens van het spoorwegbedrijf zelf kiest 31 procent van de reizigers op het traject tussen Madrid en Barcelona voor de AVE. Dat is meer dan de 20 procent die op dat traject de voorkeur geeft aan het vliegtuig. Tussen 8 en 9 procent van de reizigers gaan liever met de bus en ruim 30 procent overbrugt de afstand tussen de twee grootste Spaanse steden per auto.