Vergeet Valencia en Alicante even. Als je het de inwoners van Cullera vraagt, proef je de beste paella van de wereld niet in een grote stad, maar in dit kustplaatsje aan de Middellandse Zee, gedomineerd door een kasteel dat hier al meer dan duizend jaar over de kust uitkijkt.
Cullera, zo’n 40 kilometer ten zuiden van Valencia-stad, noemt zichzelf al jaren de gastronomische hoofdstad van de rijst. En dat is meer dan loze marketing: de stad heeft zelfs de Paella de Cullera als eigen, geregistreerd recept. De basis hiervan is een vaste vissaus, gecombineerd met garnalen uit de eigen visafslag, mul en rijst van het ras J. Sendra. Ook deze rijst heeft een beschermde oorsprongsbenaming: Arroz de Valencia. Restaurants die het gecertificeerde recept serveren, mogen een keurmerk voeren.
Een belangrijke naam achter dit recept en in de Valenciaanse keuken is chef-kok Salvador Gascón. Hij is eigenaar van het inmiddels legendarische restaurant Casa Salvador aan de rand van het meer van Cullera. Hij liet het recept in 2016 samen met de gemeente officieel vastleggen, als eerbetoon aan de lokale ingrediënten en visserstraditie. Gascón overleed in 2018, maar zijn recept leeft nog altijd voort in de restaurants van de stad.
Om de twee jaar een groot rijstfeest
Sinds 2022 organiseert Cullera de Bienal Mundial del Arroz, zoals de naam al zegt een tweejaarlijks evenement. Dit najaar wordt de derde editie gevierd. Van 15 tot en met 18 oktober verandert het centrum van de stad in een groot podium voor de rijstcultuur, met proeverijen, workshops en optredens van chef-koks met een Michelinster. Wie erbij wil zijn, reserveert het beste ruim van tevoren. Tafels bij de bekendere restaurants zijn tijdens het festivalweekend doorgaans al vroeg volgeboekt.
Duizend jaar geschiedenis boven de rijst
Wie na het eten nog energie over heeft, kan de heuvel op naar het Castillo de Cullera, een vesting uit de tiende eeuw die dateert uit de tijd van het kalifaat van Córdoba. Het als cultureel erfgoed beschermde kasteel, torent boven de stad uit op de Montaña de los Zorros. Het uitzicht over zowel de zee als de vruchtbare vlakte van de rivier de Júcar is fraai. Het bijzondere landschap is niet voor niets al veertig jaar een geliefde filmlocatie. Onder meer “Rencor” (2002) en “Atasco en la Nacional” (2007) werden hier opgenomen. De stad heeft er zelfs een eigen Film Office.
Aan de voet van het kasteel ligt het sfeervolle wijkje El Pou, met witgekalkte huizen en smalle geplaveide straatjes, en vlakbij het Santuario de la Virgen del Castillo. Voor wie liever aan het strand blijft: Cullera heeft ruim vijftien kilometer kustlijn, met stranden als El Racó en Cap Blanc voor wie op zoek is naar rustiger plekjes. Bij de kaap van Cullera, het enige stukje ruige rotskust van het gebied, ligt ook het piratenmuseum en het Isla de los Pensamientos.
Dus ben je dit najaar toch al in de buurt van Valencia, rij dan kort naar het zuiden en geniet daar van zowel duizend jaar geschiedenis als van een bord rijst met een verhaal.