De koninklijke familie was daarbij aanwezig en sinds haar eedaflegging als militair woonde prinses Leonor haar eerste openbare evenement bij. Behalve die nieuwigheid verliep de militaire parade grotendeels volgens traditie. De Spaanse president Pedro Sánchez ontkwam echter niet aan boegeroep, al was het dit jaar van een grotere afstand dan gebruikelijk. De protestacties tegen de president waren dit jaar minder intens, mede door de grotere afstand tussen de boeroepers en de officiële tribune. Desondanks was het intense boegeroep en gefluit nog steeds hoorbaar, zelfs vanaf meer dan 100 meter afstand.
Opvallende afwezigen
Opvallende afwezigen tijdens het evenement waren de leiders van de Baskische regering en de Catalaanse Generalitat, die respectievelijk op officieel bezoek waren in Japan en Italië. Ondanks hun afwezigheid waren vrijwel alle andere regionale leiders aanwezig.
Hoewel de meeste leden van de regering aanwezig waren, ontbraken de minister van Gelijkheid, Irene Montero (op bezoek in Chili), en vicepresident Nadia Calviño (in Marokko voor een IMF-bijeenkomst).
“Genocide tegen de volkeren van Latijns-Amerika”
Ione Belarra, de minister van Sociale Zaken, uitte op de dag zelf kritiek via een tweet, suggererend dat Spanje zou moeten overwegen haar nationale dag niet langer te vieren op de verjaardag van wat zij omschreef als een “genocide tegen de volkeren van Latijns-Amerika”.
Lees ook: Op 12 oktober viert Spanje nationale feestdag Día de la Hispanidad
Receptie in koninklijk paleis
Na de militaire parade ging de koninklijke familie naar het Koninklijk Paleis waar prinses Leonor eveneens haar debuut maakte op de receptie aangeboden door de koningen ter gelegenheid van de ‘Fiesta Nacional de España. Zij verwelkomden 2.500 gasten. Waar de koning zijn militaire kleding door gewone kleding had vervangen, bleef de kroonprinses in haar gala-uniform als cadetvrouw, met opgestoken haar maar zonder baret.