De beslissing werd woensdag aangekondigd door de Spaanse minister van Binnenlandse Zaken, José Manuel García Margallo, met het argument dat het niet nodig is een dergelijk gerenommeerd instituut te handhaven op iets ‘dat men beschouwd als Spaans grondgebied’.
In 2011 werd de vestiging van het centrum voor Spaanse taal en cultuur pas geopend op de rots naar aanleiding van het Verdrag van Córdoba, waarin afspraken werden bekrachtigd tussen het Verenigd Koninkrijk, Spanje en Gibraltar over het Britse overzeese gebiedsdeel in het uiterste zuiden van Spanje.
Met het aantreden van de conservatieve regering onder leiding van premier Mariano Rajoy kwam er eind 2011 echter de klad in de gesprekken tussen de drie partijen en dus ook in de afspraken in het verdrag.
‘Contradictio in terminis’
‘Het hebben van een Cervantes Instituut is een contradictio in terminis’, zo zei Margallo tegen een parlementaire commissie. Hij refereerde hierbij aan de claim van Spanje op de stuk rots vlakbij de havenstad Algeciras waar het Verenigd Koninkrijk en Spanje al eeuwen over aan het steggelen zijn. Hij zette zijn vraagtekens bij de noodzaak tot het openen van een centrum dat tot doel heeft de Spaanse taal te verspreiden op iets dat wordt gezien als Spaans grondgebied.
‘Bovendien, iedereen daar spreekt Spaans, behalve de apen’, zo grapte hij, verwijzend naar de kolonie Berber-apen die op de rots leven. Zijn commentaar zal naar alle waarschijnlijkheid de ontmoeting volgende week in Madrid tussen Margallo en de staatssecretaris van Buitenlandse Zaken van het VK, Philip Hammond, niet soepeler laten verlopen.
Claim
Onder het Verdrag van Utrecht in 1713 kwam het beheer over Gibraltar onder Brits bewind te vallen, maar Spanje blijft het stukje rots en de omringende wateren claimen. De bevolking van Gibraltar is herhaaldelijk per referendum gevraagd naar wat zij willen: bij Groot Brittannië of bij Spanje horen. De meerderheid voelt zich beter bij de eerste optie.