Dag van Ceuta ontaardt in boegeroep en roep om aftreden richting regering

door Else BeekmanElse Beekman
Día de Ceuta: toespraak van Juan José Vivas

De jaarlijkse Dag van Ceuta, normaal een plechtige viering van de autonomie van de stad, veranderde woensdag in een luid protest tegen de Spaanse regering. In het Teatro Auditorio del Revellín kreeg regiopresident Juan Jesús Vivas een staande ovatie. Ondertussen moesten rijksvertegenwoordigers Miguel Ángel Pérez Triano en twee ministers onder luid boegeroep en scheldpartijen de zaal verlaten.

In het kort

  • Op de emotionele viering van de Dag van Ceuta op 2 september kreeg regiopresident Vivas een ovatie.
  • Rijksvertegenwoordige Pérez Triano en ministers Torres en Saiz werden uitgejouwd.
  • Het publiek scandeerde “Delegado, dimisión!” en noemde de regeringsvertegenwoordigers “leugenaars” en “verraders”.
  • Diezelfde avond riep gemeentekoepel FEMP op tot solidariteitsacties bij gemeentehuizen door heel Spanje.
  • PSOE bestempelde solidariteitsacties als eenzijdig en partijpolitiek.
  • De spanning volgt op de massale grensoversteek van 30-31 juli en een nieuw politierapport over een mogelijk dominante Marokkaanse rol daarin.

Vanaf het begin van de ceremonie was het verschil in ontvangst duidelijk. Regiopresident Vivas werd binnengehaald met applaus, terwijl Pérez Triano (de hoogste vertegenwoordiger van de landelijke regering ter plaatse) meermaals werd uitgejouwd. Het felst liep de sfeer op toen delen van het publiek begonnen te scanderen: “Delegado, dimisión!” (Rijksvertegenwoordiger, aftreden!). Ook minister Torres van Territoriaal Beleid, die als coördinator van de crisisaanpak fungeert, en minister Saiz van Migratie kregen bij aankomst al te maken met fluitconcerten en kreten als “leugenaar” en “verrader”.

Toen tijdens de uitreiking van de Medallas de la Autonomía de rijksvertegenwoordiger voor hun inzet werden bedankt, barstte het publiek meteen in boegeroep uit, meldt lokale krant El Faro de Ceuta. Dezelfde toespraak leidde juist tot een spontane zang van “Presidente, presidente!” zodra de spreker de naam van Vivas noemde.

Bij het einde van de ceremonie moesten Pérez Triano, Torres en Saiz de zaal verlaten, omringd door beveiliging en agenten van de Nationale Politie, onder kreten als “Verdwijn van hier!”, “Schaam je!” en “Delegado, aftreden!”

Emotionele ceremonie

Naast de politieke lading was de bijeenkomst ook doortrokken van emotie. Meerdere aanwezigen konden hun tranen niet bedwingen. Het Ceutaanse volkslied, uitgevoerd door de Asociación Coral de Ceuta, en later het Spaanse volkslied kregen een langdurig applaus.

Ook de familie van Mustafa Mizzian, die postuum werd onderscheiden met de Medalla de la Autonomía, gebruikte het podium voor kritiek. Zij noemde de regering-Sánchez “onbekwaam en incompetent”. Die heeft volgens hen Ceuta “in de steek gelaten”. Deze uitspraken konden eveneens op een staande ovatie rekenen. Mustafa Mizzian was een Ceutaanse politicus die in 1994 het Partido Democrático y Social de Ceuta (PDSC) oprichtte. In 1995 werd hij de eerste moslim die een zetel bezette in de Asamblea de Ceuta, het regionale parlement. In 2001 werd hij er ook wethouder (consejero) van Openbare Werken. Hij overleed in februari 2010, op 58-jarige leeftijd.

Solidariteitsacties bij gemeentehuizen door heel Spanje

Diezelfde avond riep de FEMP, de landelijke koepel van Spaanse gemeenten die meer dan 95 procent van de lokale besturen vertegenwoordigt, op tot solidariteitsbijeenkomsten om 20.00 uur bij gemeentehuizen in het hele land. FEMP-voorzitter María José García-Pelayo, burgemeester van Jerez namens de PP, kondigde de actie op 25 augustus aan tijdens een bezoek aan Ceuta. Daar droeg zij bovendien haar eigen zetel in het Europese Comité van de Regio’s over aan Vivas, zodat hij de situatie van Ceuta rechtstreeks in Brussel kan aankaarten.

Dat bleek geen onomstreden oproep. De PSOE-partijleiding verweet García-Pelayo dat ze de beslissing eenzijdig had genomen, zonder overleg met de andere partijen binnen de FEMP. Ook richtte deze actie zich in de praktijk meer tegen het beleid van de regering dan op steun aan de Ceutanen zelf. Verscheidene PSOE-burgemeesters, onder meer in de provincies Valencia, Huelva, Córdoba en Cádiz, organiseerden daarom hun eigen, alternatieve bijeenkomsten om zich uitdrukkelijk te distantiëren van wat zij “partijpolitiek gebruik” van de crisis noemden. In Madrid sloten PP-leider Alberto Núñez Feijóo en Vox-leider Santiago Abascal zich wel aan bij de centrale bijeenkomst voor het Congres.

Context: een stad in crisis

De gespannen sfeer volgt op de massale grensoversteek van 30 en 31 juli, waarbij naar schatting tussen de 72.000 en 80.000 mensen vanuit Marokko Ceuta binnenkwamen. Pérez Triano zei daags voor de ceremonie nog dat hij geen reden zag om af te treden, een standpunt dat volgens meerdere media weinig steun geniet onder de Ceutaanse bevolking, die de rijksvertegenwoordiger en de regering verantwoordelijk houdt voor het gevoel van verlatenheid na de crisis.

De timing van de ceremonie viel bovendien samen met het nieuws over een politierapport dat diezelfde ochtend naar buiten kwam en een geplande, door Marokko aangestuurde operatie achter de instroom suggereert, wat de onvrede in de zaal verder aanwakkerde.