Grote verschillen tussen Spaanse regio’s wat betreft energieproductie

door Else BeekmanElse Beekman
Gepubliceerd: Laatst gewijzigd
Grote verschillen tussen Spaanse regio's wat betreft energieproductie

Het lijkt zo vanzelfsprekend dat wanneer we op de schakelaar drukken het licht aangaat, dat de wasmachine gaat draaien of dat je je lekker voor de tv neer kunt vleien. Maar heb je er ooit bij stilgestaan waar al die elektriciteit vandaan komt?

Algehele toename van het elektriciteitsverbruik

Uit het jaarverslag van het Red Eléctrica, de beheerder van het Spaanse elektriciteitsnet, blijkt dat n 2021 het elektriciteitsverbruik 256.482 Gwh bedroeg (1 Gwh = 1 miljoen Kwh). Dit is 2,6% meer dan in 2020, maar nog altijd wel minder dan vóór de Coronapandemie. Behalve voor Ceuta en Melilla geldt voor alle autonome regio’s een toename van het verbruik. Tussen het verbruik en de productie zijn echter opmerkelijke verschillen tussen de regio’s te constateren.

Regio’s waar meer wordt verbruikt dan geproduceerd

In dit opzicht moet zeker de regio Madrid worden genoemd. Hier wordt slechts 4,9% geproduceerd van wat er wordt verbruikt. Andere regio’s met meer verbruik dan productie, maar met aanzienlijk minder scheve verhoudingen, zijn Cantabrië met 42,3%, Baskenland met 42,9% en Valencia met 66,7%.

Meer productie van verbruik

Compleet het tegenovergestelde zien we in Extremadura. Hier wordt namelijk 487,7% van het elektriciteitsverbruik geproduceerd. Deze regio is bovendien koploper in de nationale productie van zonne-energie. Dit geldt zowel voor wat betreft de geïnstalleerde capaciteit van de zonnepanelen als voor de productie van zonne-energie. Daarnaast doet men hier ook een beroep op de elektriciteit die door de kerncentrales van Almaraz en Trillo (Cáceres) wordt geproduceerd.

Castilië en Léon is de tweede regio die meer energie produceert dan verbruikt. In 2021 was deze verhouding 198%. Daarnaast is deze regio koploper in Spanje in het opwekken van windenergie.

Andere regio’s die meer produceren dan consumeren zijn Castilië La Mancha, Aragón, Navarra, Galicië, La Rioja en Asturië. De Canarische Eilanden, Ceuta en Melilla produceren precies de hoeveelheid die ze verbruiken. Voor Murcia ligt deze dekkingsgraad op 99,1%.

Torenhoge energieprijs

De marktprijs van de energie in 2021 is 118,65 euro per MWh, de hoogste in de hele geschiedenis. Dit is maar liefst 70,6% hoger dan de vorige hoogste prijs, die dateert uit 2008. Het is bijna het drievoudige van de gemiddelde prijs in 2020 en het dubbele van de gemiddelde prijs in de periode tussen 2017 en 2019. Een van de oorzaken hiervoor is de onzekere geopolitieke situatie die is ontstaan door de inval van Rusland in Oekraïne afgelopen februari.

Energiebesparende maatregelen

Europa moet dringend de banden met het Kremlin verbreken en Brussel heeft Spanje opgelegd 7% van zijn energieverbruik te besparen. Daarom heeft de Spaanse regering per Koninklijk Wetsbesluit energiebesparende maatregelen ingevoerd.

Zo moeten de lichten ’s avonds na tien uur uit in etalages en in openbare gebouwen die niet worden gebruikt. Daarnaast geldt voor overheidsgebouwen, winkelcentra, culturele instellingen, gemeentelijke ruimtes van hotels, bioscopen en stations voor het openbaar vervoer een minimumtemperatuur van 19 en een maximum van 27 graden. Ook wordt het thuiswerken aangemoedigd en het reizen met openbaar vervoer wordt tegen kortingen of zelfs gratis aangeboden.

Weerstand tegen deze maatregelen

Deze maatregelen hebben binnen enkele regio’s tot weerstand geleid. Enkele regionale hoofden van de organisatie Energie, Industrie en Handel willen zich niet houden aan de genoemde richtlijnen. In het kader daarvan zullen de ministers Ribera van Ecologische Transitie en Demografie en Maroto voor Industrie, Handel en Toerisme en staatsecretaris Agesen voor Energie trachten deze zaken met hen glad te strijken. Dit geldt met name dus voor de regio’s die de minste energie produceren zoals Galicië, Andalusië en de regio Madrid.

Nationale en regionale bevoegdheden

Overeenkomstig artikel 149 van de Grondwet ziet het er evenwel naar uit dat uiteindelijk alle autonome gemeenschappen vroeg of laat aan de bepalingen van het koninklijk besluit zullen moeten voldoen. Bovendien is in een ander koninklijk besluit bepaald dat de Nationale Commissie voor Markten en Mededinging een besluit neemt over een passende procedure in geval van geschillen. De uiteindelijke beslissing met betrekking tot deze geschillen moet door de deelstaatregering genomen worden.