De Spaanse Raad voor de Rechtspraak (CGPJ) onderzoekt of rechter Juan Carlos Peinado disciplinair moet worden aangepakt. Aanleiding zijn uitspraken die hij deed in de zaak rond Begoña Gómez, de echtgenote van premier Pedro Sánchez. Het gaat om een van de meest gevoelige politieke dossiers van de afgelopen twee jaar. Tegelijkertijd staan Sánchez en de socialistische PSOE al maanden onder druk door politieke controverses, corruptieonderzoeken naar partijleden en onderzoeken naar mensen uit de directe omgeving van de premier. Nu ligt ook het optreden van de rechter zelf onder een vergrootglas.
In het kort
- De CGPJ onderzoekt of rechter Peinado disciplinair moet worden aangepakt.
- Peinado suggereerde dat politieagenten Begoña Gómez zouden kunnen helpen Spanje te verlaten.
- Politie, vakbonden en minister Grande-Marlaska dienden klachten in.
- Ook de verdediging klaagde: beslissingen lekten uit via de media.
- De zaak roept een fundamentele vraag op: hoe controleer je rechters zonder hun onafhankelijkheid aan te tasten?
Peinado is de onderzoeksrechter die leiding geeft aan het onderzoek naar Begoña Gómez. Zij wordt verdacht van mogelijke invloedshandel, belangenverstrengeling en onregelmatigheden rond haar professionele activiteiten. Gómez ontkent alle beschuldigingen. De regering-Sánchez spreekt al langer van een politiek gemotiveerde vervolging. Oppositiepartijen vinden juist dat justitie haar werk moet kunnen doen zonder politieke druk.
Waarom ligt deze zaak zo gevoelig?
De zaak rond Begoña Gómez staat niet op zichzelf. Premier Sánchez verkeert politiek in zwaar weer door een reeks affaires rond de PSOE en zijn directe omgeving. Er lopen onderzoeken naar de activiteiten van Gómez. Ook voormalige partijfunctionarissen en medewerkers van de socialistische partij worden in verband gebracht met mogelijke corruptie en belangenverstrengeling. Daarnaast zorgen beschuldigingen over aanbestedingen, partijfinanciering en vermeende vriendjespolitiek al langer voor politieke ophef.
De oppositie verwijt Sánchez dat hij onvoldoende verantwoordelijkheid neemt voor de problemen binnen zijn partij. De PSOE spreekt op haar beurt van een politieke campagne tegen de regering, die volgens de partij wordt gevoerd via de media en de rechterlijke macht. Tegen die achtergrond wordt vrijwel iedere nieuwe ontwikkeling rond Gómez of rechter Peinado onmiddellijk onderdeel van een veel bredere politieke strijd.
Opmerking over politie leidt tot ophef
De nieuwe controverse draait niet om de beschuldigingen tegen Gómez zelf, maar om opmerkingen die Peinado maakte bij zijn besluit haar paspoort in te nemen en haar een uitreisverbod op te leggen.
In zijn beschikking stelde de rechter dat de politieagenten die Gómez beveiligen haar in theorie zouden kunnen helpen om Spanje te verlaten. Die passage leidde vrijwel onmiddellijk tot felle reacties.
Volgens de voorzitter van het CGPJ kan de formulering mogelijk worden gezien als een ongepaste aantijging richting politiefunctionarissen. Daarom wordt onderzocht of er aanleiding bestaat voor een disciplinaire procedure tegen de rechter.
Woede bij politie en ministerie
De leiding van de Policía Nacional en verschillende politievakbonden reageerden verontwaardigd. Zij verwierpen de suggestie dat agenten zouden meewerken aan een eventuele vlucht van Gómez en benadrukten dat de beveiligers uitsluitend handelen binnen de wettelijke kaders.
Ook minister van Binnenlandse Zaken Fernando Grande-Marlaska diende een klacht in bij het CGPJ. Volgens hem trekt de rechter zonder concrete aanwijzingen de professionaliteit van politieagenten in twijfel. Voor het ministerie gaat het niet alleen om de zaak-Gómez, maar ook om het vertrouwen in de veiligheidsdiensten.
Kritiek vanuit de verdediging
Ook de verdediging van Gómez heeft bezwaren tegen het optreden van Peinado. Haar advocaat stelt dat bepaalde beslissingen via de media bekend werden voordat de verdediging daarvan officieel op de hoogte was gesteld.
Volgens de advocaat schaadt dat het recht op een eerlijk proces. Daarom heeft ook hij een klacht ingediend bij het CGPJ.
Wat zeggen de critici van Peinado?
Critici wijzen erop dat Peinado de afgelopen maanden vaker in opspraak kwam vanwege zijn onderzoeksmethoden en beslissingen. Enkele van zijn eerdere stappen zijn door hogere rechtbanken gecorrigeerd of teruggedraaid.
Voor tegenstanders bevestigt de huidige controverse het beeld van een rechter die zich soms baseert op veronderstellingen waarvoor onvoldoende bewijs bestaat. Volgens hen hoort een onderzoeksrechter zich te beperken tot juridisch onderbouwde feiten en niet tot hypothetische scenario’s.
Binnen de PSOE wordt de zaak bovendien gezien als onderdeel van wat zij omschrijven als een voortdurende campagne tegen Sánchez en zijn omgeving. Die beschuldiging wordt echter niet gedeeld door de oppositie en is juridisch niet vastgesteld.
Wat zeggen zijn verdedigers?
Ook binnen juridische kringen zijn er vraagtekens bij de formulering van Peinado. Zijn verdedigers benadrukken echter dat onderzoeksrechters een grote mate van onafhankelijkheid hebben. Volgens hen moet een rechter bij het opleggen van maatregelen, zoals een uitreisverbod, alle mogelijke risico’s meewegen, ook als die slechts theoretisch zijn.
Ook vanuit de conservatieve oppositie klinkt kritiek op de ophef rond de rechter. De Partido Popular heeft zich achter de politie geschaard, maar waarschuwt tegelijk voor politieke druk op de rechterlijke macht. Volgens de partij mag een disciplinaire procedure niet de indruk wekken dat een rechter wordt aangepakt omdat hij een politiek gevoelige zaak onderzoekt.
Sommige juristen wijzen er bovendien op dat rechterlijke beslissingen in de eerste plaats via hoger beroep moeten worden aangevochten en niet via een tuchtprocedure. Het CGPJ moet daarom uiterst terughoudend zijn, stellen zij, om te voorkomen dat toezicht op rechters wordt verward met inmenging in hun onafhankelijke oordeel.
Daarmee raakt de zaak aan een bredere vraag: waar ligt de grens tussen controle op rechters en bescherming van hun onafhankelijkheid? Volgens de verdedigers van Peinado is juist dat de kwestie waarover het CGPJ zich nu moet buigen.
Een gevoelige balans
De discussie draait uiteindelijk om een fundamentele vraag binnen de Spaanse rechtsstaat: hoe controleer je rechters zonder hun onafhankelijkheid aan te tasten?
Het CGPJ bemoeit zich normaal gesproken niet met de inhoud van rechterlijke beslissingen. In dit geval gaat het onderzoek daarom niet om het uitreisverbod of de paspoortinname zelf, maar om de formulering die Peinado gebruikte en de gevolgen daarvan voor het vertrouwen in andere staatsinstellingen.
Daarmee is de discussie inmiddels breder geworden dan alleen de zaak rond Begoña Gómez. Voor de regering staat de vraag centraal of een rechter zijn bevoegdheden correct gebruikt. Voor de oppositie draait het juist om de vraag of justitie haar werk nog onafhankelijk kan doen wanneer een onderzoek de directe omgeving van de premier raakt.
Hoe nu verder?
Het CGPJ moet de komende tijd beslissen of er daadwerkelijk een formeel disciplinair onderzoek komt. Dat betekent niet automatisch dat Peinado wordt bestraft. Eerst moet worden vastgesteld of zijn uitspraken binnen de normale beoordelingsvrijheid van een rechter vallen of dat sprake is van een mogelijke tuchtrechtelijke overtreding.
Ondertussen loopt het onderzoek naar Begoña Gómez gewoon door.