Een prachtig hotel in een historisch pand uit de middeleeuwen, midden in de autonome regio Navarra in Noord-Spanje. Het heeft even geduurd en ook wat gekost: na een renovatie van anderhalf jaar en een investering van 8,6 miljoen, opende deze week de historische Parador van Olite opnieuw de deuren. Spanje zet steeds meer in op toerisme buiten de grote kustplaatsen en trekpleisters. De Parador in Navarra past perfect in die strategie.
Navarra is bij veel mensen vooral bekend vanwege hoofdstad Pamplona en de wereldberoemde San Fermín-feesten met de stierenrennen. Maar buiten die drukke feestweek is Pamplona juist een relatief rustige en groene stad waar het goed toeven is. Je kunt er heerlijk pintxos eten en de historische binnenstad, de casco viejo, is gemakkelijk te voet te verkennen.
En zo heeft Navarra nog veel meer te bieden. De regio ligt vlak bij de Pyreneeën en je treft er ook Bardenas Reales, een ruig halfwoestijnlandschap dat bijna on-Spaans aandoet. Je vindt er verder genoeg fraaie bergdorpjes, bossen, stuwmeren en rivieren, en ook een deel van de beroemde Franse route van de Camino de Santiago loopt door Navarra. Een mooi en rustiger alternatief dus voor wie Spanje eens buiten de geijkte toeristische paden wil ontdekken.
Parador Olite
Paradores zijn hotels, maar gewoontjes zijn ze zeer zeker niet te noemen. Vaak zijn ze gevestigd op unieke locaties zoals in kastelen of kloosters. De Parador van Olite is daarop geen uitzondering: je slaapt er in de koninklijke residentie van de voormalige koningen van Navarra. Navarra was in de middeleeuwen een zelfstandig koninkrijk. Bovendien is de Parador in Olite de enige in de regio.
De grootschalige renovatie laat goed zien hoe hard de Parador in Navarra toe was aan een opknapbeurt. De renovatie kostte uiteindelijk 8,6 miljoen euro en pakte vrijwel het hele hotel aan: van nieuwe daken tot de renovatie en modernisering van de kamers.
Spanje mikt om duurzamer toerisme
Ook de Spaanse minister van Toerisme, Jordi Hereu, was aanwezig bij de heropening van de Parador in Olite. Hereu zei daarbij dat Spanje sterker en meer wil inzetten op natuur, cultuur en kleinschalig toerisme. Daarbij moeten bezoekers meer over het land worden verspreid en moet het toerisme minder afhankelijk worden van het hoogseizoen.
Navarra noemde hij een goed voorbeeld van het soort toerisme dat Spanje wil aantrekken: minder massaal en juist gericht op natuur, erfgoed, authenticiteit en gastronomie.
Toerisme groeit in Navarra
In Navarra merken ze al dat die aanpak werkt. De regio trekt de laatste jaren steeds meer toerisme en met name de buitenlandse bezoekers nemen toe. In 2025 waren dat er ruim 520.000, bijna 3 procent meer dan een jaar eerder. Samen gaven zij bovendien fors meer uit, ongeveer 420 miljoen euro, ruim 15 procent meer dan het jaar daarvoor.
Ook de werkgelegenheid in het toerisme groeit verder. Eind 2025 werkten ongeveer 29.000 mensen in de toeristische sector van Navarra, het hoogste aantal ooit gemeten in de regio.
Spanje gebruikt daarbij steeds vaker Europese subsidies om historische gebouwen op te knappen en duurzamer te maken. Alleen al in Navarra investeert Spanje ruim 86 miljoen euro aan Europees geld in 31 verschillende projecten voor duurzaam toerisme, historisch erfgoed en de modernisering van toeristische locaties, zoals de Parador van Olite.
Galicië zet groots netwerk voor duurzaam toerisme op