Dit wordt gesteld in een speciale editie over de obesitas-epidemie van het Brits medisch tijdschrift ‘The Lancet’. De voedingsindustrie manipuleert kleine kinderen, zo blijkt uit recente onderzoeken. Reclames hebben een grote invloed op het eetgedrag van kinderen. Zij zetten aan tot ongezond eten, wat leidt tot overgewicht en daarmee tot levensbedreigende ziektes en aandoeningen. Overgewicht lijkt wel een besmettelijke ziekte die we al jong oplopen en die zich via beeldschermen op tv en internet verspreidt.
Stimulans tot ongezond eten
“Dat reclame een grote invloed heeft op het eetgedrag van kinderen is wetenschappelijk ruimschoots bewezen”, verzekert Miguel Royo-Bordonada, onderzoeker van ENSAP (Nationale School voor Publieke Gezondheid in Spanje) en auteur van talrijke artikelen over dit probleem. Kinderen ontvangen jaarlijks 7.500 reclameberichten die hen aanzetten tot het eten van ongezonde producten, waarvan ten onrechte wordt beweerd dat ze gezond zijn. De producten worden bovendien gekoppeld aan positieve emoties en cadeautjes. In Nederland is eind 2016 om die reden besloten dat plaatjes van vrolijke kinderfiguren zoals de Minions worden verboden op verpakkingen van ongezonde voedselmiddelen. Dat heeft staatssecretaris Martin van Rijn van Volksgezondheid beslist.
Onterechte gezondheidsclaims
In reclames worden gezondheidsclaims gebruikt voor producten die naar medische maatstaven ongezond zijn. Men legt vooral de nadruk op aanwezige vitamines en mineralen, hoewel deze geen toegevoegde waarde hebben voor de gezondheid. Koekjes, gesuikerde ontbijtgranen, smoothies, zuivelproducten, delicatessen en fastfood zijn voorbeelden van calorierijke producten met een lage voedingswaarde en een hoog suiker-, vet- en zoutgehalte. Dit is ook misleidend voor ouders die het beste willen voor hun kinderen. Als de Spaanse autoriteiten zich zouden houden aan de criteria van de Wereldgezondheidsorganisatie WHO, zouden ze drie kwart van alle tv-reclames moeten verbieden. De zelfregulering van de industrie functioneert onvoldoende.
Eten voor een beeldscherm is ongezond
Uit het gezondheidsonderzoek ALADINO 2015 blijkt dat bij 41,3% van de 6-9-jarigen sprake is van overgewicht of obesitas. Belangrijke risicofactoren zijn: een tv op de slaapkamer en meer dan 2 uur per dag tv kijken. In vele onderzoeken is een directe correlatie aangetoond tussen meer tv kijken, meer eten en hoger gewicht. In Spanje eet 71% van de kinderen voor een beeldscherm, een ongezonde gewoonte.
Reclame vooral gericht op kinderen
De Gaceta Sanitaria publiceerde onlangs een onderzoek dat aantoont dat reclames voor ongezonde producten zich vooral richten op kinderen. Hierbij worden allerlei trucjes toegepast (fantasie, cadeaus) en informatie over de voedingswaarde van producten verzwegen. Bij kindermarketing gaat 82% van alle reclames over ongezonde etenswaren en bij volwassenen slechts 33%. Kinderen zouden beter beschermd moeten worden, omdat ze over te weinig kennis beschikken en daardoor kwetsbaarder zijn.
Geen reclame, geen overgewicht?
Volgens Marta Moreno van Universiteit UNED “is berekend dat een derde van alle kinderen met overgewicht en obesitas dat niet zouden hebben als ze geen voedingsreclames zouden zien”. Bovendien heeft te veel naar een scherm kijken een slechte invloed op je slaappatroon, wat een bekende risicofactor is voor obesitas.
Internet: nieuwe en grotere bedreiging
De toenemende betekenis van internet voor kinderen maakt alles nog erger. Zij kijken niet meer naar de tv, maar naar YouTube en andere platforms op tablets, laptops en mobieltjes. In een rapport van de WHO wordt erop gewezen dat deze digitale marketing nog veel lastiger te controleren valt. De politiek moet duidelijke regels opstellen om de obesitas-epidemie te stoppen. De WHO waarschuwt dat 80% van alle digitale reclames met de grootste invloed op de Britse schooljeugd, ongezonde producten betreft die niet meer in tv-reclames vertoond mogen worden.
Vrije keuze?
De voedingsindustrie is van mening dat consumenten zelf vrijelijk kiezen wat ze willen eten. Wetenschappelijk bewijs toont echter aan dat het tegenovergestelde het geval is: het individu is onderworpen aan de machtige invloed van de massadistributie, lage prijzen en intensieve reclamecampagnes. Deze creëren en bepalen de smaakvoorkeuren van consumenten. De bekende antropoloog Margaret Mead zei het al eerder: “je wisselt gemakkelijker van religie dan van voedingspatroon”. En dat weet de voedingsindustrie maar al te goed.