Waarom heten zoveel Spanjaarden Paco of Pepe?

door Judith Goeree
Paco en Pepe zijn twee van de meest voorkomende mannennamen in Spanje

Paco en Pepe zijn in Spanje al eeuwenlang veelgebruikte roepnamen. Wie in Spanje woont of het land bezoekt, hoort ze dagelijks op straat, op het werk en in de media. Deze roepnamen zijn zó ingeburgerd dat ze bijna zelfstandige voornamen lijken, maar in werkelijkheid gaan ze terug op twee klassieke Spaanse namen: Francisco en José.

In het kort

  • Paco en Pepe zijn veelgebruikte Spaanse roepnamen voor Francisco en José.
  • De herkomst van Paco en Pepe is niet eenduidig en deels gebaseerd op volksetymologie.
  • Paco wordt vaak gekoppeld aan Pater Comunitatis, maar daar is geen historisch bewijs voor.
  • Pepe wordt vaak verklaard via Pater Putativus, maar mogelijk komt het van het Italiaanse Beppe.
  • De populariteit hangt samen met traditie, taalontwikkeling en dagelijks gebruik.

Over Spaanse roepnamen

Dit soort namen worden in het Spaans hipocorísticos genoemd. Volgens het taalinstituut Real Academia Española (RAE) zijn dit verkorte, verkleinende of informele naamvormen die dienen als een vertrouwde of affectieve aanspreekvorm.

Voorbeelden zijn Pepe (José), Paco (Francisco), Lola (Dolores) en Nacho (Ignacio). In Spanje is het heel normaal dat iemand officieel José heet, maar in het dagelijks leven alleen als Pepe wordt aangesproken.

Het gebruik van zulke roepnamen is oud. Al in de klassieke oudheid gebruikten Grieken en Romeinen verkleinende en liefkozende naamvormen. De term hipocorístico komt uit het Grieks en betekent ‘liefkozend’.

Bestaan dit soort roepnamen ook in het Nederlands?

Ook in het Nederlands komen roepnamen en verkorte vormen veel voor. Namen als Jan (Johannes), Henk (Hendrik), Kees (Cornelis) of Els (Elisabeth) laten zien dat ook hier verkorting en klankverandering een rol spelen.

Toch is er een duidelijk verschil met Spanje. Nederlandse roepnamen blijven meestal herkenbaar en liggen dichter bij de oorspronkelijke naam. In Spanje kunnen roepnamen veel verder afwijken, zoals José dat Pepe wordt of Francisco dat verandert in Paco.

Dat maakt Spaanse roepnamen vaak minder voorspelbaar, maar juist ook karakteristiek voor de taal en cultuur. Juist die minder directe herkomst roept de vraag op waar namen als Paco en Pepe precies vandaan komen.

Waar komt Paco vandaan?

Paco is de roepnaam voor Francisco. De bekendste verklaring voor deze roepnaam is dat Paco afkomstig is van de Latijnse titel Pater Comunitatis, een eretitel die in de traditie wordt toegeschreven aan Franciscus van Assisi, de stichter van de Franciscaner orde. De eerste lettergrepen van deze titel vormen Pa-Co. Deze uitleg is wijdverbreid in Spanje en wordt zelfs genoemd in officiële woordenboeken, zoals die van de RAE.

Toch is het goed om te benadrukken dat dit een verklaring is die cultureel overtuigend is, maar historisch niet sluitend te bewijzen. Er zijn geen middeleeuwse documenten die aantonen dat Franciscus daadwerkelijk met de afkorting Pa-Co werd aangeduid.

Naast deze traditionele verklaring bestaan er taalkundig plausibele alternatieven. Sommige naamkundigen wijzen op natuurlijke fonetische verkortingen binnen de Spaanse naamtraditie, zoals de overgang van Francisco naar Pancho en vervolgens naar Paco, of verkortingen via tussenstappen als Frasco. Hoewel minder bekend, passen deze varianten goed binnen de Spaanse gewoonte om namen fonetisch te versimpelen.

Wat wel onbetwist is: Francisco was eeuwenlang een van de meest populaire jongensnamen in Spanje, waardoor Paco als roepnaam stevig verankerd raakte in de cultuur.

Waarom José ineens Pepe wordt

Pepe is de roepnaam voor José (Jozef). In religieuze teksten en iconografie uit de middeleeuwen en renaissance werd bij de naam van Jozef vaak de afkorting P.P. geplaatst, van Pater Putativus, ´veronderstelde vader´ van Jezus. De afkorting P.P. werd uitgesproken als Pe-Pe, en zo ontstond de roepnaam Pepe.

Tegelijk wijzen taalkundigen op een andere herkomst. Pepe kan zijn afgeleid van het Italiaanse Beppe, een verklein- en roepnaam van Giuseppe, de Italiaanse vorm van José. Via contact tussen Romaanse talen zou deze vorm in het Spaans zijn terechtgekomen.

De verklaring met P.P. geldt daarom als een voorbeeld van volksetymologie: een overtuigende, maar niet sluitend bewezen uitleg. Wat wel vaststaat, is dat José eeuwenlang een van de meest voorkomende namen in Spanje was. Daardoor kon de roepnaam Pepe zich breed verspreiden.

Waarom bleven Paco en Pepe zo populair?

Spanje kent een sterke vernoemingstraditie. Kinderen werden eeuwenlang genoemd naar heiligen, ouders en grootouders. Daardoor bleven Francisco en José generaties lang in omloop. Tegelijkertijd is Spanje een land waar informele roepnamen een vanzelfsprekend onderdeel zijn van het dagelijks leven. Namen als Lola (Dolores), Nacho (Ignacio), Kike (Enrique), Curro (Francisco) en Kiko (eveneens Francisco) laten zien hoe creatief en fonetisch speels de Spaanse naamcultuur is.

Bekende Spanjaarden hielpen de namen verder te verankeren in de naamcultuur. Bekende naamdragers, zoals flamencogitarist Paco de Lucía en voetballer Pepe Reina, houden deze roepnamen zichtbaar in het collectieve bewustzijn.

Waarom Paco en Pepe meer zijn dan bijnamen

Paco en Pepe zijn meer dan informele bijnamen. Ze zijn het resultaat van religieuze tradities, populaire etymologieën, taalkundige evolutie, sterke vernoemingsgewoonten en een cultuur die dol is op informele aanspreekvormen. Door de eeuwen heen zijn ze uitgegroeid tot iconische namen die een klein venster vormen op de Spaanse geschiedenis en mentaliteit.

Bronnen: El Español, eigen onderzoek redactie