Partido Popular gebruikte Caja Madrid als persoonlijke bank

door Else BeekmanElse Beekman
Gepubliceerd: Laatst gewijzigd
Partido Popular gebruikte Caja Madrid als persoonlijke bank

Dit blijkt uit correspondentie per e-mail en sms die donderdag door El País werden gepubliceerd. De bank – toen de vierde grootste kredietverstrekker van Spanje – werd niet alleen gesommeerd om kredieten te verstrekken, maar ook om familie en vrienden aan het werk te zetten. 

De meest opvallende zaak is wel die waarin de zoon van voormalig premier Aznar, José Aznar Botella, de toenmalige directeur van Caja Madrid, Miguel Blesa, probeert over te halen om te helpen een kunstcollectie van de Spaanse kunstenaar Gerardo Rueda te verkopen. Volgens Aznar Botella zou de totale collectie een waarde hebben van meer dan 50 miljoen euro. Expers van de bank zagen echter geen samenhang in de collectie en niet alle items waren van Rueda zelf, maar werden aan hem geschonken. Die experts vonden een waarde van 3 miljoen meer in de buurt  komen.

Nadat Blesa dus laat weten niet op de deal in te willen gaan, volgt er een e-mailwisseling tussen hem en de zoon van de voormalig premier, door wie hij op zijn post als hoofd van de bank werd gezet. De zoon zegt erg teleurgesteld te zijn, waarop Blesa antwoordt dat er procedures gelden bij zijn bank en dat de bank niet zijn ‘boerderij’ is en dat hij zich aan de regels dient te houden.

Hiermee neemt de zoon van Aznar niet direct genoegen en later wordt via een andere weg nog gepoogd Blesa zijn beslissing terug te laten draaien. Blesa houdt echter zijn poot stijf. Ook als Alberto Ruiz Gallardon, de huidige minister van Justitie, maar toen nog burgemeester van Madrid, probeert een lening los te krijgen van 100 miljoen euro voor de bouw van een museum in Madrid, waar de werken van Rueda dan kunnen hangen. Blesa zegt dat een dergelijk groot krediet voor een gebouw dat enkel schilderijen moet herbergen, verboden is.

Zoon Aznar stuurt nog een bericht waarin hij zijn teleurstelling uitspreekt en ‘na alles wat we voor je gedaan hebben’. Uit de e-mails blijkt duidelijk dat Blesa zich in de ogen van de familie Aznar gedienstiger had moeten opstellen, aangezien hij zijn positie aan hen te danken had.

Uit de in bezit van de rechtbank zijnde correspondentie blijkt ook dat er altijd gedoe was tussen Esperanza Aguirr, toenmalig regiopresident van Madrid en Ruiz-Gallardon. Beide steunden andere mensen om posities te krijgen binnen de Caja Madrid. Met de publicatie van El Pais is nu wel duidelijk waarom.

Aznar ontkent, PSOE wil onderzoek

Aznar heeft ten stelligste ontkend druk te hebben uitgeoefend om wat voor lening dan ook los te krijgen en overweegt juridische stappen. De leider grootste oppositiepartij PSOE, Alfredo Perez Rubalcaba, uitte vrijdagochtend al kritiek op het feit dat Caja Madrid werd gered met Europees geld, terwijl de bank vol zat met ‘basura del PP’, vrijvertaald: rotzooi van de PP. De PSOE eist een onderzoek. De PP geeft aan dit tegen te zullen houden en zo tuimelen de berichten al over elkaar heen rond deze nieuwe ‘zaak Blesa’, die vanzelfsprekend wordt vervolgd.