S&P is de laatste van de drie kredietwaarderingsbureaus die de status van Spanje aanpast naar twee schalen boven de ‘afvalstatus’. Moody’s en Fitch gingen voor. Moody’s gaf ook een BBB-status, Fitch kende Spanje één trap hoger toe.
‘Spanje heeft voldoende capaciteit om aan de financiële verplichtingen te voldoen, maar is nog steeds gevoelig voor een terugval’, zo meldde S&P. Spanje heeft nu dezelfde status als Italië, Zuid-Afrika, de Fillipijnen en Colombia.
De hogere status is voornamelijk te danken aan een hogere groeiverwachting voor de Spaanse economie. Voor 2014 verwacht S&P een groei van 1,3% van het BBP en 1,8% voor 2015 en 2016. Daarnaast ziet de kredietbeoordelaar een herstel van de werkgelegenheid in het Zuid-Europese land. Dit heeft een positief effect op de overheidsinkomsten en de bankbalansen. Deze verbetering is volgens S&P een direct gevolg van de hervormingen die de Spaanse regering de afgelopen twee jaar heeft doorgevoerd.
De beoordelaar meldt dat de Spaanse rente op een zeer acceptabel niveau ligt van 3%. Dit is hetzelfde als de rente in landen die een maximale notering kregen van S&P, Moody’s en Fitch.