Spaans personeel voor peuter- en kleuteronderwijs staakt

door Else BeekmanElse Beekman
Gepubliceerd: Laatst gewijzigd
Spaans personeel voor peuter- en kleuteronderwijs staakt

Dat terwijl hun sector van cruciaal belang is voor de Spaanse economie. In Spanje zijn nauwelijks deeltijdbanen. Veel ouders moeten allebei werken en zijn daarvoor erg afhankelijk van de kinderopvang. De omstandigheden van het personeel in deze sector zijn echter zo precair dat  de vakbonden de 80.000 werknemers, zowel publiek als privaat, hebben opgeroepen om per vandaag gedurende vier dagen te gaan staken. Ze protesteren tegen de aanhoudende slechte arbeidsvoorwaarden en lage salarissen. Volgens de Europese Sociale Kaart kunnen 90% van deze werknemers als arm worden beschouwd.

De vakbond CCOO roept op tot een “urgentie voor de waardigheid van een sector met schandalige beloningen en omstandigheden”. De salarissen van deze beroepsgroep zijn al meer dan een decennium bevroren.

Jarenlange onderbetaling

In 2019 besloten docenten al te staken wegens een impasse in hun collectieve arbeidsovereenkomst. Ondanks twee jaar van onderhandelingen zijn de problemen niet opgelost. Deze professionals, voornamelijk vrouwen, zorgen voor baby’s en verdienen vaak niet meer dan het minimumloon.

Regionale verschillen

Aangezien het onderwijsbeleid in Spanje is gedecentraliseerd, bestaan er verschillende regels en voorwaarden per regio. Dit heeft geleid tot significante salarisverschillen, soms tot wel 40%, voor hetzelfde werk in verschillende autonome gemeenschappen. Hoewel het Spaanse minimumloon (SMI) de afgelopen jaren is gestegen, is het salaris van deze docenten sinds 2011 niet verhoogd. Tegelijkertijd zijn de kosten van levensonderhoud met 25% gestegen.

Overbelasting en kwaliteitsdaling

De werkdruk is hoog en niet alleen beperkt tot de lesuren. Docenten besteden ook veel tijd aan het voorbereiden van lessen en oudergesprekken zonder extra vergoeding. Daarnaast is er ook sprake van scheve leerling-leerkrachtverhoudingen. Er zijn teveel kinderen per medewerker en dit gaat ten koste van de kwaliteit van het onderwijs en maakt het moeilijk om tijdig leerlingen met speciale behoeften te identificeren. Verschillende studies hebben aangetoond dat onderwijs bij jonge kinderen cruciaal is voor hun cognitieve capaciteiten en het vroegtijdig kunnen vaststellen van mogelijke problemen. 

De CCOO wijst er in dit verband op dat in Spanje de aanbevelingen van de Europese Commissie in de praktijk worden verdubbeld. Optimaal is als één volwassene 4 baby’s onder zijn of haar hoede neemt als ze één jaar of jonger zijn. In Spanje is het gemiddeld 8 baby’s per medewerker. Tussen één en twee jaar is de aanbeveling zes en in de centra van Spanje ligt de verhouding tussen 12 en 14. Het ideale cijfer tussen twee en drie jaar is acht kinderen, terwijl de Spaanse praktijk kleuterleiders tussen 18 en 20 kinderen onder hun hoede hebben.

Bovendien stelt de norm dat elk kleuterlokaal één leraar en twee begeleiders moet hebben, maar ook hieraan wordt niet voldaan. Irene vertelt in El Diario: “In mijn geval ben ik alleen met 14 kinderen van een en twee jaar oud van acht uur in de ochtend tot vier uur in de middag. Ze kunnen niet lopen, je moet ze voeren terwijl je ze leert het alleen te doen, of rustig te zijn en met hun vriendjes, te spelen. Ofwel organiseer je jezelf en doe je het rustig aan, ofwel wordt het een chaos”, zegt de opvoeder

Oproep tot actie

Pedro Ocaña, secretaris van de Private en Sociaal-educatieve Diensten van FECCOO, bekritiseert de werkgevers voor hun “conservatieve en regressieve” benadering. Hij beweert dat zij alleen de precaire arbeidsomstandigheden van duizenden docenten willen handhaven.

De staking heeft brede steun gekregen van ouders, die zich bewust zijn van de problemen in de sector. Docenten eisen niet alleen betere salarissen, maar ook meer ondersteunend personeel en betere arbeidsomstandigheden.