De Spaanse economie groeide in het eerste kwartaal van 2026 met 0,6 procent. Dat is iets minder dan in de laatste drie maanden van 2025, maar de jaargroei versnelt naar 2,7 procent. De afzwakking aan het begin van het jaar hangt samen met de hogere energieprijzen na het uitbreken van de oorlog in Iran eind februari. Toch blijft de binnenlandse vraag de belangrijkste motor van de economie. Huishoudens geven meer uit en bedrijven blijven investeren, al wel iets voorzichtiger. Dat blijkt uit voorlopige cijfers van het Spaanse statistiekbureau INE.
In het kort
- Spaanse economie groeit 0,6 procent — jaargroei loopt op tot 2,7 procent.
- Binnenlandse vraag blijft motor — huishoudens geven meer uit en investeringen blijven positief.
- Handel helpt groei vooruit — export daalt licht, maar import daalt sterker.
- Landbouw blijft kwetsbare sector
De binnenlandse vraag was opnieuw de belangrijkste aanjager van de groei. Huishoudens gaven 0,6 procent meer uit dan in het vorige kwartaal. Volgens het ministerie van Economie komt dat door een sterke arbeidsmarkt en door maatregelen die de regering in maart nam om de hogere energieprijzen te dempen. De overheidsuitgaven stegen licht met 0,2 procent. Instellingen zonder winstoogmerk, zoals stichtingen en verenigingen, verhoogden hun bestedingen met 2 procent. De investeringen groeiden nog maar 0,4 procent, een duidelijke afkoeling vergeleken met het kwartaal ervoor. Toch blijft de trend positief. Bedrijven investeren vooral in intellectueel eigendom en in nieuwe apparatuur.
Handel remt groei niet af
De buitenlandse handel had een positief effect op de groei. De export daalde met 0,5 procent, maar de import daalde nog sterker, met 1,2 procent. Daardoor droeg de buitenlandse sector per saldo bij aan de economische groei. Het is de grootste daling van de import sinds de zomer van 2023.
Sectoren groeien, maar landbouw blijft achter
Bijna alle sectoren groeiden in het eerste kwartaal van 2026. De dienstensector steeg met 0,7 procent, de industrie met 0,4 procent en de bouw met 0,1 procent. De landbouw liet een sterkere kwartaalgroei zien van 3,3 procent, vooral door betere weersomstandigheden.
Op jaarbasis ontstaat een ander beeld. Dan groeit de bouw het sterkst, met 6,5 procent. De diensten volgen met 3,4 procent en de industrie met 1,8 procent. Alleen de landbouw krimpt op jaarbasis, met 3,4 procent. De sector blijft daarmee kwetsbaar, ondanks de opleving in het eerste kwartaal.
Inkomen van huishoudens stijgt licht
Het beschikbare inkomen van huishoudens steeg met 0,5 procent. De consumptie groeide iets harder, waardoor de spaarquote licht daalde. Volgens INE komt dat doordat gezinnen meer vertrouwen hebben in hun financiële situatie en daardoor makkelijker geld uitgeven.
Regering spreekt van ‘solide groei’
Het ministerie van Economie noemt de cijfers “solide” en wijst op de combinatie van economische groei, verbeterde werkgelegenheid en een dalende inflatie. Volgens het ministerie laat de Spaanse economie “veerkracht” zien, ondanks internationale onzekerheden en de gevolgen van de oorlog in Iran voor energieprijzen. Economen verwachten dat de groei in de rest van het jaar iets kan afzwakken, maar benadrukken dat Spanje het beter doet dan het Europese gemiddelde. De definitieve cijfers volgen later dit kwartaal.