Wooncrisis in Spanje kost Sánchez steun: somber perspectief voor links

Rechts stevent af op ruime meerderheid

door Elize van LoonElize van Loon
Pedro Sánchez en wooncrisis

Een nieuwe peiling schetst een somber beeld voor de Spaanse premier Pedro Sánchez. Als er vandaag verkiezingen zouden worden gehouden, zouden de conservatieve Partido Popular (PP) en het radicaal-rechtse Vox samen uitkomen op 203 zetels in het Spaanse parlement. Daarmee zouden zij ruim boven de grens van 176 zetels uitkomen die nodig is voor een absolute meerderheid.

De resultaten van de peiling van  El Mundo verschijnt op een gevoelig moment. Afgelopen weekend trokken tienduizenden mensen in verschillende Spaanse steden de straat op om te protesteren tegen de woningcrisis. De betaalbaarheid van wonen en het tekort aan huizen behoren inmiddels tot de grootste zorgen van veel Spanjaarden.

PSOE verliest steun

Volgens de peiling zou de PSOE van Sánchez 25,6 procent van de stemmen behalen. Dat is ruim zes procentpunt minder dan bij de verkiezingen van 2023. Omgerekend zou de partij uitkomen op 103 zetels, achttien minder dan het huidige aantal. De socialisten kampen al maanden met tegenwind. Naast de aanhoudende woningcrisis spelen ook politieke controverses en onvrede over het regeringsbeleid een rol. Veel kiezers lijken het vertrouwen in de regering te verliezen. Voor Sánchez komt dat op een lastig moment. De premier wordt al geruime tijd geconfronteerd met een versplinterd parlement, waardoor belangrijke hervormingen moeilijk door te voeren zijn. Juist op het dossier wonen is dat probleem zichtbaar geworden. Hoewel de regering maatregelen heeft aangekondigd, vinden veel burgers dat deze onvoldoende effect hebben.

Rechts profiteert van onvrede

De Partido Popular blijft volgens de peiling met afstand de grootste partij. De partij van Alberto Núñez Feijóo zou 32,6 procent van de stemmen behalen en uitkomen op ongeveer 140 zetels. Vox zet ondertussen zijn opmars voort. De partij van Santiago Abascal stijgt opnieuw en zou 63 zetels behalen. Dat zijn er fors meer dan bij de verkiezingen van 2023. Samen zouden PP en Vox goed zijn voor 50,9 procent van de stemmen. Meer dan de helft van de Spaanse kiezers zou dus voor een van beide rechtse partijen kiezen. Opvallend is dat een deel van de voormalige PSOE-kiezers rechtstreeks naar Vox overstapt. Daarnaast weet ook de PP stemmen bij de socialisten weg te halen. Volgens de peiling is ontevredenheid over het regeringsbeleid daarvoor de belangrijkste reden.

Woonprotesten leveren links weinig op

De massale demonstraties rond de woningcrisis lijken voorlopig nauwelijks voordeel op te leveren voor de partijen links van de PSOE. Sumar blijft steken op 6,6 procent van de stemmen. Podemos stijgt licht naar 3,3 procent. Samen zouden beide partijen nog slechts elf zetels behalen. Daarmee blijft een herstel van het linkse blok uit. Dat is opmerkelijk, omdat juist de woningmarkt het belangrijkste maatschappelijke thema van dit moment is. Veel waarnemers verwachtten dat partijen als Sumar en Podemos daarvan zouden profiteren. Volgens deze peiling gebeurt het tegenovergestelde.

Geen meerderheid voor premier

Zelfs wanneer Sánchez opnieuw zou samenwerken met regionale en nationalistische partijen zoals ERC, PNV, Bildu en BNG, zou hij volgens de peiling ver verwijderd blijven van een parlementaire meerderheid. Hoewel verschillende van deze partijen hun positie behouden of zelfs licht verbeteren, kunnen zij het verlies van de PSOE en de zwakke resultaten van Sumar niet compenseren. Het linkse blok zou uiteindelijk tientallen zetels tekortkomen om opnieuw een regering te vormen.

Alleen de Catalaanse partij Junts verliest duidelijk terrein. Een deel van die zetels lijkt volgens de peiling naar het nationalistische Aliança Catalana te verschuiven.

Kiezers lijken hun keuze al gemaakt te hebben

Een andere opvallende conclusie is dat het aantal twijfelende kiezers afneemt. Vooral onder de aanhang van PSOE en Sumar lijken de politieke voorkeuren steeds meer vast te liggen. Daardoor wordt de ruimte voor grote verschuivingen kleiner. Volgens de peiling zullen eventuele veranderingen vooral plaatsvinden in grote regio’s zoals Madrid, Catalonië, Andalusië en de regio Valencia. Of Pedro Sánchez daadwerkelijk vervroegde verkiezingen uitschrijft, blijft voorlopig onzeker. De cijfers laten echter zien dat de huidige politieke verhoudingen voor de premier weinig hoopgevend zijn. Waar de woningcrisis de druk op zijn regering verder opvoert, lijkt de onvrede onder kiezers voorlopig vooral in het voordeel van de rechterzijde uit te pakken.