Zesde droogste hydrologische jaar van deze eeuw in Spanje

door Else BeekmanElse Beekman
Gepubliceerd: Laatst gewijzigd
Zesde droogste hydrologische jaar van deze eeuw in Spanje

De bekkens van de rivieren Guadiana en Guadalquivir en zuidelijke bekkens kampten met de langste droogte en in de oostelijke Pyreneeën en de Ebro was de droogte het hevigst. Dat is de conclusie na het afsluiten van het zesde droogste hydrologische jaar – 2022-2023 – van deze eeuw. Er viel 12 procent minder neerslag dan normaal.

Het is het twaalfde droogste jaar sinds 1961, toen de historische reeks begon, bevestigde het Spaanse Staatsbureau voor Meteorologie (AEMET). De geaccumuleerde neerslag bedroeg 561 liter per vierkante meter op het schiereiland. Dat is 12 procent minder dan de normale hoeveelheid van 640 liter binnen de referentieperiode 1991-2020. 

Deze waarde geeft het recent afgesloten hydrologische jaar een ‘droog’ karakter. Kijkend naar heel Spanje, inclusief eilanden, zou de neerslag over heel Spanje 555 liter per vierkante meter bedragen. Ook dat is 12 procent minder dan het gemiddelde voor de referentieperiode 1991-2020 (634 liter per vierkante meter). 

Watertekort

Del Campo gaf aan dat het watertekort meer dan 25 procent is in het noordoosten en zuidwesten van het schiereiland, in meer afgelegen gebieden van Asturië, Cantabrië en Baskenland en op het grootste deel van de Canarische Eilanden, voornamelijk op de meest oostelijke eilanden. La Palma en de zuidelijke helft van Tenerife zijn de uitzonderingen.

Volgens de gegevens bevindt Spanje zich vanaf 2022 in een situatie van langdurige meteorologische droogte. Del Campo benadrukt de situatie van de bekkens van de oostelijke Pyreneeën, met name Catalonië, en de Ebro, dat wil zeggen het hele noordoostelijke derde deel van het schiereiland, waar sprake is van de meest intense droogte, hoewel ‘alle’ bekkens met neerslagaccumulatie in droogte verkeren.  

De Guadiana, Guadalquivir en zuidelijke bekkens lijden onder de langste meteorologische droogte sinds ten minste 1961, en hij wijst erop dat in deze drie bekkens de droogte begon in het voorjaar van 2016, meer dan zeven jaar geleden. ‘Het is niet de meest intense droogte, maar het is de langste in de hele historische reeks, die begon in 1961 en in duur die van de jaren ‘80 en ‘90 al overtreft’, aldus Del Campo.

Hij vergeleek de huidige droogte met die van de jaren 1980, 1990, 2000 en van de afgelopen jaren. Zijn conclusie is dat de huidige droogte ‘niet zo lang is als die van het begin van deze eeuw of de grote droogtes van het einde van de 20e eeuw, maar wel zeer intens is’.

Helpt het als komende maanden natter worden dan normaal?

Hoewel de weersvoorspelling suggereert dat de komende maanden, tot februari, natter zouden kunnen zijn dan normaal, gelooft Del Campo niet dat de droogte nog kan worden gestopt, hoeveel regen er ook valt. Hij geeft aan dat om een einde te maken aan de langdurige meteorologische droogte tussen deze herfst en de winter er twee ‘zeer, zeer regenachtige’ seizoenen zouden moeten zijn, die tot de natste in de historische reeks behoren.  

Om terug te keren naar normale waarden zou er minstens 230 liter meer per vierkante meter moeten vallen dan het gemiddelde. Dat is sinds 1961 slechts een keer voorgekomen, in het jaar 1965.