Dat blijkt uit een lijst in een voorlopig document van het Europees Parlement van de belangrijkste begunstigden van de landbouw- en veeteeltsubsidies in 2018 en 2019. Milieugroeperingen en kleine landbouwers zijn niet blij; de lijst bevestigt het klassieke idee dat het leeuwendeel van de Europese financiering van het GLB (Gemeenschappelijk Landbouwbeleid) naar slechts een paar begunstigden gaat.
Spaanse begunstigden
Op de lijst met prominente Spaanse bedrijven staan Vega Mayor SL, van de Florette Groep (7,5 miljoen euro tussen 2018 en 2019) en de Entrepinares Groep, een van de grootste kaasbedrijven in Spanje (5,6 miljoen euro). Freixenet, wereldleider op het gebied van cava, ontving in 2018 een GLB-subsidie van 2,2 miljoen euro. Bodegas Protos (Ribera del Duero wijnen) staat ook in de top 50 van begunstigden (2,6 miljoen euro in 2018 en 3,2 miljoen euro in 2019).
Verder staan bedrijven op de lijst die zich bezighouden met intensieve veeteelt, zoals Campofrío (5,9 miljoen euro in 2019) of Faccsa (3,3 miljoen euro in 2019), maar ook industriële landbouwcoöperaties zoals Primaflor (5,6 miljoen in 2018) en Agroiris (4,6 miljoen in 2018 en 4,4 miljoen in 2019), voedseldistributeurs, bijvoorbeeld Mercadona, (1,8 miljoen in 2018) en Telefónica (2,6 miljoen euro in 2019).
Intensieve en industriële landbouw en veeteelt
‘Deze gegevens tonen aan dat de subsidies ten goede komen aan een intensief en industrieel landbouw- en veeteeltmodel’, zegt Andrés Muñoz, hoofd Voedselsoevereiniteit bij de organisatie ‘Amigos de la Tierra’, die valt onder het platform ‘Por otra PAC’ (Voor een Ander GLB).
Veel andere subsidieontvangers dragen met hun activiteiten indirect bij aan de snelle opkomst van macro-boerderijen, door de productie van voer voor landbouwhuisdieren. Op de lijst staan ook Compañía Canaria de Piensos (7,2 miljoen euro in 2018), Piensos del Atlántico (3,8 miljoen euro in 2018), Graneros de Tenerife SL (7,1 miljoen euro in 2018) en Cereales Archipiélago SL (6,8 miljoen euro tussen 2018 en 2019).
Grote ecologische voetafdruk
‘De meeste van deze veevoerproducenten hebben een grote ecologische voetafdruk, omdat veel voer behalve granen, ook sojabonen bevat die uit Amerika worden aangevoerd. En de producenten leveren voer voor de intensieve veeteelt’, verklaart Inmaculada Lozano, boerin en woordvoerder van het platform Stop Industriële Veehouderij. Zij vervolgt: ‘Deze manier van veeteelt heeft rechtstreeks gevolgen voor het milieu, vooral binnen de varkenshouderij, waar enorme hoeveelheden water nodig zijn voor het fokken. Bovendien wordt het grondwater verontreinigd het filtreren van drijfmest, het mengsel van uitwerpselen en urine’.
Halt
Deze enorme subsidies aan de grote bedrijven in de voedingssector dragen niet alleen bij aan het misbruik van grond, maar leidt ook tot ongelijkheden op de markt. Dit wordt aan de kaak gesteld door UPA, de Unie van Kleine boeren en Veeboeren, die stelt dat grote producenten hun prijzen op de markt kunnen verlagen door deze subsidie en daardoor een concurrentievoordeel hebben ten opzichte van de kleine boeren. ‘We kunnen niet blijven toezien hoe grote bedrijven de hoofdbegunstigden zijn van het GLB terwijl kleine boeren en veeboeren met lege handen achterblijven,’ zegt Lorenzo Ramos, secretaris-generaal van UPA.
Nieuwe criteria voor een eerlijk GLB
Terwijl Europa onderhandelt over de criteria voor het nieuwe GLB 2023-2027, vinden zowel milieuactivisten als kleine boeren dat het tijd is om deze jarenlange gang van zaken recht te zetten. In een tijd waarin het zo slecht gaat met het klimaat, moeten strengere milieucriteria een van de prioriteiten zijn voor het nieuwe GLB, en moeten de bedrijven die in aanmerking komen voor subsidie de rechten van hun werknemers respecteren. Dat nieuwe GLB zou het milieu, arbeidsveiligheid, voedselgezondheid en de strijd tegen de ontvolking als criteria moeten hanteren.
Minder boeren door GLB
‘De laatste 10 jaar heeft Europa een kwart van zijn landbouwers verloren door het financieringsmodel van het GLB. Omdat het systeem gebaseerd is op oppervlakte worden grootgrondbezitters en grote bedrijven bevoordeeld. Veel van hen werken op manieren die schadelijk zijn voor de gezondheid, het platteland en het klimaat. Als we echt een groen en eerlijk GLB willen, betekent dit dat we de spelregels moeten veranderen, zodat het geld naar kleine agro-ecologische landbouwbedrijven gaat,’ zegt Florent Marcellesi, mede-woordvoerder van de Spaanse groene partij EQUO en voormalig lid van het Europees Parlement.
Gezond platteland
Volgens UPA kunnen alleen kleine familieboerderijen garanderen dat zij produceren met respect voor de arbeidsrechten en met behoud van de ecosystemen op het platteland. ‘Niemand geeft meer om het milieu dan de kleine boer die dagelijks op het veld staat en meewerkt aan een gezond platteland. Industrialisatie is alleen gericht op ‘massaal produceren’ zonder de inzet van plaatselijke arbeidskrachten en zonder een bijdrage te leveren aan de plattelandseconomie,’ stelt Ramos, ‘milieu- en arbeidsveiligheid, voedselhygiëne en strijd tegen ontvolking. Dit moeten de pijlers zijn van het volgende GLB.’