De zwarte geschiedenis die Spanje eeuwenlang verzweeg

Valencia en andere steden herontdekken hun slavernijverleden en de rol van zwarte gemeenschappen die eeuwenlang deel uitmaakten van het stedelijke leven.

door Judith Goeree
Afrikaanse vrouwen zien de slavernij geschiedenis in Spanje steeds meer zichtbaarheid krijgen

Wie vandaag door de Plaza del Mercado Central in Valencia loopt, ziet vooral terrassen, marktkramen en toeristen die de modernistische koepel bewonderen. Maar volgens onder meer El País was dit eeuwenlang een van de belangrijkste plekken voor de handel in tot slaaf gemaakte Afrikanen. In de nabijgelegen Posada del Camell, inmiddels verdwenen, werden soms meer dan honderd mensen tegelijk vastgehouden in afwachting van een veiling. Toch herinnert niets in de openbare ruimte aan dat verleden. Het is een stilte die veel zegt over hoe Spanje zijn geschiedenis heeft vormgegeven — en vooral wat het heeft weggelaten.

In het kort

  • Valencia onderzoekt openlijk zijn zwarte geschiedenis en slavernijverleden.
  • De Plaza del Mercado Central was eeuwenlang een centrum voor slavenhandel.
  • Zwarte gemeenschappen maakten al sinds de middeleeuwen deel uit van Spaanse steden.
  • Historici stellen dat zwarte aanwezigheid bewust uit het nationale verhaal verdween.
  • Projecten en wandelroutes brengen vergeten Afro-Spaanse geschiedenis opnieuw in beeld.
  • Volgens onderzoekers werkt het historische wissen van zwarte gemeenschappen door in hedendaags racisme.

De routes die de stad een andere betekenis geven

De Valenciaanse cultuurmanager Deborah Ekoka probeert dat stilzwijgen te doorbreken. Met Cartografías de la memoria negra ontwikkelde zij wandelroutes en activiteiten die de historische aanwezigheid van zwarte en islamitische gemeenschappen in Valencia zichtbaar maken. Het project steunt op onderzoek van historicus Jesús Cosano en werkt samen met l’ETNO, het Museu Valencià d’Etnologia. Ekoka, dochter van een Equatoriaal‑Guinese vader die als Spaans staatsburger naar Valencia kwam, groeide op met de vraag waar ze “echt” vandaan kwam. Haar ervaring laat zien hoe diep het idee geworteld is dat zwart zijn niet Spaans kan zijn, terwijl de geschiedenis het tegendeel bewijst.

Een nationale herwaardering van het slavernijverleden

Valencia staat niet alleen. Ook Madrid, Barcelona, Sevilla en Cádiz ontwikkelen routes, tentoonstellingen en academische projecten die het slavernijverleden opnieuw onder de aandacht brengen. De bronnen zijn er altijd geweest: notariële akten, stedelijke archieven, kerkregisters en zelfs verslagen van de Inquisitie. Toch ontbraken zwarte gemeenschappen vrijwel volledig in het nationale verhaal. Dat staat in contrast met historische getuigenissen. Cervantes beschreef Sevilla ooit als een “schaakbord” van zwarte en witte bewoners, een beeld dat haaks staat op het idee van een homogeen, wit Spanje.

De straatnamen die werden herschreven

Soms is het verleden nog zichtbaar in het stratenplan. Madrid heeft nog steeds een Calle de las Negras (Straat van de zwarte vrouwen). Valencia had eeuwenlang de Carrer dels Negres (Straat van de zwarte mensen), een centrum van zwarte gemeenschappen. Maar de straat heet nu Calle de las Almas. Het is een subtiele vorm van uitwissing, zegt Ekoka, die benadrukt dat het verdwijnen van geschiedenis niet alleen in archieven gebeurt, maar ook in de ruimte zelf, in wat we benoemen en wat we laten verdwijnen.

Valencia als centrum van de slavernij

Volgens historicus José Antonio Piqueras, directeur van de UNESCO‑leerstoel Esclavitudes y Afrodescendencia (Slavernij en Afro-afkomst), was Valencia rond 1500 een van de belangrijkste slavernijcentra van het Iberisch schiereiland. Tussen 1490 en 1520 kwamen er meer tot slaaf gemaakte Afrikanen aan dan in heel Amerika in dezelfde periode. Rond 1500 was één op de drie Valenciaanse kooplieden actief in de slavenhandel. In sommige periodes bestond veertien procent van de bevolking uit tot slaaf gemaakte mensen, van wie ongeveer de helft zwart was. Hun aanwezigheid was alomtegenwoordig: in huishoudens, ambachten, handel en op straat.

Slavernij was niet altijd geracialiseerd

Piqueras benadrukt dat slavernij in Spanje vóór de vijftiende eeuw niet gekoppeld was aan huidskleur. Veel tot slaaf gemaakte mensen kwamen uit de Kaukasus, Bulgarije of Griekenland. Pas toen de massale aanvoer uit Afrika goedkoper werd, ontstond de koppeling tussen “slaaf” en “zwart”. Die associatie zou eeuwenlang doorwerken en vormt een fundament onder hedendaagse vooroordelen.

De Cofradía de los Negros: een vergeten broederschap

Midden in Valencia, bij de huidige Plaza de San Agustín, stond vanaf 1472 de Cofradía de los Negros de la Sagrada Virgen María de la Misericordia. De broederschap werd opgericht door veertig zwarte vrijgelaten mannen en geldt als een van de oudste zwarte broederschappen van Europa. Het was niet alleen een religieuze organisatie, maar ook een sociaal vangnet. De archieven vertellen verhalen zoals die van Ursola, een tot slaaf gemaakte vrouw die na mishandeling werd opgevangen door de broederschap. Zij kreeg medische hulp, haar eigenaar werd aangeklaagd en uiteindelijk werd haar vrijheid afgekocht. Zulke verhalen tonen dat zwarte gemeenschappen niet alleen slachtoffers waren, maar ook actief hun eigen structuren van bescherming en solidariteit opbouwden.

Waarom deze geschiedenis nu terugkeert

Volgens activisten zoals Yeison F. García López van Conciencia Afro houdt hedendaags racisme deels stand door het historische uitwissen van zwarte aanwezigheid. Als zwarte Spanjaarden worden gezien als “nieuw” of “vreemd”, komt dat doordat hun eeuwenlange geschiedenis nooit is verteld. Daarom pleiten onderzoekers en gemeenschappen voor een brede herwaardering van het nationale verhaal, van het onderwijs tot de openbare ruimte en van archieven tot culturele productie. Het doel is niet alleen historische correctie, maar maatschappelijke erkenning.

Een andere blik op de stad

Wie met een van de routes door Valencia meeloopt, merkt dat de stad zich stukje bij beetje anders laat lezen. De Mercado Central blijft een modernistisch icoon, maar krijgt een tweede laag: die van een plek waar eeuwenlang mensen werden verhandeld. De Calle de las Almas blijft een gewone straat, maar wie weet dat zij ooit Carrer dels Negres heette, ziet opeens een verdwenen gemeenschap oplichten tussen de gevels. Het zijn verschuivingen in perspectief die de manier waarop je door de stad beweegt ongemerkt beïnvloeden..

Voor veel deelnemers is dat misschien wel het meest ingrijpende effect van deze routes: het besef dat de stad die ze dachten te kennen, altijd meer verhalen heeft gedragen dan er zichtbaar waren. De geschiedenis wordt aangevuld, uitgebreid, opnieuw in balans gebracht. Daardoor verandert de manier waarop bewoners en bezoekers zich tot Valencia verhouden. Niet omdat de stad zelf verandert, maar omdat de blik waarmee men haar leest, minder selectief wordt.

Ekoka verwoordt het als een proces dat niet eindigt bij de route zelf. Wie eenmaal weet wat hier gebeurde, loopt nooit meer gedachteloos dezelfde straten door. De stad blijft dezelfde, maar de betekenis van haar plekken verschuift — en dat maakt het verleden niet alleen zichtbaar, maar ook voelbaar in het heden.