Spanje als datacenter‑hub: goed idee in een land van droogte met verzadigd stroomnet?

door Else BeekmanElse Beekman

Spanje presenteert zich steeds nadrukkelijker als toekomstige datacenter‑hub van Zuid‑Europa. Volgens gespecialiseerde databases telt het land inmiddels grofweg tussen de 150 en ruim 200 datacenters, afhankelijk van de definitie en bron. Tegelijk zitten er nog tientallen nieuwe projecten in de pijplijn. Maar die groeidrang botst in de praktijk met de werkelijkheid van structurele waterschaarste in grote delen van het land en een elektriciteitsnet waarvan inmiddels meer dan tachtig procent van de aansluitpunten als verzadigd geldt.

In het kort

  • Al tegen de 200 datacenters in Spanje en counting…
  • Onderzoeksrapport verwacht tot 2035 ruim 80 miljard aan investeringen in datacenters
  • Alleen: Spanje kampt regelmatig met waterschaarste en heeft verzadigd stroomnet
  • Twee duidelijke voorbeelden van hub-ambities versus realiteit in Zaragoza en Talavera
  • Zijn nieuwe regels over energie- en waterverbruiksrapportage afdoende?

Een recent rapport van Arcano Research, de macro‑ en technologietak van financiële dienstverlener Arcano Partners, schetst hoe Spanje zich kan profileren als Europese datacenter‑hub, met tientallen miljarden aan potentiële investeringen, nog relatief betaalbare locaties, goede internationale connectiviteit en een stabiele geopolitieke positie.

Het rapport concludeert dat er tot 2035 meer dan 80 miljard euro in datacenters kan worden geïnvesteerd. Met zo een investering zou het Spaanse bbp de komende tien jaar met ruim 220 miljard euro kunnen groeien. Ook zou het honderdduizenden hooggekwalificeerde banen opleveren. In Spanje staat Madrid inmiddels te boek als de vijfde datacentermarkt in EMEA (Europa, Midden-Oosten en Afrika), met een huidige capaciteit van ongeveer 538 megawatt (MW) en prognoses die oplopen tot ruim 1.100 MW in 2030.

Die investeringsgolf wordt niet alleen verkocht als motor voor groei en banen, maar zou ook dienen als bouwsteen van ‘digitale soevereiniteit’. Want meer rekenkracht, opslag en cloudcapaciteit op Spaans grondgebied betekent minder afhankelijkheid van datacenters elders in Europa of daarbuiten.

Een industrie met grote dorst in een land van droogte

Deze economische voorstelling staat haaks op een andere realiteit: Spanje behoort tot de Europese landen met de grootste kwetsbaarheid voor structurele droogte en waterschaarste. Datacenters verbruiken in veel gevallen ook grote hoeveelheden water voor koeling. In droge regio’s vergroot dat de druk op toch al schaarse voorraden voor irrigatie, drinkwater en natuur.

Hyperscale‑datacenters, daaronder de megacomplexen van Amazon, Microsoft, Google of Meta, kunnen per jaar tientallen miljoenen liters water gebruiken, afhankelijk van koelsysteem en locatie. Precies zulke projecten worden nu uitgerold in gebieden die al jaren met droogte‑maatregelen te maken hebben.

Een stroomnet dat al vol zit

Daar komt bij dat de Spaanse elektriciteitsinfrastructuur zelf ook onder zware druk staat. Uit de eerste homogene capaciteitskaarten van de netwerkbeheerders blijkt dat 83 à 84 procent van de aansluitpunten in de landelijke distributienetten verzadigd is. Dat betekent dat op het merendeel van de knooppunten geen ruimte meer is om grote nieuwe verbruikers aan te sluiten.

In Andalusië is de situatie nog nijpender. Volgens recente cijfers heeft 93 procent van de toegangsknooppunten in de regio zijn maximum bereikt. Van de bijna 12.000 MW aan capaciteit is slechts ruim 1.000 MW nog vrij toe te wijzen. Volgens een analyse van de gemeente Málaga, op basis van gegevens van Endesa, zijn de distributienetten in Almería, Granada, Jaén en Málaga inmiddels zo goed als 100 procent verzadigd. Dat blokkeert nieuwe aansluitingen voor grote industrie, zonneparken én datacenters.

Desondanks wordt Málaga ook gepresenteerd als aantrekkelijke locatie voor nieuwe datacenters. Er zijn zes bestaande faciliteiten en een gepland project van rond de 100 MW IT‑capaciteit in Málaga TechPark. Dat geplande project kan echter alleen doorgaan als er eerst extra netcapaciteit wordt vrijgemaakt.

Spanje profileert zich dus als datacenter-hub, terwijl zowel water‑ als stroominfrastructuur op veel plekken aan hun grenzen zitten.

Aragón: megadatacenters langs een slinkende Ebro

Een van de meest zichtbare voorbeelden is Aragón, met Zaragoza als kern. Deze regio wordt actief als digitale voorloper gepromoot en huisvest inmiddels ook de grootste datacenters van het land. Amazon Web Services en Microsoft investeren er miljarden in een netwerk van datacenters. Voor de AWS‑locaties in Aragón is een waterverbruik van circa 755.000 kubieke meter per jaar vergund, vooral voor koeling.

Dat is vergelijkbaar met het jaarverbruik van een middelgrote stad. Dit verbruik komt bij de bestaande irrigatie, industriële en huishoudelijke vraag in een stroomgebied waar debieten van de rivier de Ebro al jaren onder druk staan. De bedrijven benadrukken dat het in verhouding tot het totale wateraanbod beperkt blijft. Desondanks waarschuwen boeren en milieugroepen dat elk nieuw grootverbruikersblok in een kwetsbaar bassin de marges verder verkleint.

Talavera: megadatacenter in een dorre La Mancha

Een tweede casus is het megadatacenter dat Meta in Talavera de la Reina (Castilla‑La Mancha) wil bouwen. Daar deze regio kampt met een demografische en economische achterstand, ziet de regionale overheid het project als kans op honderden banen en nieuwe infrastructuur. Maar La Mancha behoort ook tot de gebieden waar droogte en uitputting van grondwater de afgelopen jaren hebben geleid tot beperkingen voor landbouw en lokale watervoorziening.

Daarom rijst hier dezelfde vraag als in Aragón: als boeren en huishoudens worden gevraagd minder water te gebruiken, hoe legitiem is het om miljoenen extra liters toe te wijzen aan een serverpark dat vooral internationale datastromen en AI‑diensten faciliteert?

Hoeveel datacenters kan Spanje aan en vooral: waar kunnen ze worden gebouwd en met welke technologie zonder de bestaande spanningen rond water en netcapaciteit verder te verergeren?

Strengere regels tussen rem en noodzaak

Voor de regering en Spain DC hoort digitale soevereiniteit bij de nationale veiligheids‑ en concurrentiestrategie. Kritieke data en infrastructuur moeten in Europa en bij voorkeur in Spanje staan. Maar diezelfde keuze om meer datacenters naar het land te halen, verlegt de druk op water, stroomnet en ruimte juist naar kwetsbare regio’s binnen het land.

De Spaanse regering probeert de spanning deels te adresseren met nieuwe regels. Een ontwerp‑koninklijk besluit verplicht grote datacenters (meer dan 1 MW) tot rapportage over energie‑ en waterverbruik, restwarmte, efficiëntie en sociaaleconomische impact, plus plannen voor hergebruik van restwarmte. In een recent pakket maatregelen is bovendien vastgelegd dat datacenters niet langer tot de “prioritaire” energiegebruikers behoren, in tegenstelling tot woningen en andere vitale diensten.

De brancheorganisatie Spain DC waarschuwt dat te strenge of onduidelijke voorschriften investeerders richting andere landen kunnen duwen en dat Spanje zo miljarden aan geplande investeringen kan mislopen. Voor milieugroepen en water‑ en energiespecialisten vormen dezelfde regels juist een noodzakelijke stap om eerst de grenzen van de fysieke systemen te erkennen, voordat overheden beslissen hoeveel ruimte er überhaupt is voor een nieuwe, intensieve industrie.

Wie krijgt voorrang als het schaars wordt?

Het debat draait uiteindelijk niet om één datacenter in Aragón, één megacomplex in Talavera of één project in Málaga TechPark, maar om de vraag welke activiteiten voorrang krijgen in een land dat structureel droog is én een verzadigd stroomnet heeft. Moeten overheden dataverkeer en AI‑toepassingen behandelen als vitale infrastructuur, vergelijkbaar met drinkwater en woningen, of als een economische sector die binnen strikte hydrologische en elektrische randvoorwaarden moet opereren?

Die vraag heeft expliciet antwoord nodig als Spanje serieus werk wil maken van zowel digitale soevereiniteit als klimaat‑ én energie‑bestendigheid. Dat betekent niet alleen marketing over het worden van een ‘hub’, maar duidelijkere keuzes over locatie, koelingstechnologie en maximale water‑ en energiebudgetten per stroomgebied en per netknooppunt. Een strategie die rekening houdt met de rivierbeddingen, netstations, aquifers en akkers waar die hub uiteindelijk op rust.

Wil je zien waar in Spanje al datacenters staan? Kijk dan op datacentermap.com/spain/. Op een duidelijke kaart zie je dan dat er al 70 zijn rond Madrid, 30 rond Barcelona, 11 rond Valencia en 7 rond Málaga. Als je inzoomt zie je om welke bedrijven het gaat.